Grootste misverstand over de islam

In de Volkskrant kwam de Iraans/Amerikaanse Reza Aslan aan het woord. Hij kreeg grote bekendheid in 2013 toen hij op Fox News geïnterviewd werd over zijn bestseller De zeloot – Het leven van Jezus van Nazareth en de geboorte van een religie. Presentator Lauren Green vroeg zich af waarom Aslan, een moslim, in hemelsnaam een boek zou schrijven over Jezus. Hij legde uit dat hij een godsdienstwetenschapper is en gespecialiseerd in het Nieuwe Testament, en dat hij toevalligerwijs ook moslim is. Maar de Fox-presentator was nog steeds niet tevreden:

‘Maar waarom zou u geïnteresseerd zijn in de grondlegger van het christendom?’

‘Omdat dit mijn werk is’,

reageerde Aslan verbaasd terwijl hij zijn handen op zijn borst klemde, alsof er sprake was van een pijnlijk misverstand.

Indien er een atheïst een boek over Jezus of over God zou geschreven hebben zou niemand er van opkijken, maar een moslim blijkt toch iets heel anders te zijn.

Na dat interview schoot Aslans populariteit omhoog en belandde hij in het centrum van het Amerikaanse islamdebat. Hij werd de knuffelmoslim van Amerika.

Aslan kijkt naar onze wereld en stelt:

‘Er bestaat het idee dat de beleving van de islam op de een of andere manier fundamenteel anders zou zijn dan de beleving van het christen– of jodendom. Dat is niet alleen het grootste misverstand over de islam, maar ook de bron van islamofobie, zowel aan de linker- als de rechterkant van het spectrum. De islam wordt behandeld alsof die uniek is, niet divers en eclectisch, alsof deze religie niet onderhevig is aan verandering en ontwikkeling. Alsof de islam niet bestaat uit duizend variëteiten.

+

Vindt ook:

  1. Godsdienstwetenschapper: “Religie is geen keuze, geloof is een keuze”
  2. Mensen zijn gewelddadig niet religies
  3. Gelijk gelovenden
  4. Lees meer in de Volkskrant: Religie is geen keuze, geloof is een keuze

+++

Gerelateerd

  1. Nieuwkomers, nieuwelingen, immigranten, allochtonen en import
  2. Is Islamfobie uitgevonden door fundamentalistische regimes
  3. De massale immigratie in West-Europa onder de vlag van de Islam gaat steeds meer aanleiding geven tot een etnische burgeroorlog!
  4. Islam is bezig Europa veroveren met “Al–Hijra” migratie(“stealth jihad”)!
  5. Links neo- Marxisten willen zo snel mogelijk een Islam staat van Europa maken
  6. De stand na vijf dagen
  7. ‘I Could No Longer Live According to the Principle of ‘Schein und Sein’ – Pretending to be a Muslim and Free as well’
  8. Reza Aslan
  9. “Fresh Bread” Book Discussions
  10. Review: Zealot. The Life and Times of Jesus of Nazareth – Reza Aslan
  11. A Life of Pretending: Being Egyptian and Atheist
  12. God-Reza Aslan
  13. God: A Human History, by Reza Aslan
  14. God: A Human History, by Reza Aslan (All American)
  15. God by Reza Aslan
  16. “God: A Human History” by Reza Aslan (Buried Bibliophile)
  17. “You Are God.” – A Review of God: A Human History by Reza Aslan
  18. Reza Aslan’s new book, in which he becomes a pantheist
  19. Sam Harris versus Reza Aslan
  20. Garry Wills whitewashes the Qur’an
  21. Fired CNN host Reza Aslan: “It’s time to treat Donald Trump as an enemy of the state” | Salon.com
  22. Religionship
  23. A “Dear Reza” note from a Bangladeshi woman
Advertisements

Bijbel en Wetenschap – Geloof en onderzoek een wetenschappelijke benadering

Schepping, intelligent design, evolutie

Ontstaan en ontwikkeling van het leven op aarde (1)

Eind 2005 ontstond er enige opwinding over een voorstel van de Nederlandse Minister van Onderwijs om een discussie te organiseren over ‘ID’ (intelligent design = intelligent ontwerp). ID is als begrip komen overwaaien uit de Verenigde Staten en duidt op de geclaimde bewijzen dat onze wereld niet door toeval kan zijn ontstaan, maar dat er een ‘intelligent’ plan aan ten grondslag moet liggen. Deze gedachte is op zich niet nieuw, maar heeft nu een nieuwe naam. De strijd van sommige orthodox-christelijke groepen in de VS, om op scholen het zogenaamde ‘creationisme’ (scheppingsleer) te onderwijzen naast het
neodarwinisme’ (evolutieleer), is echter al veel ouder, en heeft feitelijk noch de serieuze Bijbeluitleg, noch de objectieve wetenschap veel goed gedaan. Het was daarom niet verwonderlijk dat het voorstel van de minister allerlei voorvechters uit beide kampen meteen weer de barricaden op joeg. Helaas is het daarbij gebleven.

De discussie is op zichzelf interessant genoeg. En wetenschappelijk gezien is er niets mis met een discussie over verschillende opvattingen. In de wetenschap is dat een normale manier om voortgang te boeken. Maar het onderwerp ‘het ontstaan van de wereld’ is zo beladen dat aan beide kanten sprake is van duidelijk fundamentalisme, waardoor ‘extremisten’, die het hardst roepen, het beeld bepalen. En omdat zij de discussie vooral zien als een oorlog, gaat de nuance volledig verloren, wat weer leidt tot allerlei begripsverwarring. Daarom wil ik eerst proberen de zaken wat meer in perspectief te zetten.

