Bijbel, zwaard van de Geest in de eenheid van het geloof en van de kennis van de Zoon van God om tot een volkomen mens te komen

 

 

“Een psalm van David, voor den opperzangmeester. {1} (19-2) De hemelen vertellen {2} Gods eer, en het uitspansel {3} verkondigt Zijner handen werk.” (Psalmen 19:1 STV)

“1  Toen sprak God {1} al deze woorden, {2} zeggende: 2 Ik ben de HEERE uw God, Die u uit Egypteland, uit het diensthuis, {3} uitgeleid heb. 3 Gij zult geen andere goden {4} voor Mijn aangezicht hebben.” (Exodus 20:1-3 STV)

“Alzo zegt de Heere HEERE: Het zal niet bestaan, {22} en het zal niet geschieden.” (Jesaja 7:7 STV)

“En de HEERE stak Zijn hand uit, en roerde mijn mond aan; {20} en de HEERE zeide tot mij: Zie, Ik geef Mijn woorden in uw mond. {21}” (Jeremia 1:9 STV)

“Gelooft gij niet, dat Ik in den Vader [ben], en de Vader in Mij is? De woorden, {20} die Ik tot ulieden spreek, spreek Ik van Mijzelven niet, maar de Vader, Die in Mij blijft, {21} Dezelve doet de werken. {22}” (Johannes 14:10 STV)

“En neemt den helm der zaligheid, {40} en het zwaard des Geestes, {41} hetwelk is Gods Woord.” (Efeziërs 6:17 STV)

“Hij zeide voorts: Ik ben de God uws vaders, de God van Abraham, de God van Izak en de God van Jakob. En Mozes verborg zijn aangezicht, {10} want hij vreesde God aan te zien.” (Exodus 3:6 STV)

“Doch wij weten, dat de Zoon van God gekomen is, en heeft ons het verstand gegeven, {54} dat wij den Waarachtige kennen; {55} en wij zijn in den Waarachtige, {56} [namelijk] in Zijn {57} Zoon Jezus Christus. Deze is de waarachtige {58} God, en het eeuwige Leven. {59}” (1 Johannes 5:20 STV)

“Gij Heere, zijt waardig te ontvangen de heerlijkheid, {24} en de eer, en de kracht; want Gij hebt alle dingen geschapen, en door Uw wil zijn zij, {25} en zijn zij geschapen.” (Openbaring 4:11 STV)

“2 (6-1) Verder sprak God tot Mozes, en zeide tot hem: Ik ben de HEERE, {1} 3 (6-2) En Ik ben aan Abraham, Izak, en Jakob verschenen, als God {2} de Almachtige; {3} doch met Mijn Naam HEERE ben Ik hun niet bekend geweest. {4}” (Exodus 6:2-3 STV)

“13 Daarom zegt gij: {23} Wat weet er God van? Zal Hij door de donkerheid {24} oordelen? 14 De wolken zijn Hem een verberging, dat Hij niet ziet; en Hij bewandelt {25} den omgang der hemelen.” (Job 22:13-14 STV)

“5 En de Levieten, Jesua, en Kadmiel, Bani, Hasabneja; Serebja, Hodia, Sebanja, Petahja, zeiden: Staat op, looft den HEERE, {9} uw God, van eeuwigheid tot in eeuwigheid; en men love {10} den Naam Uwer heerlijkheid, {11} die verhoogd is boven allen lof en prijs! {12} 6 Gij zijt die HEERE alleen, Gij hebt gemaakt den hemel, den hemel der hemelen, {13} en al hun heir, {14} de aarde en al wat daarop is, de zeeën en al wat daarin is, en Gij maakt die allen levend; {15} en het heir der hemelen {16} aanbidt U. {17} 7 Gij zijt die HEERE, de God, Die Abram hebt verkoren, en hem uit Ur der Chaldeën uitgevoerd; en Gij hebt zijn naam gesteld Abraham.” (Nehemia 9:5-7 STV)

