Schepping, intelligent design, evolutie (3) – Godsbewijzen van heidense filosofen en horlogemakers

In deze aflevering wil ik eerst een zijweg inslaan, voordat we verder gaan met ‘Intelligent Design’. Aan de basis van deze hele discussie ligt namelijk de vraag of God bestaat. En die discussie hoort hier niet thuis!

Thomas van Aquino

Thomas van Aquino; altaarstuk van Carlo Crivelli (detail)

Thomas van Aquino; altaarstuk van Carlo Crivelli (detail)

In de 13e eeuw kwam Thomas van Aquino met zijn vijf ‘godsbewijzen’, filosofisch opgezette bewijzen, en volgens de redeneerkunst van die tijd onderbouwd met verwijzingen naar andere denkers. Voor Thomas was dat in de eerste plaats ‘de filosoof’: voor hem was dat de Griekse wijsgeer Aristoteles (4e eeuw v.Chr.). Moderne filosofen menen echter dat zijn betogen niet sluitend zijn, omdat hij uiteindelijk vervalt in cikelredeneringen. En achteraf gezien was het misschien ook niet zo’n goede gedachte om het bestaan van de God van de Bijbel te willen bewijzen met behulp van een heidense filosoof. De redenen daarvoor lagen echter verder terug in de geschiedenis, toen kerkvaders en andere vroege christelijke schrijvers het geloof voor hun tijdgenoten aanvaardbaar trachtten te maken, door ‘aan te tonen’ dat de beroemde Griekse denkers eigenlijk al op één lijn zaten met de leer van de Bijbel.

Het horloge van dominee Paley

Die poging van Thomas van Aquino had eigenlijk alleen maar academische waarde, want in zijn tijd twijfelde nog niemand aan het bestaan van God. Dat veranderde met de “Verlichting” (ca. 1650-1800) met zijn toenemend atheïsme. In antwoord daarop kwam de Engelse dominee Paley in 1802 met zijn boek ‘Natuurlijke Theologie’ (afgeleid van ‘natuurlijke historie’ als term voor biologie). Daarin ging hij uitgebreid in op de extreme complexiteit en kennelijke doelgerichtheid van allerlei levensvormen. Hij betoogde dat dit voldoende bewijs was voor het bestaan van een ‘designer’ (een ontwerper), dus God. Het voorbeeld waarmee hij opent is wereldwijd bekend geworden:

“Stel dat ik een wandeling zou maken over de hei en een horloge zou vinden”.

Hij beschrijft dat horloge alsof het een onbekend voorwerp was, en betoogt dan dat hij bij bestudering van de complexiteit en doelgerichtheid van het mechanisme wel tot de conclusie moet komen dat dit is ontworpen en vervaardigd door een intelligent wezen, en niet door puur toeval kan zijn ontstaan. Uitgaande van dat voorbeeld beschrijft hij dan een uitgebreide reeks biologische organismen, om daaruit te concluderen dat deze slechts afkomstig kunnen zijn van de hand van een intelligente schepper. Dit is sindsdien de standaardbenadering van alle verdedigers van de scheppingsgedachte.
Je moet dan wel bedenken dat in Paleys dagen het begrip evolutie nog niet bestond. De eerste (voorlopige) uitgave van Darwins beroemde boek dateert van 1859 (de definitieve editie van 1872). In een herdruk van Paleys boek uit 1890, bijgewerkt en aangepast aan de laatste inzichten door een medisch professor, is in een introductie het volgende te vinden:

“De auteur (Paley dus) refereert aan een idee of veronderstelling, vagelijk gekoesterd door sommige schrijvers uit zijn tijd”,

waarmee hij vroege evolutiegedachten bedoelt. Paley had die even genoemd, om ze vervolgens als niet serieus van de hand te wijzen. In 1890 ligt dat intussen anders. De bewerker noemt de “theorie van evolutie” en ‘Dr. Darwin’ als een van de voornaamste verkondigers hiervan. Maar ook hij stelt (kort samengevat) dat het dan toch nog steeds alleen maar om het mechanisme van de ontwikkeling gaat, en niet om het duidelijke doel daarachter. Een constatering die zowel evolutionisten als creationisten intussen wat uit het oog verloren lijken te hebben. Tenslotte is het interessant te zien dat de term ‘Intelligent Design’ al opduikt in deze introductie.

De blinde horlogemaker

Sindsdien is er echter veel gebeurd in de wereld. Het atheïsme heeft de westerse wereld veroverd, en de biologie heeft vooral de laatste decennia spectaculaire ontwikkelingen doorgemaakt. En nu zijn fundamentalistisch denkende atheïsten (daar kom ik in een later artikel op terug) begonnen evolutie te presenteren als ‘bewijs’ dat God niet bestaat. In elementaire vorm houdt dat in:

“Je kunt de waargenomen complexiteit en doelgerichtheid van de bestaande organismen afdoende verklaren met behulp van de beide pijlers van het neo-darwinisme, te weten spontane mutaties van DNA en natuurlijke selectie. En dus heb je daarvoor geen God nodig”.

In de meest extreme vorm wordt daar dan ook nog de conclusie uit getrokken, dat die God dus ook niet bestaat. Het boek dat dat het nadrukkelijkst doet, is “De blinde horlogemaker” van Richard Dawkins. Dawkins geeft daarin welwillend toe dat Paleys bewijs vóór Darwin inderdaad onweerlegbaar was, maar sinds Darwin is er volgens hem geen enkel excuus meer om dat nog te geloven: evolutie is de ‘blinde horlogemaker’ die dat horloge op de hei tot stand gebracht heeft. Nu is Dawkins’ wijze van redeneren verre van sluitend, en in zijn ‘bewijs’ dat God niet bestaat, vervalt hij in nog veel duidelijker denkfouten (of zijn het bewuste manipulaties?) dan Thomas van Aquino zeven eeuwen eerder. Maar als we eerlijk zijn (en dat behoren we boven alles te zijn!) moeten we toegeven dat Paleys horloge wel het nodige van zijn oorspronkelijke glans heeft verloren. Dus het kan geen kwaad een en ander nog eens goed tegen het licht te houden.

Conclusie

We zouden uit deze ‘geschiedenisles’ daarom de volgende conclusie moeten trekken. Er zijn voldoende redenen Gods hand in de schepping te zien, en dus ook voldoende redenen om de doelgerichtheid daarvan te zien als een krachtige demonstratie van Zijn grootheid en wijsheid.
Maar de discussie is vervuild geraakt door goedbedoelde pogingen dit te gebruiken als bewijs voor zijn bestaan, en dat was niet zo verstandig. Zoals het destijds ook niet zo verstandig was om een bij uitstek Griekse denker als Aristoteles voor dat doel te gebruiken. We doen het verstandigst als we naar ervaringen zoeken die onszelf overtuigen, in plaats van onze buurman, en dan zijn er betere redenen om in God te geloven. En de schepping kan ons nuttiger lessen leren dan hoe wij onze ongelovige medemens intellectueel zouden kunnen aftroeven.