Ontstaan versus ontwikkeling

Schema met grondprincipes van de erfelijkheid (hier: autosomale vererving)

Weinigen lijken zich te realiseren dat schepping en evolutie in principe over verschillende dingen gaan, en dus op zichzelf niet met elkaar in strijd hoeven te zijn. De evolutieleer spreekt over een mechanisme waarmee biologen trachten te verklaren hoe de ene levensvorm zich zou kunnen hebben ontwikkeld tot een andere. Door toevallige veranderingen (mutaties) in het DNA, dat een codering van de erfelijke eigenschappen van de levensvorm bevat, zou een iets gewijzigde variant kunnen ontstaan.
Wanneer die variant beter toegerust zou zijn voor het leven in zijn leefomgeving, zou die zich vervolgens uitbreiden ten koste van de oorspronkelijke variant en die verdringen. Een reeks van dergelijke stappen zou dan kunnen leiden tot een totaal nieuwe soort.

Wanneer je van mening bent dat de Bijbel leert dat elke variant afzonderlijk door
God is geschapen, zou zo’n ontwikkeling inderdaad in strijd zijn met de Bijbel. Maar wanneer je meent dat God wellicht alleen de hoofdsoorten heeft geschapen, en niet elke variant daarop (wel een hond, maar niet elk afzonderlijk ras), dan hoeft daar geen conflict te liggen.

In algemeenheid geldt dat wetenschap tracht te verklaren hoe dingen zich ontwikkeld hebben, maar gewoonlijk nauwelijks, of geheel niet, in staat is uitspraken te doen over ontstaansoorzaken. Sommige wetenschappers hebben daar weliswaar zeer concrete ideeën over, maar die berusten op intellectuele overwegingen en niet op onderzoeksresultaten. En wanneer zij eerlijk zijn, proberen zij die ideeën niet te tooien met hun gezag als wetenschapper. Anderzijds wijst de Bijbel God aan als de primaire ontstaansoorzaak, maar vinden we weinig of niets over de manier waarop dingen tot stand zijn gekomen. De Bijbel gaat in principe niet over de manier waarop, maar over de reden waarom.

Evolutie

Beperkte evolutie hoeft op zichzelf niet in strijd te zijn met de Bijbel.
En voor een dergelijke beperkte evolutie zijn er redelijke wetenschappelijke aanwijzingen. De reden waarom neodarwinisme zich slecht verdraagt met de leer van de Bijbel is vooral gelegen in de gedachte van een ‘universele’ evolutie:

alle leven op aarde zou zich door middel van evolutie hebben ontwikkeld uit één enkele oervorm.

De chemische structuur van DNA. Blauw, rood, groen en paars: basen. Oranje: deoxyribosegroep. Geel: fosfaatgroep. De twee- en drievoudige waterstofbruggen zijn aangegeven met stippellijntjes. De 3′- en de 5′-uiteinden van de “ruggengraten” staan eveneens aangegeven

Daarvoor zijn echter weer geen harde wetenschappelijke bewijzen. Die gedachte steunt op de overweging dat een degelijke ontwikkeling, wetenschappelijk gezien, het enige redelijke alternatief is voor een bewuste schepping.
Maar dan mag je dat alternatief daar dus niet mee ‘bewijzen’, want dat zou een klassiek geval zijn van een cirkelredenering.

Belangrijk is echter het volgende. Als evolutie het gevolg is van een mutatie van DNA, dan moet je wel eerst DNA hebben! Evolutie gaat
dus over de ontwikkeling van het leven op aarde (en in dat kader over
het ontstaan van verschillende soorten), maar absoluut niet over het
ontstaan van leven op aarde.

Weliswaar zijn daar ook ideeën over, en die worden gemakshalve ook
nog wel meegenomen onder de kop neodarwinisme (populair:
‘evolutie’), maar dat is toch een totaal ander onderwerp: met evolutie
(waar of niet) kun je het ontstaan van leven niet verklaren!

Het ontstaan van leven

Fred Polak.jpg

Fred Lodewijk Polak (1907–1985) Nederlands ambtenaar, hoogleraar, bestuurder en politicus voor de PvdA en DS’70 + een van de aartsvaders van de Nederlandse futurologie.

Die theorieën over het ontstaan van leven kun je echter, in tegenstelling tot die over de evolutie zelf, prima in een laboratorium toetsen. En dan moeten we concluderen dat zulke proeven tot op heden erg weinig concreets hebben opgeleverd. Strikt wetenschappelijk gesproken moet je dan aannemen dat er blijkbaar nog te grote afwijkingen van de werkelijkheid in zitten, wat sommigen er echter niet van weerhoudt ze voor principieel correct te houden: het zou alleen nog wat schorten aan de details. In 1981 sprak de toenmalige futuroloog Fred Polak als zijn verwachting uit dat er vóór het einde van de eeuw kunstmatig leven zou zijn geproduceerd. We zijn nu bijna aan kwart eeuw verder, en we zijn nog geen stap dichter bij dat doel dan toen. Dus opnieuw: wetenschappelijk moet je dan concluderen dat er ernstige manco’s zitten in je theorie. Hoe dat precies zit kan ik het kader van dit artikeltje niet uitleggen (dat heb ik elders wel gedaan), maar het komt er op neer dat die manco’s (wetenschappelijk gesproken!) niet in de exacte details zitten, maar van principiële aard zijn. En dat betekent dat, wat neodarwinisme ook te zeggen mag hebben over de ontwikkeling van het leven op aarde, het in elk geval tot nu toe niets nuttigs heeft kunnen zeggen over de oorsprong van dat leven.

R.C.R.

+

Voorgaande

Wetenschappers, filosofen hun zeggen, geloven en waarheden

++

Aanvullende lectuur

  1. Het begin van alles
  2. Is daar een veroorzaker van alles
  3. Gods vergeten Woord 11 Schepping 3 Andere ontstaansverhalen
  4. Gods vergeten Woord 12 Schepping 4 De Schepper zelf
  5. Terugblikkend op de eerste mens en eerste gebeurtenissen 1 Ontstaan en plaatsing eerste mens
  6. Bereshith 2:4-14 Adem en leven plaatsing door de Elohim God
  7. Kosmos, Schepper en Menselijk Lot
  8. Vertrouwen, Geloof, Roepen en Toeschrijving aan Jehovah #3 Stem van God #1 Schepper en Zijn profeten
  9. Het begin van Jezus #2 Aller Begin
  10. Ongelovige Thomassen, Jezus en zijn God
  11. Materialisme, “would be” leven en aspiraties #3

Zij heeft gedaan wat zij kon

Lof van Christus ontvangen is een rijke beloning. Sommigen hebben die al verdiend en gekregen.