“7  Hoort, Mijn volk! en Ik zal spreken; Israël! en Ik zal onder u betuigen; {14} Ik, God, ben uw God. {15} 8 Om uw {16} offeranden zal Ik u niet straffen, want uw brandofferen zijn steeds voor Mij. 9 Ik zal uit uw huis geen var nemen, [noch] bokken uit uw kooien; 10 Want al het gedierte des wouds is Mijn, de beesten op duizend {17} bergen. 11 Ik ken al het gevogelte der bergen, en het wild des velds is bij Mij. {18} 12 Zo Mij hongerde, Ik zou het u niet zeggen; want Mijn is de wereld en haar volheid. {19} 13 Zou Ik stierenvlees {20} eten, of bokkenbloed drinken? 14 Offert Gode dank, {21} en betaalt den Allerhoogste uw geloften. 15 En roept Mij aan in den dag der benauwdheid; Ik zal er u uithelpen, en gij zult Mij eren. 16  Maar tot den goddeloze zegt God: Wat hebt gij Mijn inzettingen te vertellen, en neemt Mijn verbond in uw mond? 17 Dewijl gij de kastijding {22} haat, en Mijn woorden achter {23} u henenwerpt.” (Psalmen 50:7-17 STV)

“11 En Dezelfde heeft gegeven sommigen tot apostelen, {26} en sommigen tot profeten, en sommigen tot evangelisten, {27} en sommigen tot herders {28} en leraars; 12 Tot de volmaking {29} der heiligen, tot het werk {30} der bediening, tot opbouwing des lichaams van Christus; 13 Totdat wij allen zullen komen tot de enigheid {31} des geloofs en der kennis van den Zoon Gods, tot een volkomen {32} man, tot de mate van de grootte der volheid van Christus; 14 Opdat wij niet meer kinderen zouden zijn, die als de vloed bewogen en omgevoerd worden met allen wind der leer, door de bedriegerij {33} der mensen, door arglistigheid, om listiglijk tot dwaling te brengen;” (Efeziërs 4:11-14 STV)

“En ik, broeders, als ik tot u ben gekomen, ben niet gekomen met uitnemendheid {1} van woorden, of van wijsheid, u verkondigende de getuigenis {2} van God.” (1 Corinthiërs 2:1 STV)

“9 Maar gelijk geschreven is: Hetgeen het oog niet heeft gezien, en het oor niet heeft gehoord, en in het hart des {22} mensen niet is opgeklommen, hetgeen God bereid heeft dien, die Hem liefhebben. 10 Doch God heeft [het] ons geopenbaard {23} door Zijn Geest; {24} want de Geest onderzoekt alle {25} dingen, ook de diepten Gods. {26}” (1 Corinthiërs 2:9-10 STV)

“14 Maar de natuurlijke mens {35} begrijpt niet de {36} dingen, die des Geestes Gods zijn; want zij zijn hem dwaasheid, en hij {37} kan ze niet {38} verstaan, omdat zij geestelijk onderscheiden worden. {39} 15 Doch de geestelijke [mens] {40} onderscheidt wel alle dingen, maar {41} hij zelf wordt van niemand {42} onderscheiden. {43} 16 Want wie heeft den zin des Heeren {44} gekend, die Hem zou onderrichten? Maar wij hebben den zin van Christus. {45}” (1 Corinthiërs 2:14-16 STV)

“Wie heeft den Geest {52} des HEEREN bestierd, {53} en [wie] heeft Hem [als] Zijn raadsman onderwezen? {54}” (Jesaja 40:13 STV)

“5 Welke in andere {9} eeuwen den {10} kinderen der mensen niet is bekend gemaakt, gelijk zij nu {11} is geopenbaard aan Zijn heilige apostelen en profeten, {12} door den Geest; 6 [Namelijk] dat de heidenen zijn medeërfgenamen, {13} en van hetzelfde lichaam, en mededeelgenoten Zijner belofte in Christus, door het Evangelie;” (Efeziërs 3:5-6 STV)

“Opdat hun harten {5} vertroost mogen {6} worden, en zij samengevoegd {7} zijn in de liefde, en [dat] tot allen rijkdom der volle verzekerdheid {8} des verstands, tot kennis der {9} verborgenheid van God en den Vader, en van Christus;” (Colossenzen 2:2 STV)

“Spreek niet voor het oor van een zot, want hij zou het verstand {21} uwer woorden verachten.” (Spreuken 23:9 STV)