R.C.R.

+

Voorgaande

Schepping, intelligent design, evolutie – Ontstaan en ontwikkeling van het leven op aarde (1)

Schepping, intelligent design, evolutie – Ontstaan en ontwikkeling van het leven op aarde (2)

Wetenschappers, filosofen hun zeggen, geloven en waarheden

++

Aanvullend

  1. Ontstaan van het lineaire denken
  2. Kosmos, Schepper en Menselijk Lot
  3. Begin van leven op aard: schepping of evolutie
  4. EO-directie: ‘Wij geloven in God als Schepper’
  5. Grootste oorzaak van atheïsme in de wereld zijn de Christenen
  6. Christenen vragen atheïsten te bewijzen dat God niet bestaat

+++

Gerelateerd – Related articles

  1. Terechte kritiek vanuit gespecialiseerde ecologen op Dna-biologen @volkskrant #dnatechnologie #evolutieleer
  2. Terug naar de zee!
  3. Richard Dawkins, almost too British to function – de menselijke reflexiteit met betrekking tot inzicht en kritiek op de rede worden hier secundair en primair het contract, desondanks deze spanning zeer controversieel is in verband met de positie van de mens in de natuur en de bedenking met de drift boven dergelijke reflexifivtiet te plaatsen, is dit niet een een degratie van de mens, inzicht in de plaats van geforceerd ideen brengt een openplek voor de mens via een andere weg dan beginnen vanuit de hogere positie van de mens.
  4. Blogging through Darwin (3): Darwin admits his difficulties
  5. Scenes from a thesis: development
  6. Dataïsme op weg naar alleenheerschappij
  7. Myths and Misconceptions about evolution
  8. The God imperative
  9. Genesis 1:27 | Look at the Stars
  10. Darwin Devolves by Michael Behe
  11. Insects & Intelligent Design
  12. The Origin of the Universe — Explained by Hambo
  13. Hambo Says Tigers Prove the Bible Is True
  14. Creationist Wisdom #913: Science Has No Answers
  15. Creationist Wisdom #914: We’ve Been Poisoned
  16. Hawking Got Everything Wrong
Advertisements

Schepping, intelligent design, evolutie – Ontstaan en ontwikkeling van het leven op aarde (2)

Schepping, intelligent design, evolutie – Ontstaan en ontwikkeling van het leven op aarde (2)

Bijbel en Wetenschap – Geloof en onderzoek – een wetenschappelijke benadering

We hebben in het eerste deel van dit artikel al even gekeken naar de vermeende tegenstelling tussen schepping en evolutie, en daarbij geconstateerd dat het ene gaat over ontstaan en het andere over ontwikkeling. Maar wat zijn dan toch de punten die veel christenen doen menen een tegenstelling te zien?

Conflicterende tijdschalen?

Zwarte gaten en sterren

Wel, allereerst is er de tijdschaal. Veel bijbelgetrouwe christenen menen dat we uit Genesis 1 moeten opmaken dat de schepping zich heeft afgespeeld in 6 dagen van 24 uur. En dat op de zesde dag Adam is geschapen. Wanneer je vervolgens de leeftijden in de geslachtsregisters van Genesis 5 en 11 optelt, kom je voor de geboorte van Abraham uit op 1948 jaar na de schepping. En we weten dat Abraham rond 2000 v.Chr. leefde, dus kan de aarde volgens deze opvatting niet ouder kan zijn dan ca. 6000 jaar. De Engelse bisschop Usher berekende de schepping dan ook op exact 4004 v. Chr. (hij wist dit zelfs op de dag af te vermelden, maar dat vindt je in moderne opgaven niet meer terug). Anderzijds gaat de moderne wetenschap er van uit dat het heelal nu zo’n 13,7 miljard jaar oud is, dat onze aarde zo’n 4,5 miljard jaar oud is, dat het leven daarop zo’n 3,5 miljard jaar geleden is ontstaan en dierlijk leven ca. 0,5 miljard jaar geleden. Dat maakt het heelal ruim 2 miljoen maal zo oud als in bovenstaande opvatting, en dierlijk leven altijd nog bijna 100.000 maal zo oud. Dat zijn zeer grote verschillen. Daarnaast lijkt de bijbeltekst ons te vertellen dat elke levenssoort apart door God is geschapen, terwijl de evolutieleer er op neerkomt dat alle leven op aarde is ontstaan uit één enkele oervorm.

Jonge aarde versus oude aarde

We zitten dus uiteindelijk met twee conflictpunten: de tijdschaal en de mate van Gods bemoeienis met het ontstaan van de verschillende levensvormen. Aan de ene kant zijn er de creationisten die geloven in een volledige stap voor stap bemoeienis van God met het proces, en in een jonge aarde. Aan de andere kant zijn er de evolutionisten die geloven in een universele evolutie,
en in een oude aarde Maar strikt genomen gaat het daarbij om twee verschillende aspecten, al is het wel zo dat een universele evolutie noodzakelijkerwijs veel tijd vergt, en daarom niet valt te combineren met de gedachte van een jonge aarde. Maar de gedachte van een schepping valt wel degelijk te combineren met een oude aarde. En het is daarom op zijn minst misleidend om de theorie van een universele evolutie te ‘bestrijden’ met het argument van de leeftijd van de aarde. Toch gebeurt dat op grote
schaal.
Die overtuiging van een jonge aarde is echter volledig gebaseerd op de regelmatig terugkerende zin in Genesis 1:

“Toen was het avond geweest en het was morgen geweest: de eerste (tweede, derde, enz) dag.”

Maar in feite weten we niet precies wat deze uitdrukking ons wil vertellen. Hierover zijn in de loop van de tijd de volgende opvattingen verkondigd:

  • Het voorafgaande (de beschreven scheppingsdaad of -daden) heeft zich afgespeeld gedurende de voorafgaande 24 uur.
  • Het voorafgaande is gedurende die dag geopenbaard aan Mozes (die het vervolgens heeft opgeschreven in het boek Genesis).
  • Het voorafgaande is gedurende de voorafgaande avond bij wijze van instructie geopenbaard aan Adam (die het mondeling of op schrift heeft doorgegeven aan zijn nakomelingen).
  • Het geheel is een ‘dramatische’ voorstelling van Gods werk. Zo’n dramatische voorstelling vinden we bijvoorbeeld ook in 1 Koningen 22:19-22, en in de eerste twee hoofdstukken van het boek Job. Het geeft ons een ‘gedramatiseerd’ verslag dat de essentie beschrijft, maar geen objectieve werkelijkheid.

Het is hier niet de plaats om het voor en tegen van elk van deze suggesties te bespreken, maar het is goed om te beseffen dat we alleen in het eerste geval kunnen beredeneren dat er dan sprake moet zijn van een jonge aarde; in de andere gevallen weten we daar eenvoudig niets over. Het betekent dat we voorzichtig moeten zijn dit argument te gebruiken zolang we niet zeker weten of de Bijbel ons dat wil vertellen.

De kernvraag: hoe of waarom geschapen?