Anderen hebben het nederig vertrouwen dat zij die krijgen wanneer zij zullen staan.

*

Onder hen die van de Meester lof ontvingen toen hij op aarde leefde was Maria, de zuster van Lazarus.
Hun huis in Betanië onderscheidt zich in de evangeliën als de enige plek waar Jezus liefde en een ware
verkwikking van lichaam en geest kon vinden. De deuren stonden altijd voor hem open en hij vond daar
vrede en rust. Is het dan verwonderlijk dat er staat geschreven:

“Jezus had nu Marta en haar zuster (Maria) en Lazarus lief” (Johannes 11:5)?

Tot deze haven van rust kwam Jezus aan het begin van die drukke week die zou eindigen in zijn foltering en kruisiging. Hij wist heel goed wat hem te wachten stond:

“Hoe beklemt het mij, totdat het volbracht is” (Lucas 12:50).

File:Zimmermann Christus bei Maria und Martha.jpg

Jezus op bezoek bij Maria en Marta – Christus bei Maria und Martha. 1836 – Standort des Gemäldes: Sakristei der St. Marienkirche in Pirna

Wat is het een troost te weten dat hij, tijdens die laatste dagen en nachten voor zijn lijden, in dat huis in Betanië door vrienden ontvangen en verzorgd werd. Wij lezen dat zij op de sabbatsnacht van die week voor hem een maaltijd aanrichtten; waarschijnlijk het gewone feest in een Joods huishouden ter afsluiting van de sabbat. Marta bekleedde haar gebruikelijke rol van gastvrouw en hield zich druk bezig met het bereiden van de maaltijd. Maria heette de meester op een andere manier welkom: zij nam een albasten kruik vol echte, kostbare nardusmirre, en zalfde zijn voeten terwijl hij aan de tafel aanlag. Beide zusters hebben Jezus gediend. Marta zorgde met haar huishoudelijke vaardigheden rijkelijk voor zijn lichamelijke noden.

De dienst van Maria was van een andere aard en lag op een ander niveau. Had zij een voorgevoel waarop zijn bezoek deze keer zou uitlopen? Zag zij de dreigende tragedie van Golgota al opdoemen? Jezus’ commentaar op haar liefdesdaad lijkt dit te steunen:

“Zij heeft gedaan, wat zij kon; van tevoren heeft zij mijn lichaam gezalfd voor de begrafenis” (Marcus 14:8).

Maar welke gedachte deze grote daad van toewijding ook geïnspireerd zou kunnen hebben, deed deze wel de veroordeling van sommigen van de aanwezigen op haar hoofd neerkomen. Mattheüs vertelt,

“De discipelen … waren verontwaardigd en zeiden: Waartoe die verkwisting?”.

Maar Johannes openbaart de oorsprong van deze onbarmhartige veroordeling, wanneer hij zegt dat het de stem van Judas Iskariot, de toekomstige verrader, was wiens stem zich tegen deze vermeende verkwisting verhief:

“Waarom is deze mirre niet voor driehonderd schellingen verkocht en aan de armen gegeven?”

Met het daarop vernietigende commentaar van Johannes:

“Maar dit zei hij niet, omdat hij zich om de armen bekommerde, maar omdat hij een dief was en als beheerder van de kas de inkomsten wegnam” (Johannes 12:5-6).

Er wordt met geen woord gerept over verontwaardiging bij de discipelen over de bediening van Marta! Het feest van lekkernijen riep helemaal geen kritiek op! Zelfs Judas kon die waarderen. Maar de dienst van Maria – minder duidelijk in bedoeling en meer geestelijk van aard – wordt zelfs door sommigen uit de ‘intieme kring’ van de discipelen als verkwisting veroordeeld! Hoe bemoedigend moet dan voor Maria het antwoord van Jezus zijn geweest:

“laat haar begaan; waarom valt u haar lastig?
Zij heeft een grote daad aan Mij verricht…Voorwaar, Ik zeg u, overal waar het evangelie verkondigd zal worden, over de gehele wereld, zal ook tot haar gedachtenis gesproken worden van wat zij gedaan heeft” (Marcus 14:6,9).

Het verslag in Marcus voegt dan die betekenisvolle woorden toe aan de lof van de Meester:

“Zij heeft gedaan, wat zij kon” (vers 8).

Dat werpt een interessant licht op de bediening door Maria, en op het gezichtspunt van waaruit Christus die beoordeelde. Wij zouden misschien gemeend hebben dat Maria’s gave van kostbare nardusmirre en haar toewijding aan Jezus van zulk een
overtreffende aard was, dat enige suggestie van beperktheid daarvan uitgesloten is. Schuilt er in de woorden van Marcus echter niet een aanwijzing dat het verlangen van Maria om Christus te dienen ver uitsteeg boven haar gave op zich? Het verlangen te dienen, en de gelegenheid daartoe, kunnen toch twee verschillende dingen zijn. Het gevaar voor iedere discipel schuilt hierin dat wij, wanneer wij niet ten volle kunnen dienen, zouden kunnen vervallen in moedeloze passiviteit. Maria heeft die fout niet gemaakt, zij heeft gedaan wat zij kon. Christus aanvaardde en prees haar bediening, al waren sommigen snel om die te veroordelen.

“Zij heeft gedaan wat zij kon”.