“1  Voorts zijn dit de laatste woorden van David. {1} David, de zoon van Isaï zegt, en de man, die hoog is opgericht, {2} de gezalfde van Jakobs God, en liefelijk [in] psalmen van Israël, {3} zegt: 2 De Geest des HEEREN heeft door mij gesproken, en Zijn rede is op mijn tong geweest.” (2 Samuël 23:1-2 STV)

“Mannen broeders, deze Schrift moest vervuld worden, welke de Heilige Geest door den mond Davids voorzegd heeft van Judas, die de leidsman geweest is dergenen, die Jezus vingen;” (Handelingen 1:16 STV)

“En tegen elkander oneens zijnde, scheidden zij; {42} als Paulus [dit] ene woord {43} gezegd had, [namelijk]: Wel heeft de Heilige Geest {44} gesproken door Jesaja, den profeet, tot onze vaderen,” (Handelingen 28:25 STV)

“Onderzoekende, op welken of hoedanigen tijd {37} de Geest van {38} Christus, Die in hen was, beduidde en te voren getuigde, het lijden, [dat] op Christus [komen] [zou], en de heerlijkheid daarna {39} [volgende].” (1 Petrus 1:11 STV)

“20 Dit eerst wetende, {73} dat geen profetie {74} der Schrift is van eigen uitlegging; {75} 21 Want de profetie is {76} voortijds niet voortgebracht door de wil eens mensen, {77} maar de heilige mensen Gods, {78} van den Heiligen Geest {79} gedreven zijnde, {80} hebben [ze] gesproken. {81}” (2 Petrus 1:20-21 STV)

“Maar de Trooster, de Heilige Geest, Welken de Vader zenden zal in Mijn Naam, Die zal u alles leren, en zal u indachtig maken {53} alles, wat Ik u gezegd heb.” (Johannes 14:26 STV)

“16 Al de Schrift is {57} van God ingegeven, {58} en is nuttig tot lering, tot {59} wederlegging, tot {60} verbetering, tot {61} onderwijzing, die {62} in de rechtvaardigheid is; 17 Opdat de mens Gods {63} volmaakt zij, tot {64} alle goed werk volmaaktelijk toegerust. {65}” (2 Timotheüs 3:16-17 STV)

“Daarom danken wij ook God zonder ophouden, dat, als gij het Woord der prediking {23} van God van ons ontvangen {24} hebt, gij dat aangenomen {25} hebt, niet [als] der mensen woord, maar (gelijk het waarlijk is) [als] Gods Woord, dat ook {26} werkt in u, die gelooft.” (1 Thessalonicen 2:13 STV)

“Want al wat te voren geschreven is, {17} dat is tot onze lering te voren geschreven, {18} opdat wij, door lijdzaamheid en vertroosting der Schriften, {19} hoop hebben zouden. {20}” (Romeinen 15:4 STV)

“En deze dingen alle zijn hunlieden overkomen tot voorbeelden; {19} en zijn beschreven tot waarschuwing van ons, op dewelke de einden der {20} eeuwen gekomen zijn. {21}” (1 Corinthiërs 10:11 STV)

“49  Zain. Gedenk des woords, {54} tot Uw knecht [gesproken], op hetwelk Gij mij hebt doen hopen. 50  Dit is mijn troost in mijn ellende, want Uw toezegging heeft mij levend gemaakt.” (Psalmen 119:49-50 STV)

“7 De wijsheid is het voornaamste; {13} verkrijg [dan] wijsheid, en verkrijg verstand met al uw bezitting. {14} 8 Verhef ze, {15} en zij zal u verhogen; zij zal u vereren, {16} als gij haar omhelzen zult. 9 Zij zal uw hoofd een aangenaam {17} toevoegsel geven, een sierlijke kroon {18} zal zij u leveren.” (Spreuken 4:7-9 STV)

“Een verstandig hart zal de wetenschap opzoeken; maar de mond der zotten zal met dwaasheid {29} gevoed {30} worden.” (Spreuken 15:14 STV)

“Die nu in de goede aarde bezaaid is, {23} deze is degene, die het Woord hoort en verstaat, die ook vrucht draagt en voortbrengt, {24} de een honderd-, de ander zestig-, en de ander dertig [voud].” (Mattheüs 13:23 STV)