De fout die iedereen lijkt te maken, is Genesis 1 te lezen als een beschrijving van hoe God de aarde heeft geschapen. Maar voor onze behoudenis hoeven we dat helemaal niet te weten. Bovendien gaat het hoofdstuk niet over de schepping (die staat alleen als feit vermeld in vers 1), maar over het bewoonbaar maken van de aarde, die in eerste instantie nog woest (onbruikbaar) en leeg was. Wat dit hoofdstuk ons in werkelijkheid wil leren is waarom God de aarde stap voor stap bewoonbaar heeft gemaakt, zoals Jesaja ons duidelijk vertelt (Jesaja 45:18, waar datzelfde woord ‘woest’ is vertaald als ‘baaierd’). Daarom is het enige dat we zeker weten, het feit dat God er, hoe dan ook, voor gezorgd heeft dat de aarde zo werd als Hij die wilde hebben, en dat er die schepselen op kwamen te wonen die Hij daar wilde hebben. Hoe Hij dat heeft gedaan is niet van belang. En dus is elke discussie daarover een verspilling van tijd.

Overeenkomsten en verschillen tussen mensen en dieren

In feite vertelt Genesis 1 ons ook dat de mens in essentie bestaat uit dezelfde aardse materie waar ook de dieren uit bestaan: beide zijn geformeerd uit het ‘stof van de aardbodem’ (afar = aardse materie) en zijn zo geworden tot een levend wezen (nefesj), in leven gehouden door Gods levensadem (ruach). Het enige dat de mens van de dieren onderscheidt is zijn vermogen om God te kennen, en Hem dus bewust te dienen. Maar de mens die dat inzicht niet heeft, beschrijft de Schrift inderdaad als niet meer dan een dier. En dan is een beschrijving van die mens als een wat ‘opgepoetste’ aap niet eens zo ver bezijden de
waarheid. Het enige dat we zeker weten, is dat we door ons moreel inzicht van oorsprong een duidelijke meerwaarde hebben ten opzichte van de dieren, en dat wij van onze kant dan ook de plicht hebben met die meerwaarde iets te doen, namelijk God dienen.

We moeten dus concluderen dat de discussie tussen creationisten en evolutionisten in feite gaat over (bijbels gezien) niet van belang zijnde aspecten, die de aandacht slechts afleiden van waar het wel om gaat.

R.C.R

+

Voorgaande:

Wetenschap en religie zijn met elkaar te rijmen

Wetenschappers, filosofen hun zeggen, geloven en waarheden

Bijbel en Wetenschap – Geloof en onderzoek een wetenschappelijke benadering – Schepping, intelligent design, evolutie – Ontstaan en ontwikkeling van het leven op aarde (1)

++

Aanvullend

  1. Taal van de Bijbel onder ogen zien
  2. Begin van leven op aard: schepping of evolutie
  3. Ontstaan van het lineaire denken
  4. Kosmos, Schepper en Menselijk Lot
  5. Het begin van alles
  6. Van chaos naar ordelijkheid
  7. De Schepper achter eerste levende wezens
  8. EO-directie: ‘Wij geloven in God als Schepper’

+++

Gerelateerd

  1. Dhatu 5: Sunyata – De Leegte
  2. Terug naar de zee!
  3. God-Hypothesis: …in the Details
  4. Life aand Living Forms Present a Problem for Materialism but not for Biblical Theism
  5. Treadmills: Proof of Intelligent Design
  6. Mimicking a Neural Network–an exercise in Intelligent Design?
  7. Creationist Wisdom #896: Is There Any Hope?

Bijbel en Wetenschap – Geloof en onderzoek een wetenschappelijke benadering

Schepping, intelligent design, evolutie

Ontstaan en ontwikkeling van het leven op aarde (1)

Eind 2005 ontstond er enige opwinding over een voorstel van de Nederlandse Minister van Onderwijs om een discussie te organiseren over ‘ID’ (intelligent design = intelligent ontwerp). ID is als begrip komen overwaaien uit de Verenigde Staten en duidt op de geclaimde bewijzen dat onze wereld niet door toeval kan zijn ontstaan, maar dat er een ‘intelligent’ plan aan ten grondslag moet liggen. Deze gedachte is op zich niet nieuw, maar heeft nu een nieuwe naam. De strijd van sommige orthodox-christelijke groepen in de VS, om op scholen het zogenaamde ‘creationisme’ (scheppingsleer) te onderwijzen naast het
neodarwinisme’ (evolutieleer), is echter al veel ouder, en heeft feitelijk noch de serieuze Bijbeluitleg, noch de objectieve wetenschap veel goed gedaan. Het was daarom niet verwonderlijk dat het voorstel van de minister allerlei voorvechters uit beide kampen meteen weer de barricaden op joeg. Helaas is het daarbij gebleven.

De discussie is op zichzelf interessant genoeg. En wetenschappelijk gezien is er niets mis met een discussie over verschillende opvattingen. In de wetenschap is dat een normale manier om voortgang te boeken. Maar het onderwerp ‘het ontstaan van de wereld’ is zo beladen dat aan beide kanten sprake is van duidelijk fundamentalisme, waardoor ‘extremisten’, die het hardst roepen, het beeld bepalen. En omdat zij de discussie vooral zien als een oorlog, gaat de nuance volledig verloren, wat weer leidt tot allerlei begripsverwarring. Daarom wil ik eerst proberen de zaken wat meer in perspectief te zetten.

Ontstaan versus ontwikkeling

Schema met grondprincipes van de erfelijkheid (hier: autosomale vererving)

Weinigen lijken zich te realiseren dat schepping en evolutie in principe over verschillende dingen gaan, en dus op zichzelf niet met elkaar in strijd hoeven te zijn. De evolutieleer spreekt over een mechanisme waarmee biologen trachten te verklaren hoe de ene levensvorm zich zou kunnen hebben ontwikkeld tot een andere. Door toevallige veranderingen (mutaties) in het DNA, dat een codering van de erfelijke eigenschappen van de levensvorm bevat, zou een iets gewijzigde variant kunnen ontstaan.
Wanneer die variant beter toegerust zou zijn voor het leven in zijn leefomgeving, zou die zich vervolgens uitbreiden ten koste van de oorspronkelijke variant en die verdringen. Een reeks van dergelijke stappen zou dan kunnen leiden tot een totaal nieuwe soort.

Wanneer je van mening bent dat de Bijbel leert dat elke variant afzonderlijk door
God is geschapen, zou zo’n ontwikkeling inderdaad in strijd zijn met de Bijbel. Maar wanneer je meent dat God wellicht alleen de hoofdsoorten heeft geschapen, en niet elke variant daarop (wel een hond, maar niet elk afzonderlijk ras), dan hoeft daar geen conflict te liggen.