Ligt er niet een les voor ons in deze woorden van de Meester? Wachten wij op de grote gelegenheid? Beperken we ons tot een mate van dienstbaarheid die met onze gevoelens van toewijding aan Christus overeenkomt? Zo ja, dan missen wij misschien vele gelegenheden ‘kleinere’ diensten te bewijzen, die voor Christus acceptabel en lovenswaardig zijn. Zijn oordeel op de grote dag van de afrekening zou ons dan kunnen verbazen, zoals bij de discipelen in dat huis te Betanië het geval was.
Er zal voor ons geen grotere teleurstelling denkbaar zijn, dan het besef dat wij de lof van de Meester missen, omdat wij de gelegenheden hem te dienen niet gebruikt hebben.

++

Lees ook:

  1. Het begin van Jezus #12 Gezalfd na Johannes de Doper
  2. Zalving van Christus als profetische repetitie van de begrafenisrituelen
  3. Zalving als teken van verhoging

Why are we surprised when Buddhists are violent?

Dan Arnold & Alicia Turner, New York Times, 5 March 2018

05stoneWeb-master768.jpg

The Nya Thar Lyaung reclining Buddha is an important religious site in the Bago region of Myanmar. Credit, Frank Bienewald/LightRocket, via Getty Images

While history suggests it is naïve to be surprised that Buddhists are as capable of inhuman cruelty as anyone else, such astonishment is nevertheless widespread — a fact that partly reflects the distinctive history of modern Buddhism. By ‘modern Buddhism,’ we mean not simply Buddhism as it happens to exist in the contemporary world but rather the distinctive new form of Buddhism that emerged in the 19th and 20th centuries. In this period, Buddhist religious leaders, often living under colonial rule in the historically Buddhist countries of Asia, together with Western enthusiasts who eagerly sought their teachings, collectively produced a newly ecumenical form of Buddhism — one that often indifferently drew from the various Buddhist traditions of countries like China, Sri Lanka, Tibet, Japan and Thailand.

This modern form of Buddhism is distinguished by a novel emphasis on meditation and by a corresponding disregard for rituals, relics, rebirth all the other peculiarly ‘religious’ dimensions of history’s many Buddhist traditions. The widespread embrace of modern Buddhism is reflected in familiar statements insisting that Buddhism is not a religion at all but rather (take your pick) a ‘way of life,’ a ‘philosophy’ or (reflecting recent enthusiasm for all things cognitive-scientific) a ‘mind science.’

Buddhism, in such a view, is not exemplified by practices like Japanese funerary rites, Thai amulet-worship or Tibetan oracular rituals but by the blandly nonreligious mindfulness meditation now becoming more ubiquitous even than yoga. To the extent that such deracinated expressions of Buddhist ideas are accepted as defining what Buddhism is, it can indeed be surprising to learn that the world’s Buddhists have, both in past and present, engaged in violence and destruction.

There is, however, no shortage of historical examples of violence in Buddhist societies. Sri Lanka’s long and tragic civil war (1983-2009), for example, involved a great deal of specifically Buddhist nationalism on the part of a Sinhalese majority resentful of the presence of Tamil Hindus in what the former took to be the last bastion of true Buddhism (the ‘island of dharma’). Political violence in modern Thailand, too, has often been inflected by Buddhist involvement, and there is a growing body of scholarly literature on the martial complicity of Buddhist institutions in World War II-era Japanese nationalism. Even the history of the Dalai Lama’s own sect of Tibetan Buddhism includes events like the razing of rival monasteries, and recent decades have seen a controversy centering on a wrathful protector deity believed by some of the Dalai Lama’s fellow religionists to heap destruction on the false teachers of rival sects.

Read the full article in the New York Times.

+++

Related

  1. Is the Buddha really a Warmonger?….
  2. Hardline Buddhist Clergyman Released After Serving Time For Inciting Unrest
  3. Sri Lanka declares state of emergency after Buddhist-Muslim clash
  4. Sri Lanka declares state of emergency after Buddhist-Muslim clash
  5. Moral quandary in Myanmar studies: Looking at the Rohingya crisis as an outsider
  6. State of emergency declared in Sri Lanka after Buddhist-Muslim clash
  7. Sri Lanka lifts nationwide state of emergency
  8. 3Novices:Ultra-nationalist Myanmar Buddhist monk freed from prison
  9. Buddhist nationalism burns as Pope visits Myanmar

A brief history of Stephen Hawking: A legacy of paradox

A brief history of Stephen Hawking:
A legacy of paradox
Stuart Clark, New Scientist, 14 March 2018

Picture

Stephen William Hawking. 1942 – 2018. – Cosmologist, space traveller and hero.

‘I think most physicists would agree that Hawking’s greatest contribution is the prediction that black holes emit radiation,’ says Sean Carroll, a theoretical physicist at the California Institute of Technology. ‘While we still don’t have experimental confirmation that Hawking’s prediction is true, nearly every expert believes he was right.’

Experiments to test Hawking’s prediction are so difficult because the more massive a black hole is, the lower its temperature. For a large black hole – the kind astronomers can study with a telescope – the temperature of the radiation is too insignificant to measure. As Hawking himself often noted, it was for this reason that he was never awarded a Nobel Prize. Still, the prediction was enough to secure him a prime place in the annals of science, and the quantum particles that stream from the black hole’s edge would forever be known as Hawking radiation.

Some have suggested that they should more appropriately be called Bekenstein-Hawking radiation, but Bekenstein himself rejects this. ‘The entropy of a black hole is called Bekenstein-Hawking entropy, which I think is fine. I wrote it down first, Hawking found the numerical value of the constant, so together we found the formula as it is today. The radiation was really Hawking’s work. I had no idea how a black hole could radiate. Hawking brought that out very clearly. So that should be called Hawking radiation.’

The Bekenstein-Hawking entropy equation is the one Hawking asked to have engraved on his tombstone. It represents the ultimate mash-up of physical disciplines because it contains Newton’s constant, which clearly relates to gravity; Planck’s constant, which betrays quantum mechanics at play; the speed of light, the talisman of Einstein’s relativity; and the Boltzmann constant, the herald of thermodynamics.