“Maar der volmaakten is {33} de vaste spijze, {34} die door de gewoonheid {35} de zinnen geoefend hebben, {36} tot onderscheiding beide des goeds en des kwaads.” (Hebreeën 5:14 STV)

“Aan deze vier jongelingen nu gaf God wetenschap en verstand {56} in alle boeken, {57} en wijsheid; maar Daniël {58} gaf Hij verstand in allerlei gezichten en dromen. {59}” (Daniël 1:17 STV)

“Er is geen wijsheid, en er is geen verstand, en er is geen raad tegen den HEERE. {69}” (Spreuken 21:30 STV)

“Hoor raad, {54} en ontvang tucht, {55} opdat gij in uw laatste {56} wijs zijt.” (Spreuken 19:20 STV)

“7 Merk, hetgeen ik zeg; {17} doch de Heere geve {18} u verstand in alle dingen. 8  Houd in gedachtenis, {19} dat Jezus Christus uit {20} de doden is opgewekt, Welke is uit den zade Davids, naar mijn Evangelie; {21} 9 Om hetwelk ik verdrukkingen {22} lijde tot de banden toe, {23} als een kwaaddoener; {24} maar het Woord Gods is niet gebonden. {25} 10 Daarom verdraag ik alles om de uitverkorenen, {26} opdat ook zij de {27} zaligheid zouden verkrijgen, die in Christus Jezus is, {28} met eeuwige heerlijkheid.” (2 Timotheüs 2:7-10 STV)

“Gelijkerwijs Gij Hem macht gegeven hebt over alle vlees, {4} opdat al wat Gij Hem gegeven hebt, {5} Hij hun het eeuwige leven geve.” (Johannes 17:2 STV)

“Doch wij weten, dat de Zoon van God gekomen is, en heeft ons het verstand gegeven, {54} dat wij den Waarachtige kennen; {55} en wij zijn in den Waarachtige, {56} [namelijk] in Zijn {57} Zoon Jezus Christus. Deze is de waarachtige {58} God, en het eeuwige Leven. {59}” (1 Johannes 5:20 STV)

“2 Voor koningen, en allen, die in hoogheid zijn; opdat wij een gerust {4} en stil leven leiden mogen in alle godzaligheid en {5} eerbaarheid. 3 Want dat is goed en {6} aangenaam voor God, onzen Zaligmaker; 4 Welke wil, dat alle mensen zalig {7} worden, en tot kennis der waarheid {8} komen.” (1 Timotheüs 2:2-4 STV)

*

 

 

Bijbel Staten Generaal der Verenigde Nederlanden 1926

Bijbel Staten Generaal der Verenigde Nederlanden 1926

+

Voorgaand:

Coming to understanding from sayings written long ago

Bibel, Schwert des Geistes, in die Einheit des Glaubens und der Erkenntnis des Sohnes Gotte

Vervolg:

Bible, épée de l’Esprit à venir dans l’unité de la foi et de la connaissance du Fils de Dieu

Bible, sword of the Spirit to come into the unity of the faith and of the knowledge of the Son of God, unto a perfect man

++

Aanvullende lectuur:

  1. Bijbel, Gods Woord ingegeven nuttig tot lering, tot bestraffing, tot verbetering en tot onderwijzing
  2. Het woord van de Ware God gegeven voor wijsheid te vergaren
  3. Bijbel, Gods Woord tot opvoeding (NBG51)
  4. De heilige geest zal alle dingen welke gezegd zijn in herinnering terugbrengen
  5. Bijbel, helm van de zaligheid en het zwaard van de Geest ter onderricht
  6. Bibel, Helm des Heils und das Schwert des Geistes

+++

Misschien ook boeiend om onder ogen te nemen, maar welke niet steeds onze goedkeuring dragen of hetzelfde geloven als wij:

Bibel, Schwert des Geistes, in die Einheit des Glaubens und der Erkenntnis des Sohnes Gottes

 

 

“Dem Vorsänger. Ein Psalm Davids. (19-2) Die Himmel erzählen die Ehre Gottes, und die Feste verkündigt seiner Hände Werk.” (Psalmen 19:1 SCHLACH)