In algemeenheid geldt dat wetenschap tracht te verklaren hoe dingen zich ontwikkeld hebben, maar gewoonlijk nauwelijks, of geheel niet, in staat is uitspraken te doen over ontstaansoorzaken. Sommige wetenschappers hebben daar weliswaar zeer concrete ideeën over, maar die berusten op intellectuele overwegingen en niet op onderzoeksresultaten. En wanneer zij eerlijk zijn, proberen zij die ideeën niet te tooien met hun gezag als wetenschapper. Anderzijds wijst de Bijbel God aan als de primaire ontstaansoorzaak, maar vinden we weinig of niets over de manier waarop dingen tot stand zijn gekomen. De Bijbel gaat in principe niet over de manier waarop, maar over de reden waarom.

Evolutie

Beperkte evolutie hoeft op zichzelf niet in strijd te zijn met de Bijbel.
En voor een dergelijke beperkte evolutie zijn er redelijke wetenschappelijke aanwijzingen. De reden waarom neodarwinisme zich slecht verdraagt met de leer van de Bijbel is vooral gelegen in de gedachte van een ‘universele’ evolutie:

alle leven op aarde zou zich door middel van evolutie hebben ontwikkeld uit één enkele oervorm.

De chemische structuur van DNA. Blauw, rood, groen en paars: basen. Oranje: deoxyribosegroep. Geel: fosfaatgroep. De twee- en drievoudige waterstofbruggen zijn aangegeven met stippellijntjes. De 3′- en de 5′-uiteinden van de “ruggengraten” staan eveneens aangegeven

Daarvoor zijn echter weer geen harde wetenschappelijke bewijzen. Die gedachte steunt op de overweging dat een degelijke ontwikkeling, wetenschappelijk gezien, het enige redelijke alternatief is voor een bewuste schepping.
Maar dan mag je dat alternatief daar dus niet mee ‘bewijzen’, want dat zou een klassiek geval zijn van een cirkelredenering.

Belangrijk is echter het volgende. Als evolutie het gevolg is van een mutatie van DNA, dan moet je wel eerst DNA hebben! Evolutie gaat
dus over de ontwikkeling van het leven op aarde (en in dat kader over
het ontstaan van verschillende soorten), maar absoluut niet over het
ontstaan van leven op aarde.

Weliswaar zijn daar ook ideeën over, en die worden gemakshalve ook
nog wel meegenomen onder de kop neodarwinisme (populair:
‘evolutie’), maar dat is toch een totaal ander onderwerp: met evolutie
(waar of niet) kun je het ontstaan van leven niet verklaren!

Het ontstaan van leven

Fred Polak.jpg

Fred Lodewijk Polak (1907–1985) Nederlands ambtenaar, hoogleraar, bestuurder en politicus voor de PvdA en DS’70 + een van de aartsvaders van de Nederlandse futurologie.

Die theorieën over het ontstaan van leven kun je echter, in tegenstelling tot die over de evolutie zelf, prima in een laboratorium toetsen. En dan moeten we concluderen dat zulke proeven tot op heden erg weinig concreets hebben opgeleverd. Strikt wetenschappelijk gesproken moet je dan aannemen dat er blijkbaar nog te grote afwijkingen van de werkelijkheid in zitten, wat sommigen er echter niet van weerhoudt ze voor principieel correct te houden: het zou alleen nog wat schorten aan de details. In 1981 sprak de toenmalige futuroloog Fred Polak als zijn verwachting uit dat er vóór het einde van de eeuw kunstmatig leven zou zijn geproduceerd. We zijn nu bijna aan kwart eeuw verder, en we zijn nog geen stap dichter bij dat doel dan toen. Dus opnieuw: wetenschappelijk moet je dan concluderen dat er ernstige manco’s zitten in je theorie. Hoe dat precies zit kan ik het kader van dit artikeltje niet uitleggen (dat heb ik elders wel gedaan), maar het komt er op neer dat die manco’s (wetenschappelijk gesproken!) niet in de exacte details zitten, maar van principiële aard zijn. En dat betekent dat, wat neodarwinisme ook te zeggen mag hebben over de ontwikkeling van het leven op aarde, het in elk geval tot nu toe niets nuttigs heeft kunnen zeggen over de oorsprong van dat leven.

R.C.R.

+

Voorgaande

Wetenschappers, filosofen hun zeggen, geloven en waarheden

++

Aanvullende lectuur

  1. Het begin van alles
  2. Is daar een veroorzaker van alles
  3. Gods vergeten Woord 11 Schepping 3 Andere ontstaansverhalen
  4. Gods vergeten Woord 12 Schepping 4 De Schepper zelf
  5. Terugblikkend op de eerste mens en eerste gebeurtenissen 1 Ontstaan en plaatsing eerste mens
  6. Bereshith 2:4-14 Adem en leven plaatsing door de Elohim God
  7. Kosmos, Schepper en Menselijk Lot
  8. Vertrouwen, Geloof, Roepen en Toeschrijving aan Jehovah #3 Stem van God #1 Schepper en Zijn profeten
  9. Het begin van Jezus #2 Aller Begin
  10. Ongelovige Thomassen, Jezus en zijn God
  11. Materialisme, “would be” leven en aspiraties #3

Wetenschap: God of afgod? 2 De grenzen van de wetenschap

De vorige keer stelden we de vraag of wetenschap in strijd zou zijn met de Bijbel. Daarvoor moeten we allereerst begrijpen wat wetenschap eigenlijk is en wat het doet. Daarover gaat het nu.

Wetenschap bestudeert waargenomen verschijnselen en tracht daar een logische onderlinge samenhang in te vinden of, wat kort door de bocht, die te ‘verklaren’.
Maar al zal er voor ieder ‘waarom’ ook een ‘daarom’ zijn, ieder ‘daarom’ roept weer zijn eigen ‘waarom’ op. Waarom valt die vogel in de lucht niet naar beneden? Omdat hij vleugels heeft. Maar hoe werken die vleugels dan? Dat volgt uit de stroming van de lucht er omheen, en dat kun je weer verklaren uit de theorieën van de aerodynamica, die zelf weer volgen uit de wetten van de stromingsleer, die weer berusten op meer fundamentele behoudswetten (zoals behoud van massa en energie). Enz.
enz. enz., totdat je bent aangeland bij de grenzen van de gezamenlijke kennis. Maar niet bij die ene, unieke alles verklarende basisoorzaak!

Verschuivende grenzen

Die grenzen schuiven voortdurend op, maar die primaire oorzaak zul je zo nooit bereiken. Enerzijds kan dat frustrerend zijn, want als wetenschappers willen we graag alles weten. Anderzijds houdt het ons van de straat, want er blijft altijd weer wat te onderzoeken over. En voor de dagelijkse praktijk kunnen we er prima mee uit de voeten. Ooit moest je flink wat bruggen bouwen, waarvan er vrij veel op ongelegen momenten instortten, voordat we door begonnen te krijgen hoe je dat een beetje betrouwbaar kon voorkomen. En toen de Zweden in 1625 een nieuw oorlogsschip wilden hebben dat een maatje groter was dan alles tot dan toe, is dat al vóór de afvaart in de haven van Stockholm gezonken, omdat de stabiliteit wat te wensen over liet. Tegenwoordig lukt zulk opschalen van bekende ontwerpen naar grotere toch aanzienlijk beter. Je kunt al dat soort dingen nu van tevoren uitrekenen (ook al gebeurt er ook nu nog wel eens iets dat niet helemaal was voorzien). Het is echter van belang te beseffen dat wetenschap is gebaseerd op (waargenomen) feiten.
En mits die waarnemingen betrouwbaar zijn, moeten we ervan uitgaan dat die feiten nooit in strijd kunnen zijn met de waarheid: ze zijn de waarheid. En de zich Bijbelgetrouw noemende christen die bang is voor feiten, gelooft strikt genomen niet echt in de waarheid van de Bijbel.