The presence of these diverse constants hinted at a theory of everything, in which all physics is unified. Furthermore, it strongly corroborated Hawking’s original hunch that understanding black holes would be key in unlocking that deeper theory.

Hawking’s breakthrough may have solved the entropy problem, but it raised an even more difficult problem in its wake. If black holes can radiate, they will eventually evaporate and disappear. So what happens to all the information that fell in? Does it vanish too? If so, it will violate a central tenet of quantum mechanics. On the other hand, if it escapes from the black hole, it will violate Einstein’s theory of relativity. With the discovery of black hole radiation, Hawking had pit the ultimate laws of physics against one another. The black hole information loss paradox had been born.

Hawking staked his position in another ground-breaking and even more contentious paper entitled Breakdown of predictability in gravitational collapse, published in Physical Review D in 1976. He argued that when a black hole radiates away its mass, it does take all of its information with it – despite the fact that quantum mechanics expressly forbids information loss. Soon other physicists would pick sides, for or against this idea, in a debate that continues to this day. Indeed, many feel that information loss is the most pressing obstacle in understanding quantum gravity.

‘Hawking’s 1976 argument that black holes lose information is a towering achievement, perhaps one of the most consequential discoveries on the theoretical side of physics since the subject was invented,’ says Raphael Bousso of the University of California, Berkeley.

Read the full article in the New Scientist.

+++

Related articles

  1. Stephen Hawking (1942-2018)
  2. R.I.P. Stephen Hawking ~ 1942 – 2018
  3. R.I.P. Stephen Hawking (1942-2018) I woke today to the sad news of the death, at the age of 76, of theoretical physicist and cosmologist Stephen Hawking.
  4. RIP, Dr. Stephen Hawking
  5. # A beautiful mind,Stephen hawking.
  6. The Sun Sets On Stephen HawkingHaiku About Stephen Hawking R.I.P.
  7. Professor Stephen Hawking
  8. In Memoriam: Stephen Hawking
  9. Remembering Stephen Hawking, A Brilliant Human Being
  10. Stephen Hawking We lost one of the greatest minds today.
  11. Bon Voyage Stephen Hawking
  12. Stephen Hawking “We are just an advanced breed of monkeys on a minor planet of a very average star. But we can understand the universe. That makes us something very special.” –
  13. Stephen Hawking- God who?My Top 10 Inspirational Stephen Hawking QuotesStephen Hawking Quotes – A tribute to the man who has now disappeared into his own black hole.
  14. Just Realised…Stephen Hawking Died On 14 March 18 Is….
  15. Honoring Stephen Hawking
  16. In Memoriam: Stephen Hawking It is a heavy beyond leadened heart that has moved me to create this post. One of the brightest lights in our universe
  17. A Brief Note on Stephen Hawking
  18. “Out, out, brief candle:” An English Professor and Stephen Hawking
  19. Stephen Hawking There is nothing left to say…
  20. Stephen Hawking Dies Rest In Peace
  21. When atheist Stephen Hawking died . . .
  22. A Brief History of Stephen Hawking by Time
  23. Stephen Hawking on Climate

Bouwen op het bijbels fundament: De apostelen deden het toch ook

De apostelen deden het toch ook

“11  want niemand kan een ander fundament leggen dan er al ligt-Jezus Christus zelf. 12 Of er op dat fundament nu verder wordt gebouwd met goud, zilver en edelstenen of met hout, hooi en stro, 13 van ieders werk zal duidelijk worden wat het waard is. Op de dag van het oordeel zal dat blijken, want dan zal het door vuur aan het licht worden gebracht. Het vuur zal laten zien wat ieders werk waard is.” (1Co 3:11-13 NBV)

Elke christen zou zich eigenlijk moeten afvragen: wat is nu feitelijk de essentie van dit christendom van mij, waar gaat het nu echt om? Dat kan soms best lastig zijn, zoiets als ‘beschrijf het eiland waar je woont’, wanneer je daar nog nooit vanaf bent geweest. Als je de rest van de wereld kent, ken je ook de verschillen en weet je wat kenmerkend is voor je eigen plekje. Maar als je die niet kent, waar leg je dan de nadruk op? Maar ook: als je die rest van de wereld wel kent, waar leg je dan de nadruk op? Op het strand en de duinen, de polder en de vogels? Of op de saamhorigheid van die kleine leefgemeenschap enerzijds, en anderzijds het feit dat je er niet op hoeft te rekenen dat je binnen een half uur in een ziekenhuis ligt wanneer er iets grondig mis is gegaan?

Verpakking of inhoud

Zo ook: hoe zou je je geloof omschrijven ten opzichte van andere christelijke stromingen, of ten opzichte van andere religies? Waar leg je de nadruk op? Benadruk je de verschillen met die anderen, of zoek je het in het positieve en ben je in staat te wijzen op wat werkelijk kenmerkend is en waarde heeft? Dat laatste vereist uiteraard een goed inzicht in waar het echt om draait. Noem je bijvoorbeeld het feit dat je elke zondag naar de kerk gaat? Of spreek je over verlossing, vergeving van de schuld waarvoor je eigenlijk zou moeten sterven, en een hoop op leven die je desondanks toch hebt gekregen? En doe je dat dan op de trotse toon waarop een ander het over zijn nieuwe dure auto heeft, of doe je dat op de nederige toon van iemand die ten volle beseft dat hij – naar Gods maatstaven gemeten – al dood had moeten zijn en nu op cadeau gekregen tijd leeft? Wat geen enkele andere levensbeschouwing zou kunnen bieden?
Anders gesteld: leg je de nadruk op de verpakking, of op de inhoud?

Wie om zich heen kijkt, ziet dat voor velen de verpakking vandaag allang belangrijker is geworden dan de inhoud. Een ‘bekende Nederlander’ werd onlangs gevraagd of ze religieus was. Het antwoord was:

‘Ik ben diep religieus’,

en meteen daar achteraan:

‘maar met het concept God kan ik niet zo goed uit de voeten’.

Religie betekende voor haar glas-in-lood ramen, Mariabeelden en de geur van wierook. Een extreem voorbeeld? Uiteraard, maar staat het echt zo alleen? Voor velen bestaat christendom inderdaad uit indrukwekkende diensten met indrukwekkende rituelen, liturgische gewaden en loepzuiver gezang van professionele koren. Voor anderen juist uit massale bijeenkomsten in de open lucht met veel spontaan gezang op moderne muziek, handgeklap en hallelujageroep. Voor weer anderen zijn het genezingssessies in grote ‘glazen tempels’, spectaculaire duiveluitdrijvingen, of ‘het spreken in tongen’. En in het dagelijks leven is het voor de een sociaal bezig zijn in zijn omgeving, en voor de ander het vermijden van frivoliteiten en geen TV-kijken op zondag; voor de een het steunen van een bevrijdingsbeweging in een ver land en voor de ander het verspreiden van traktaatjes, of geld geven voor een of ander kerkelijk doel.

Op zoek naar de essentie

Sommige van zulke dingen zijn heel spectaculair, andere juist veel minder ‘zichtbaar’. Veel ervan zijn ontegenzeggelijk nuttig voor de maatschappij, andere toch meer gericht op het krijgen van ‘een goed gevoel’. Sommige worden verdedigd door er op te wijzen dat ook de apostelen zulke dingen deden, andere met het argument dat ze juist ‘de vertaling naar deze tijd’ zijn van zulke apostolische activiteiten. Maar ze hebben allemaal gemeen dat ze uiterlijkheden en bijzaken betreffen. Niet dat ze in alle gevallen onbelangrijk zouden zijn, maar ze vormen – als zodanig – toch niet de essentie van het christendom. Ook een atheïstische humanist kan heel sociaal en onbaatzuchtig bezig zijn, en op het eerste gezicht lijkt er ook weinig verschil te zitten tussen het ‘heb je vijanden lief’ van de bergrede en het ‘je moet je vijanden overwinnen door beter te zijn dan zij’ van een door orthodoxe christenen weinig gewaardeerde vorm van ‘afgoderij’. Genezingen, zelfs ‘duiveluitdrijvingen’, zijn veelvuldig te vinden op de pagina’s van het Nieuwe Testament, maar evenzeer in de binnenlanden van Afrika. Ook zulke zaken vormen niet de essentie van het Christendom.

Imiteren of navolgen

Je ziet jonge kinderen vaak het gedrag en het spreken van hun ouders imiteren zonder dat ze werkelijk begrijpen waar dat toe dient. Ze imiteren de uiterlijke vorm maar het heeft geen inhoud. Ze denken zo te tonen dat ze al ‘groot’ zijn, maar het toont juist hun gebrek aan begrip. Als volwassenen weten we dat ‘groot zijn’ niet zit in zulk gedrag, maar in de dingen die daar toe leiden. En zo gaat dat ook met het opgroeien in het geloof. Dat gaat ook niet om het imiteren van het gedrag van Christus of de apostelen, maar om het ontwikkelen van een karakter, om het opbouwen van ‘de gezindheid van Christus’: niet het ‘imiteren’
maar het ‘navolgen’ van Christus. En wellicht leidt dat dan weer tot zulk gedrag,maar dat hangt af van de situatie waarin God ons plaatst. Veel wat we als christen doen, of zouden moeten doen, kan ook gedaan worden vanuit andere motieven, en wordt
ook vaak gedaan vanuit zulke andere motieven. Op zichzelf is dat nog geen christendom. Je kunt weliswaar geen christen zijn zonder naastenliefde te tonen, maar je kunt wel degelijk heel erg veel naastenliefde tonen zonder christen te zijn. Dus daar zit de kern toch niet.

Jezus’ missie was niet het genezen van zieken of het ‘solidair zijn met de armen’, maar het doen van een laatste oproep tot bekering aan zijn volk. Die genezingen waren een vervulling van de profetieën die hem aanwezen als de Messias, ze waren zijn identificatie. Hij wijst de boden van Johannes de Doper daarop (Luc. 7:21-22), maar wat werkelijk van belang is, laat hij er meteen op volgen:

“Gelukkig is degene die aan mij geen aanstoot neemt” (vs 23)

wat in dit verband betekent:

… wie mij niet houdt voor een valse profeet.

O zeker, hij was vervuld van mededogen met allen die het moeilijk hadden in het leven. Maar hij was niet gekomen om alle ziekte uit het land uit te bannen. Zijn genezingen waren zijn identificatie, en tegelijkertijd een voorafschaduwing van het koninkrijk dat hij ooit op deze aarde zou komen oprichten. En het zou de taak van zijn apostelen zijn het woord verder te verspreiden, tot in heidense landen.
En ook daarbij zouden de genezingen die dubbele functie vervullen van autorisatie en van voorafschaduwing van wat eens zou komen. Maar tijdens zijn drie-jarige prediking genas Jezus niet alle zieken, want wanneer Petrus en Johannes in Hand. 3 naar de tempel gaan treffen zij bij de toegangspoort een verlamde die daar al vele decennia lag. En in de brieven van Paulus lezen we af en toe over medewerkers die ‘ten dode toe’ ziek zijn geweest en die hij kennelijk niet heeft kunnen genezen, of die hij ergens ziek heeft moeten achterlaten.

De kern van het geloof

Het gevaar van het louter imiteren van wat Jezus en de apostelen deden, of de gelovigen van het eerste uur, is dat het de nadruk legt op wat per saldo toch maar uiterlijkheden en bijzaken zijn. Sommige daarvan zijn niet echt belangrijk of zelfs helemaal niet. Andere zijn inderdaad van groot belang, maar ook dan niet de hoofdzaken, de dingen waar het ten diepste om gaat. Waar het werkelijk om gaat is de relatie met God, om het besef dat we die relatie eigenlijk had den verspeeld door onze zonde maar dat die toch weer is hersteld, niet door onze verdienste maar door Gods genade, en om de diepe dankbaarheid die we daarvoor zouden moeten voelen. Al die andere aspecten zijn alleen maar de consequenties daarvan, vaak zelfs de onvermijdelijke consequenties, maar toch niet de hoofdzaken. Wat kenmerkend is voor het ware geloof is die relatie, en de rest heeft alleen werkelijke waarde voor zover het daar uit volgt. Want alleen dan gaat het echt om de inhoud en niet om de verpakking.