De ‘ondergrens’

Oogsten van wilgen voor bio-brandstof

Het moet daarom wel duidelijk zijn dat we al te simpele opvattingen wel als onwetenschappelijk naar de prullenmand moeten verwijzen, omdat ze niet voldoen aan een minimum van wetenschappelijke redelijkheid. In mijn loopbaan ben ik regelmatig geconfronteerd met spectaculaire uitvindingen die auto’s op slag 20-30 % zuiniger zouden maken. Iemand komt dan bijvoorbeeld aanzetten met een apparaat dat de brandstofmoleculen zou ‘ioniseren’ en daarmee ‘richten’ zodat ze allemaal met de neuzen dezelfde kant op staan, wat een zoveel completere verbranding zou geven dat je die 30 % besparing beslist zou halen. Nu is het wetenschappelijk niet bekend dat je brandstofmoleculen zo zou kunnen ioniseren, en wetenschappelijk gezien kun je je ook al niets voorstellen bij dat ‘richten’, noch over de invloed die dat hoe dan ook zou kunnen hebben op de kwaliteit van de verbranding als dat al mogelijk zou zijn. Dat is gewoon consequent doorredeneren op basis van wat we weten. Je kunt ook overwegen dat er nooit meer dan iets van 5 % van de brandstof verloren ging door onvolledige verbranding, dus dan ga je die 30 % besparing ook dan nog niet halen. Daar hoef je niet eens voor te weten hoe het werkt, of zelfs maar òf het werkt. Dat is gewoon een kwestie van gezond verstand en kennis van zaken. En daar is niets mysterieus aan.
Dit voorbeeld lijkt misschien wat opgeklopt (hoewel toch echt uit het leven gegrepen). Maar tot ver in de 19e eeuw stond bijvoorbeeld de medische ‘wetenschap’ nog steeds op zulk peil. Op basis van wat we nu weten over bacteriën en virussen, en over de opbouw en het functioneren van het menselijk lichaam, stond die kennis nog op het niveau van middeleeuwse kwakzalverij. Volgens sommigen was het relatieve succes van een, wetenschappelijk gesproken, dubieuze theorie als homeopathie voornamelijk een gevolg van het feit dat deze theorie voor de patiënt in elk geval een stuk minder gevaarlijk was dan de toenmalige ‘reguliere’ geneeskunde. En bij alle publiciteit over medische missers zouden we er goed aan doen te bedenken dat in bijbelse tijden ziekten vaak al heel snel levensbedreigend waren. Onze opvatting dat doodgaan aan een ziekte eigenlijk ‘niet zou moeten kunnen’ is een luxe van zeer recente datum (en dan nog alleen voor onze westerse maatschappij!).

De ‘bovengrens’

Maar behalve een ‘ondergrens’ is er ook een ‘bovengrens’. In een interview met de auteurs van een nieuw boek viel (in het kader van God als schepper) de vraag of er plaats zou zijn voor een ‘boedelscheiding tussen wetenschap en godsdienst’. Het antwoord was:

“Of je bent lid van de wetenschappelijke gemeenschap, of je bent het niet. Beide tegelijk kan niet.”

Maar zo’n opmerking snijdt wetenschappelijk totaal geen hout. Wetenschappelijke theorieën en wetten beschrijven de logische samenhang tussen ‘normale’ verschijnselen. Maar elke goede wetenschapper weet dat als je de grenzen van het mogelijke nadert, die samenhang kan gaan verschuiven. Zo is er een wet van behoud van energie en één van behoud van massa. Onder normale omstandigheden zal energietoevoer aan een bewegend voorwerp resulteren in toename van de snelheid. Maar Einstein toonde aan dat als je de snelheid van het licht nadert, die energie zich gaat omzetten in massa. En in elke kernreactie wordt massa omgezet in energie. Dus onder extreme omstandigheden werken die beide wetten elk voor zich niet meer (hoewel nog wel de combinatie). En ‘God’ is uiteraard ook zo’n uiterste grens.

Wetenschap kan evenmin een primaire oorzaak aangeven, zoals ik al eerder aangaf. Wetenschap kan ontwikkelingen verklaren, en daarmee kun je uiteindelijk soms een beginpunt vaststellen. Maar een beginpunt is nog geen oorzaak. Zoals de politie uit een voetspoor in de sneeuw wel kan zien waar de verdachte zijn wandeling is begonnen, maar absoluut niet waarom hij dat deed. Zo zou je ook een perfecte geluidsopname kunnen maken van de Matthäus Passion en daar via Fouriertransformatie en frequentieanalyse een compleet geluidsspectrum van bepalen; en dat dan weer volledig verklaren uit de interactie tussen de akoestische eigenschappen van de instrumenten en stemmen enerzijds en de zaalcondities (akoestiek, luchtsamenstelling, vochtigheidsgraad, temperatuur, etc.) anderzijds. Maar betekent dat echt dat je dan afstand zou moeten doen van J.S.Bach als ‘schepper’ (primaire oorzaak) van dat werk? Omdat dat niet wetenschappelijk zou zijn? Kom nou! Dit is gewoon quasi-wetenschappelijk geleuter.

R.C.R
Bijbel en Wetenschap

+

Voorgaande:

Wetenschap: God of afgod 1 Wat zijn wetenschap en Bijbel en hun raakvlakken

Stemt de Bijbel overeen met de wetenschap

Wetenschap en religie zijn met elkaar te rijmen

Wetenschappers, filosofen hun zeggen, geloven en waarheden

++

Aanvullende lectuur

  1. Filosofen, theologen en ogen naar de ware kennisgever van bestaan van God
  2. Hermeneutiek om uit te dragen #3 Wetenschap
  3. Geleerd en Gelovig
  4. Vaticaan publiceert procesakten van Galileo Galilei
  5. 2de vraag: Wat of waar is het begin

+++

Gerelateerd

  1. Wetenschap in beeld
  2. Superdiversiteit maakt alles wat complexer (video)
  3. Nietzsche in tien vrolijke lessen
  4. Theologie in de 21ste eeuw: de taak van een discipline in het nauw
  5. Even geen paraplu meer nodig
  6. Hoe wordt voeding weer een wetenschap?

Wetenschap: God of afgod 1 Wat zijn wetenschap en Bijbel en hun raakvlakken

Vijanden van elkaar

Het is vreemd, maar veel christenen menen dat Bijbel en wetenschap natuurlijke vijanden van elkaar zijn. Alles wat wetenschap in feite doet, is echter de wereld om ons heen systematisch beschrijven. Goede wetenschap berust op feiten en doet daar verslag van. Waarom zijn zoveel christenen daar dan bang voor? Vrezen zij dat een al te helder licht op de feiten wellicht zou kunnen aantonen dat hun opvattingen over de uiterste houdbaarheidsdatum heen zijn?
Natuurlijk, er zijn gezaghebbende wetenschappers die hun status misbruiken om hun privé opvattingen over atheïsme gezag te verlenen, zoals er ook theologen zijn die hun gezag als theoloog misbruiken om onverantwoorde uitspraken te doen. Dat
zegt weliswaar veel over de beperkte betrouwbaarheid van mensen, maar nog niets over nut of onnut van wetenschap, of van theologie.

Wat is wetenschap?

Wetenschap beschrijft de werkelijkheid. Je gaat uit van waarnemingen, vaak meetresultaten al hoeft dat niet. Die probeer je te verklaren; dan krijg je een ‘hypothese’. Vervolgens redeneer je: als ik dit doe dan moet er dat gebeuren, en dat ga je dan controleren d.m.v. experimenten. Als het klopt wordt je hypothese een theorie. Die theorie is een mogelijke verklaring/beschrijving van wat je in de natuur waarneemt, en daar mogen geen uitzonderingen op bekend zijn. Het vervelende is alleen dat zo’n uitzondering altijd morgen kan opduiken. Als dat gebeurt moet je je theorie zodanig aanpassen dat die nieuwe waarneming daar ook in past.
Als dat niet lukt, moet je hem weggooien en een andere bedenken. Maar een theorie is altijd gebaseerd op waargenomen feiten. En die zijn in elk geval juist. Alleen de verklaring daarvan zou tekort kunnen schieten. In concreto: dinosaurussen hebben bestaan; de vraag is alleen: hoe zijn we er ooit aangekomen, en hoe zijn we er weer van afgekomen. Dat laatste
is een verklaring, een theorie, waar je over kunt discussiëren. Maar te ontkennen dat die beesten ooit hebben bestaan is niet aan de orde.

Wat is de Bijbel?

Aan de andere kant hebben we de Bijbel, Gods instructieboek aan ons, ons ‘Handboek-soldaat’, dat ons alles vertelt wat we moeten weten om een goed christen te zijn. Zoals dat Handboek-soldaat de dienstplichtige destijds alles vertelde wat hij moest
weten om een goed soldaat te zijn.

Maar de Bijbel vertelt je beslist niet waar de dinosaurus vandaan kwam, of waar hij is gebleven, want dat hoef je als christen niet te weten. Zoals het Handboek-soldaat je niet vertelde wie de Mona Lisa heeft geschilderd, of waar je die nu kunt zien. En zoals de wetenschapper er van uit gaat dat zijn waarnemingen juist zijn – dat zij de feiten zijn waar hij zich op kan baseren – zo gaat de bijbellezer er van uit dat de tekst die hij voor zich heeft juist is, dat die de waarheid is waar hij zich op kan baseren.

Strikt genomen is noch het een noch het ander volledig gegarandeerd. Waarnemingen kunnen achteraf wel eens vals blijken te zijn geweest, en evenzo kan de Bijbeltekst wel eens verkeerd zijn overgeleverd, en wij lezen hem in elk geval altijd in een vertaling!
Maar door de band genomen klopt dat allemaal wel.

Maar zoals feiten op zichzelf geen betekenis hebben, en eerst moeten worden geïnterpreteerd voordat ze iets voor ons betekenen, zo moeten we ook de Bijbeltekst eerst uitleggen voordat die iets voor ons betekent.

En zoals een wetenschappelijke theorie achteraf wel eens onjuist, of op zijn minst onvolledig, kan blijken te zijn, zo hoeft ook een theologische uitleg niet altijd de absolute waarheid te zijn. Anders gezegd: feiten liegen niet, maar wetenschappers soms wel, en die zijn in elk geval niet onfeilbaar. Maar evenzo: Gods woord is weliswaar de waarheid, maar Bijbellezers en Bijbeluitleggers kunnen, al dan niet met de beste bedoelingen, soms heel scheve schaatsen rijden.

Welke raakvlakken zijn er eigenlijk

U vindt een en ander geïllustreerd in het schema. Wetenschap is gebaseerd op waargenomen feiten en christendom op de tekst van de Bijbel.
Die kunnen nooit met elkaar in strijd zijn. Dat kan hooguit met de uitleg van die feiten en teksten, maar hoe groot is die kans? Wetenschap gaat vooral over fysieke zaken, en de Bijbel over geestelijk leven. De meeste ‘conflicten’ ontstaan wanneer christenen in bepaalde teksten een beschrijving gaan lezen van natuurkundige of biologische principes. Zoals de middeleeuwse kerk in de Schrift de bevestiging zag van een wereldbeeld met de aarde als het middelpunt van het heelal. Daar kwamen geleerden als Copernicus en Galileï mee in conflict toen ze beweerden dat de aarde om de zon draaide, in plaats van andersom.

De Italiaans natuurkundige, astronoom, wiskundige en filosoof Galilei en Viviani, 1892, Tito Lessi

Maar de Bijbel gaat niet over de fysieke inrichting van het heelal, die gaat over het feit dat God de aarde heeft geschapen als
geestelijk middelpunt van zijn plan met de mens. Wat hier mis gaat is daarom niet de
interpretatie van bepaalde teksten als zodanig, maar het feit dat de Bijbel wordt gelezen vanuit een totaal verkeerde invalshoek. Waarna die invalshoek vervolgens tot zulke misinterpretaties leidt.
Helaas is die middeleeuwse invalshoek tot ons christelijk erfgoed gaan behoren, zodat dit soort misinterpretaties nog steeds voorkomen. Wanneer de wetenschap dan aantoont dat die niet overeenstemmen met onze waarnemingen, ligt dat echt niet aan die waarnemingen. Ja,
de Bijbel is geïnspireerd, en kan niet fout zijn. Maar onze uitleg van die Bijbel is niet geïnspireerd, en kan er wel degelijk mijlenver naast zitten!

Het schema toont ons dat, en we moeten ons dan steeds afvragen of de interpretatie van de feiten onjuist is, of toch onze uitleg (exegese) van de Bijbel. Maar het schema toont ons ook waar het veel vaker mis gaat: feilbare mensen, aan de ene kant of aan de andere, bouwen op hun begrip van de feiten of van de Bijbeltekst een verdere redenering (bij gebrek aan een betere term heb ik dat maar filosofieën genoemd) die in conflict is met wat we aan de andere kant weten. Maar dat mag je de Bijbel niet verwijten, en evenmin de wetenschap. Dat ligt aan de neiging van mensen die iets willen ‘bewijzen’ om daar hun vakgebied
voor te misbruiken, of dat nu Bijbelexegese is of juist wetenschap.
Maar in feite is het geen van beide, in feite is het in beide gevallen een vorm van bijgeloof. In de komende afleveringen willen we daarom een aantal van dit soort confrontaties wat nader beschouwen.