R.C.R.

+

Aansluitende lectuur

  1. Geloof
  2. Geloof en geloven
  3. Geloof in Jezus Christus
  4. Geloof in slechts één God
  5. Geloof niet zonder daden
  6. Geloof – Vertrouwen voor het ongeziene
  7. Geloof voor God aanvaardbaar

+++

Gerelateerd

  1. Nep christenen
  2. Fundamentalisme: De kunst van het God onder de duim hebben.
  3. Scheepje (z)onder Jezus’ hoede

Fundamenten van het Geloof: De lankmoedigheid van God

Wanneer God zondaars niet direct straft, komt dit voort uit zijn lankmoedigheid, zijn verdraagzaamheid, geduld, afwachting. Zijn lankmoedigheid staat uiteraard in directe relatie tot zijn barmhartigheid (zie volgende arttikel), als uiting van zijn goedertierenheid (zie Fundamenten van het Geloof: De goedertierenheid van God), zijn verbondsliefde, zijn verbondstrouw:

De HERE ging aan hem (Mozes) voorbij en riep: HERE, HERE, God, barmhartig en genadig, lankmoedig, groot van goedertierenheid en trouw … (Exodus 34:6)

Als een Vader voedt God zijn kinderen op. Daarbij is geduld en verdraagzaamheid nodig, want opvoeden is een leerproces, met onderwijs en beproeving, waarin het geleerde in de praktijk gebracht moet worden. Zo heeft God gehandeld met zijn volk:

Vele jaren was U lankmoedig over hen en vermaande hen door uw Geest, door de dienst van uw profeten … (Nehemia 9:30)

In het Hebreeuws wordt het begrip lankmoedigheid omschreven als: het uitstellen, het vertragen van zijn toorn, of de uitbarsting daarvan. God ontziet het volk dus en geeft het nog een kans, zodat het in zijn genade aangenomen kan worden. In die periode wordt van het volk verwacht dat het zijn zonden zal belijden, onder afsmeking van vergiffenis daarvan, en zich vervolgens bekeren, zodat het niet meer zondigt. Petrus schrijft dat om die reden de zondvloed niet direct kwam:

“… toen de lankmoedigheid van God bleef afwachten, in de dagen van Noach, terwijl
de ark in gereedheid werd gebracht. (1 Petrus 3:20)

En Paulus wijst op Gods verdraagzaamheid in de periode van Israëls omzwerving door de woestijn:

… en Hij heeft gedurende een tijd van ongeveer veertig jaren in de woestijn hun eigenaardigheden verdragen. (Handelingen13:18)

Het motief voor Gods afwachten is te vinden in het boek van de profeet Ezechiël:

Zou Ik een welgevallen hebben aan de dood van de goddeloze? Luidt het woord van de Here, HERE. Niet veeleer hieraan, dat hij zich bekere van zijn wegen en leve? (Ezechiël 18:23, 32; 33:11).

Maar ook nu nog luidt het woord van de HERE: Bekeert u tot Mij met uw ganse hart, en met vasten en met geween en met rouwklacht. Scheurt uw hart en niet uw klederen en bekeert u tot de HERE, uw God. Want genadig en barmhartig is Hij, lankmoedig en groot van goedertierenheid, berouw hebbende over het onheil … (Joël 2:12-14)

In het Nieuwe Testament herinnert Paulus zijn volksgenoten aan Gods lankmoedigheid met hen en roept hen op de tijd die hen nog is vergund goed te benutten:

En als God nu, zijn toorn willende tonen en zijn kracht bekendmaken, de voorwerpen van zijn toorn, die ten verderve toebereid waren, met veel lankmoedigheid verdragen heeft – juist om de rijkdom van zijn heerlijkheid bekend te maken over de voorwerpen van ontferming, die Hij tot heerlijkheid heeft voorbereid? (Romeinen 9:22-23)

Of veracht u de rijkdom van zijn goedertierenheid, verdraagzaamheid en lankmoedigheid, en beseft u niet, dat de goedertierenheid van God u tot boetvaardigheid leidt? (Romeinen 2:4)

De lange tijd tussen de hemelvaart en de wederkomst van Christus Jezus is een voorbeeld van Gods lankmoedigheid, van zijn wachten met zijn oordeel over tot zonde geneigde mensen. De apostel Petrus herinnert zich kennelijk wat zijn heer eens
tot hem zei, als hij schrijft om het geloof van broeders en zusters te versterken:

De Here talmt niet met de belofte, al zijn er die aan talmen denken, maar Hij is lankmoedig jegens u, daar Hij niet wil, dat sommigen verloren gaan, doch dat allen tot bekering komen … en houdt de lankmoedigheid van onze Here voor zaligheid … (2 Petrus 3:9).