+

Aanvullende lectuur

  1. Rond de Bijbel
  2. Bijbel verzameld Woord van God
  3. Boek der boeken de Bijbel
  4. Boek in onze handen
  5. Bijbel baken en zuiverend water
  6. Bestseller aller tijden
  7. De Bijbel als instructieboek
  8. De Bijbel als instructieboek #1 Lezen van de Bijbel
  9. De Bijbel als instructieboek #2 Effectief Bijbellezen
  10. De Bijbel als instructieboek #3 De Taal van de Bijbel
  11. Nut van het lezen van de Bijbel
  12. Missionaire hermeneutiek 1/5
  13. Missionaire hermeneutiek 2/5
  14. Hermeneutiek om uit te dragen #3 Wetenschap
  15. Hermeneutiek om uit te dragen #7 In Harmonie
  16. Hermeneutiek om uit te dragen #8 Tegenspraak

+++

Gerelateerd

  1. Herman Bavinck on Traveling and the Theology of Nature Hoe leert men dan nog beter dan voorheen de taal van Psalmen en Profeten waardeeren en de heerlijke natuurpoëzie van den Bijbel verstaan?

De wetenschap dat God bestaat

Aansluitend op de Engelstalige berichten en op de reeks over de Schepping bij de Broeders in Christus willen wij even een kijkje nemen op onderstaand artikel dat kijkt naar enkele reacties in de pers over de zienswijze van evangelische kringen.

Wij weten dat zij niet enkel een zeer enge visie op het drie-eenheidsdenken en op de ontstaansgeschiedenis van de aarde hebben en dat het Noord Amerika erg gevoed wordt door de enge creationistische zienswijze. Maar misschien komt er toch verandering in het woelwater.

Op te merken

  •  wetenschap => steeds minder behoefte aan een God die het universum verklaarde.
  • 1966 astronoom Carl Sagan > bewering > twee belangrijke criteria: juiste ster + planeet op juiste afstand van die ster
  • kansberekening => hele universum = miljarden planeten waarop leven mogelijk
  • heelal af speuren op zoek naar buitenaards leven > zonder resultaat
  • kennis met betrekking tot universum neemt nog elke dag toe
  • aantal condities waaraan een planeet moet voldoen om leven mogelijk te maken vele malen hoger dan aantal wat Carl Sagan in 1966 veronderstelde + aantal groeit nog steeds
  • meer dan 200 parameters bekend nodig  om leven op een planeet mogelijk te maken en in stand te houden
  • kans onwaarschijnlijk dat alle parameters voor het universum en een levensvatbare planeet ‘toevallig’ door een ongeleid proces zo werden zoals ze nu zijn
  • Wat vraagt meer geloof,.. de aanname dat er een intelligentie verantwoordelijk is voor die ontelbare reeks perfecte en onontbeerlijke condities of de aanname dat elke parameter, tegen het gezond verstand en kansberekening in, door een toevallig en blind proces precies goed is?
  • intelligente schepper
  • universum en onze aarde waarschijnlijker dat er een intelligentie achter zit => intelligente scheppende kracht

+

Vindt ook:

  1. Kosmos, Schepper en Menselijk Lot
  2. Wetenschappers, filosofen hun zeggen, geloven en waarheden
  3. Vertrouwen, Geloof, Roepen en Toeschrijving aan Jehovah #3 Stem van God #1 Schepper en Zijn profeten
  4. Het begin van Jezus #2 Aller Begin
  5. Schepper en Blogger God 1 Leegte en Beweging
  6. De Wereld tot stand gekomen door het Woord van God
  7. Begin van leven op aard: schepping of evolutie
  8. Gods vergeten Woord 9 Schepping 1 Scheppingsplan en Schepper
  9. Gods vergeten Woord 10 Schepping 2 Schepper en Schepping
  10. Gods vergeten Woord 11 Schepping 3 Andere ontstaansverhalen
  11. Gods vergeten Woord 12 Schepping 4 De Schepper zelf
  12. EO-directie: ‘Wij geloven in God als Schepper’
  13. Schoonheid van de natuur
  14. Wetenschappers, filosofen hun zeggen, geloven en waarheden
  15. Stemt de Bijbel overeen met de wetenschap
  16. Zonder God geen reden, geen doel, geen hoop

Vier redenen vóór de opstanding

Aansluitend met onze artikelen over religie en wetenschap vallen de zienswijze op de vele wonderen die er zijn gebeurd in de Bijbel onder ogen te nemen. Eén van de vreemdste daarbij zijn de opstanding van Jezus, die dan nog een tijdje, na zijn dood door meerdere mensen kon gezien worden, maar na het opgaan in de hemel, gezien door zijn apostelen, heeft niemand hem dan nog gezien.

.

Dat er geen bovennatuurlijke oorzaken zouden kunnen zijn kan alom tegen gesproken door de vele dingen die wij kunnen waarnemen in de natuur maar niet kunnen verklaren.

.

Het verdwijnen van Jezus zijn lichaam kwam eigenlijk niemand ten goede. De soldaten bewaakten het graf, zodat het lichaam niet zou kunnen gestolen worden. Toen zij echter zelf konden vast stellen dat Jezus op een onwaarschijnlijke manier uit het graf verdwenen was gingen enkelen van die mannen naar de leidende priesters. Zij vertelden wat er was gebeurd en de Hoge Raad werd onmiddellijk bijeengeroepen. Ze besloten de bewakers om te kopen en te laten zeggen dat ze in slaap waren gevallen. Daardoor hadden de discipelen van Jezus zijn lichaam kunnen weghalen. De bewakers namen de steekpenningen aan en deden wat hun was opgedragen. Zo is dit verhaal onder de Joden ontstaan. En zij geloven het nu nog steeds.

Zelfs onder de apostelen was er twijfel en zij geloofden eerst niet dat Jezus lichaam weg was uit het graf, want zij waren er van overtuigd dat Jezus er in opgeborgen was en goed bewaakt werd. Zonder aarzeling lieten zij ook hun twijfel over het verdwijnen van Jezus weten. Verscheidene moesten er van overtuigd worden door Jezus dat hij het werkelijk was die aan hen verscheen.

.

“11  Terwijl de vrouwen onderweg waren, gingen enkele van de bewakers naar de stad. Daar vertelden ze de hogepriesters alles wat er gebeurd was. 12 Die vergaderden met de oudsten en besloten de soldaten een flinke som geld te geven 13 en hun op te dragen: ‘Zeg maar: “Zijn leerlingen zijn ‘s nachts gekomen en hebben hem heimelijk weggehaald terwijl wij sliepen.” 14 En mocht dit de prefect ter ore komen, dan zullen wij hem wel bepraten en ervoor zorgen dat jullie buiten schot blijven.’ 15 Ze namen het geld aan en deden zoals hun was opgedragen. En tot op de dag van vandaag doet dit verhaal onder de Joden de ronde.” (Mattheüs 28:11-15 NBV)

+

“16 De elf leerlingen gingen naar Galilea, naar de berg waar Jezus hen had onderricht, 17 en toen ze hem zagen bewezen ze hem eer, al twijfelden enkelen nog.” (Mattheüs 28:16-17 NBV)

.