En u (Petrus), als u eenmaal tot bekering gekomen bent, versterk dan uw broeders. (Lucas 22:32)

Paulus meent God te dienen door de gemeente van Christus te vervolgen. Vol ijver trekt hij door het gehele land, en gaat zelfs daarbuiten, om wie belijden dat zij volgelingen van Christus zijn gevangen te zetten en te (laten) doden. Zelf zegt hij later, dat
hij dat in tomeloze woede deed, verontwaardigd omdat deze mensen durven zeggen dat die vervloekte mens, Jezus van Nazareth, leeft en zelfs in de hemel bij God is.
Maar dan verschijnt hem de levende Jezus zelf en moet hij belijden dat hij, met al zijn kennis van de Schriften, geen inzicht heeft. Maar als Jezus hem uit de wet en de profeten uitlegt wat op Hem betrekking heeft, valt alles op zijn plaats. Dan is hij bereid met positieve ijver, voortkomend uit liefde voor God en de naaste, zoveel mogelijk zondaars te bekeren, zodat zij behouden worden van Gods toorn. Voor hem heeft God zijn grote lankmoedigheid aan hem bewezen, met als doel dat ook anderen die zouden ervaren door zijn prediking van het evangelie:

Maar hiertoe is mij ontferming bewezen, dat Jezus Christus in de eerste plaats in mij zijn ganse lankmoedigheid zou bewijzen, tot een voorbeeld voor hen, die later op Hem zouden vertrouwen ten eeuwigen leven. (1 Timoteüs 1:16)

Ook in dit geval is deze goddelijke eigenschap ook de eigenschap van zijn Zoon. En wanneer wij kinderen van God willen zijn, zal deze eigenschap ook bij ons aanwezig moeten zijn, want God wil dat wij deel krijgen aan zijn natuur (2 Petrus 1:4):

… wij doen onszelf in alles kennen als dienaren van God: in veel dulden, in verdrukkingen, in noden, in gevangenschappen … in reinheid, in kennis, in lankmoedigheid, in rechtschapenheid, in de Heilige Geest, in ongeveinsde liefde … (2 Korintiërs 6:3-10)

… de vrucht van de Geest is liefde, blijdschap, vrede, lankmoedigheid, vriendelijkheid, goedheid, trouw, zachtmoedigheid, zelfbeheersing. (Galaten 5:22)

… vermaan ik u dan te wandelen waardig de roeping waarmee u geroepen bent, met alle nederigheid en zachtmoedigheid, met lankmoedigheid en elkaar in liefde te verdragen … (Efeziërs 4:1-5)

Doet dan aan, als door God uitverkoren heiligen en geliefden, innerlijke ontferming, goedheid, nederigheid, zachtmoedigheid en geduld. Verdraagt en vergeeft elkander … (Kolossensen 3:12,13)

God heeft ons mensen tot nu verdragen en vergeven, en de kans gegeven ons te bekeren. Maar zijn geduld duurt niet eeuwig. Daarom is het van het grootste belang te luisteren naar de leraars, die Hij in de wereld gezonden heeft met de woorden:

… verkondig het woord … weerleg, bestraf en bemoedig met alle lankmoedigheid en onderrichting. (2 Timoteüs 4:2)

De lankmoedigheid van God
Vragen ter overdenking:

1. Waaruit blijkt in onze tijd de goedertierenheid van God?
2. Wat gaat u doen om Gods goedertierenheid te mogen ervaren?
3. Waarin heeft God lange tijd met u geduld moeten hebben?
4. Hoe brengt u de eis van God geduld met anderen te hebben in praktijk?
De betrouwbaarheid van God

De namen die God geeft aan mensen, zeggen iets over wat zij zijn of zullen zijn. Hun naam vertelt iets over hun eigenschappen, over hun levenswijze of hun daden. Dat moet dus ook het geval zijn met zijn eigen naam JWHW (Jehovah), die God aan Mozes bekendmaakte volgens Exodus 34. Gezien de eigenschappen die God daar van Zichzelf bekendmaakte in verband met zijn naam, mogen we zeggen dat deze niet alleen vandaag kunnen gelden, maar eeuwig zijn, omdat zij deel zijn van zijn wezen en kenmerkend voor zijn handelen. Goedertierenheid kan nooit voor een korte tijd gelden, omdat bijvoorbeeld zijn verbondsliefde of verbondstrouw zich over lange tijd uitstrekt. Maar ook over lankmoedigheid, ofwel geduld, kan alleen gesproken worden als het over een langere periode gaat. God heeft niet slechts 1 of 3 dagen, of een maand geduld, zoals wij mensen, maar eeuwen, zelfs duizenden jaren. De betekenis van zijn Naam heeft daarom betrekking op het heden, maar ook op het verleden en de toekomst. De God die lang geleden alle leven heeft gewekt, die er heden nog steeds is en er morgen zijn zal tot in alle eeuwigheden. De God die spreekt over toekomstige dingen en van de mens vraagt Hem op dat punt te beproeven, of Hij doet wat Hij heeft gezegd (zie bijvoorbeeld Jesaja 45-48). Daaruit moet blijken of Hij Degene is die Hij zegt te zijn: de  betrouwbare God. En zijn betrouwbaarheid komt aan het licht wanneer het woord dat Hij heeft gesproken waarheid wordt (zie Psalm 19:8 en 93:5). Het woord dat Hij spreekt heeft eeuwigheidswaarde, zoals God zelf eeuwig is. Hij is daarom zowel de God Die is, de Ik ben, als de God die in de toekomst is wat Hij tevoren heeft gezegd te zullen zijn, de Ik zal zijn, ofwel de Ik ben, die Ik zal zijn. We vinden herinneringen aan Exodus 34 in onder andere: Psalm 86:15; Psalm 89; Psalm 103:17-18; Psalm 145:8-10; Joël 2:13; Jona 2:2b; Mattheüs 23:23; Romeinen 2:4. De eeuwen door hebben gelovigen een beroep gedaan op deze openbaring van Gods naam, van de eigenschappen waarmee Hij zijn liefde en trouw wilde bewijzen aan zijn vriend Abraham en allen die in hetzelfde geloof als hij met Hem zouden wandelen.

J.K.D

++

Aanvullende lectuur

  1. Gods vergeten Woord 18 De Wet van Christus 7 Omgaan met risico’s
  2. Donkere tijden, droge plekken, hijgende harten, dorstigen, neergeworpenen en geduld
  3. Fundamenten van het Geloof: De goedertierenheid van God
  4. Omgaan met zorgen in ons leven

+++

Gerelateerd

  1. Werk die Heilige Gees in my?
  2. ​As die Wet in die vleeslike karakter sonde uitgewys het, wat wys die Wet in die geestelike karakter? ( PD Conradie )