De volgelingen hadden gezien wat met hun meester was gedaan en waren bang ook zulk een dood tegemoet te gaan indien zij als volgeling zouden herkend worden. Bevend van schrik en helemaal overstuur waren de vrouwen, waaronder  Maria van Magdala, het graf uit gerend en durfden er met niemand over praten. Maar toen de Emmaus gangers er over vertelden waren de apostelen met verstomming en ongeloof geslagen.

“1  Toen de sabbat voorbij was, kochten Maria uit Magdala en Maria de moeder van Jakobus, en Salome geurige olie om hem te balsemen. 2 Op de eerste dag van de week gingen ze heel vroeg in de ochtend, vlak na zonsopgang, naar het graf. 3 Ze zeiden tegen elkaar: ‘Wie zal voor ons de steen voor de ingang van het graf wegrollen?’ 4 Maar toen ze opkeken, zagen ze dat de steen al was weggerold; het was een heel grote steen. 5 Toen ze het graf binnengingen, zagen ze rechts een in het wit geklede jongeman zitten. Ze schrokken vreselijk. 6 Maar hij zei tegen hen: ‘Wees niet bang. U zoekt Jezus, de man uit Nazaret die gekruisigd is. Hij is opgewekt uit de dood, hij is niet hier; kijk, dat is de plaats waar hij was neergelegd. 7 Ga terug en zeg tegen zijn leerlingen en tegen Petrus: “Hij gaat jullie voor naar Galilea, daar zullen jullie hem zien, zoals hij jullie heeft gezegd.”’ 8 Ze gingen naar buiten en vluchtten bij het graf vandaan, want ze waren bevangen door angst en schrik. Ze waren zo erg geschrokken dat ze tegen niemand iets zeiden.” (Markus 16:1-8 NBV)

+

“13 Ze gingen terug en vertelden het aan de anderen; maar ook zij werden niet geloofd. 14 Ten slotte verscheen hij aan de elf terwijl ze aan het eten waren, en hij verweet hun hun ongeloof en halsstarrigheid, omdat ze geen geloof hadden geschonken aan degenen die hem hadden gezien nadat hij uit de dood was opgewekt.” (Markus 16:13-14 NBV)

+

“3 Het belangrijkste dat ik u heb doorgegeven, heb ik op mijn beurt ook weer ontvangen: dat Christus voor onze zonden is gestorven, zoals in de Schriften staat, 4 dat hij is begraven en op de derde dag is opgewekt, zoals in de Schriften staat, 5 en dat hij is verschenen aan Kefas en vervolgens aan de twaalf leerlingen. 6 Daarna is hij verschenen aan meer dan vijfhonderd broeders en zusters tegelijk, van wie er enkelen gestorven zijn, maar de meesten nu nog leven.” (1 Corinthiërs 15:3-6 NBV)

.

De broer van Jezus, Jakobus had ook eerst niet veel gevonden van zijn oudste broer en had ook eerst gespot met hem en zijn volgelingen. Maar na die bijzondere gebeurtenissen kon hij niet anders geloven dan in die wonderbaarlijke onverklaarbare gebeurtenissen.

“Ook zijn broers geloofden namelijk niet in hem.” (Johannes 7:5 NBV)

Jakobus kwam ook tot de overtuiging dat zijn broer de gezondene van God was, die de enige weg tot de Almachtige God was voor alle mensen. (Johannes 14:6) De geschiedschrijver Josephus noteerde in zijn boeken dat ook dit lid van de familie uit de stam van koning David de dood door mensen aangebracht moest ondergaan. Op bevel van Anais, de hogepriester werd hij gestenigd, omdat hij bleef verkondigen dat Jezus de zoon van God was die opgestaan was uit de dood. Indien dat niet de waarheid was, wie zou er dan voor willen sterven na lange martelingen? En er werden velen gemarteld en er werden velen er toe verleid om in te gaan op een afkoopsom om te vertellen dat het niet waar was maar dat de volgelingen van Jezus het lichaam weg hadden genomen.

.

Jezus had een bijzonder voorbeeldig leven geleid en wenste dat zijn volgelingen dat ook deden. Hij wenste ook dat niemand leugens zou vertellen en altijd het goede met de anderen zouden voor hebben. Hoe zou dan zulk een leugen te rijmen geweest zijn met het hoge zedelijke peil dat Jezus van hen verwachtte?

.

Michael Green merkt over de opstanding op:

“Dat was het geloof dat verslagen volgelingen van een gekruisigde rabbi veranderde in moedige getuigen en martelaren van de jonge kerk”

Zonder zulk een echt wonder kan men onder grote martelingen niet echt stand houden en zou de gemeenschap van volgelingen van die erg gehate rabbi, niet zo snel hebben kunnen uitgroeien. De vele getuigen waren spreekbuizen, die indien zulke dingen niet zouden gebeurd zijn makkelijk en snel zouden terug gefloten zijn.

.

“40 en riepen de apostelen weer binnen. Ze lieten hen geselen, bevalen hun de naam van Jezus niet meer te gebruiken en lieten hen vrij. 41 De apostelen verlieten het Sanhedrin, verheugd dat ze waardig bevonden waren deze vernedering te ondergaan omwille van de naam van Jezus. 42 Ze bleven dagelijks onderricht geven in de tempel of bij iemand thuis en gingen door met het verkondigen van het goede nieuws dat Jezus de messias is.” (Handelingen 5:40-42 NBV)

Eerst enorme ‘broekschijters’ waren zij nu enorm moedige mannen geworden, standvastig tot de dood toe. Velen bezegelden hun getuigenis met bloed. Simon Greenleaf (destijds hoogleraar in de rechten aan Harvard University), die er jarenlang een college over gaf hoe men een getuigenis moet ontzenuwen en bepalen of een getuige liegt of niet, kwam tot deze conclusie:

.

“In de geschiedenis van de militaire oorlogvoering is haast geen voorbeeld te vinden van een dergelijke heldhaftige standvastigheid, lijdzaamheid en onverschrokken moed. Ze hadden alle reden om de grondslagen van hun geloof nauwkeurig te heroverwegen, evenals de bewijzen van de feiten en waarheden die zij verkondigden.” (Simon Greenleaf, an Examination of the Testimony of the Four Evangelists by the rules of Evidence Administered in the Courts of Justice)

+

Lees ook:

  1. Dagelijkse schoonheid
  2. Jezus moest sterven
  3. Jezus is verrezen
  4. Christus is waarlijk opgestaan uit de dood
  5. Hoe zullen de doden weer levend gemaakt worden?
  6. Alles zal worden opgeslorpt door de overwinning van het goede
  7. Wederopstanding, ook van huisdieren
  8. De hoop op leven
  9. Opdracht tot getuigenis

+++