“1  Da redete Gott alle diese Worte und sprach: 2 Ich bin der HERR, dein Gott, der ich dich aus Ägyptenland, aus dem Diensthause, geführt habe. 3 Du sollst keine andern Götter neben mir haben!” (2 Mose 20:1-3 SCHLACH)

“spricht der HERR also: Es soll nicht zustande kommen und nicht geschehen!” (Jesaja 7:7 SCHLACH)

“Und der HERR streckte seine Hand aus und rührte meinen Mund an; und der HERR sprach zu mir: Siehe, ich habe meine Worte in deinen Mund gelegt!” (Jeremia 1:9 SCHLACH)

“Glaubst du nicht, daß ich im Vater bin und der Vater in mir ist? Die Worte, die ich zu euch rede, rede ich nicht von mir selbst, sondern der Vater, der in mir wohnt, tut die Werke.” (Johannes 14:10 SCHLACH)

“Und nehmet den Helm des Heils und das Schwert des Geistes, nämlich das Wort Gottes.” (Epheser 6:17 SCHLACH)

“Und er sprach: Ich bin der Gott deines Vaters, der Gott Abrahams, der Gott Isaaks und der Gott Jakobs! Da verdeckte Mose sein Angesicht; denn er fürchtete sich, Gott anzuschauen.” (2 Mose 3:6 SCHLACH)

“wir wissen aber, daß der Sohn Gottes gekommen ist und uns einen Sinn gegeben hat, daß wir den Wahrhaftigen erkennen. Und wir sind in dem Wahrhaftigen, in seinem Sohne Jesus Christus. Dieser ist der wahrhaftige Gott und das ewige Leben.” (1 Johannes 5:20 SCHLACH)

“Würdig bist du, unser Herr und Gott, zu empfangen den Ruhm und die Ehre und die Macht; denn du hast alle Dinge geschaffen, und durch deinen Willen sind sie und wurden sie geschaffen!” (Offenbarung 4:11 SCHLACH)

“2 Und Gott redete mit Mose und sprach zu ihm: Ich bin der HERR; 3 ich bin Abraham, Isaak und Jakob erschienen als der allmächtige Gott; aber nach meinem Namen « HERR » habe ich mich ihnen nicht geoffenbart.” (2 Mose 6:2-3 SCHLACH)

“13 Und du denkst: « Was weiß Gott! Sollte er hinter dem Dunkel richten? 14 Die Wolken hüllen ihn ein, daß er nicht sehen kann, und er wandelt auf dem Himmelsgewölbe umher! »” (Hiob 22:13-14 SCHLACH)

“5 Und die Leviten Jesua, Kadmiel, Bani, Hasabneja, Serebja, Hodija, Sebanja und Petachja sprachen: Stehet auf, lobet den HERRN, euren Gott, von Ewigkeit zu Ewigkeit! Und man lobe den Namen deiner Herrlichkeit, der über alle Danksagung und alles Lob erhaben ist! 6 Du, HERR, bist der Einzige! Du hast den Himmel, aller Himmel Himmel samt ihrem ganzen Heere gemacht, die Erde und alles, was darauf ist, das Meer und alles, was darin ist! Du machst alles lebendig, und das himmlische Heer verehrt dich. 7 Du, HERR, bist der Gott, der Abram erwählt und aus Ur in Chaldäa geführt und mit dem Namen Abraham benannt hat.” (Nehemia 9:5-7 SCHLACH)

“7  Höre, mein Volk, so will ich reden; Israel, ich lege gegen dich Zeugnis ab: Ich, Gott, bin dein Gott. 8 Deiner Opfer halben will ich dich nicht strafen, sind doch deine Brandopfer stets vor mir. 9 Ich will keinen Farren aus deinem Hause nehmen, noch Böcke aus deinen Ställen! 10 Denn mein sind alle Tiere des Waldes, das Vieh auf den Bergen zu Tausenden. 11 Ich kenne alle Vögel auf den Bergen, und was sich auf dem Felde regt, ist mir bekannt. 12 Wenn mich hungerte, so würde ich es dir nicht sagen; denn mein ist der Erdkreis und was ihn erfüllt. 13 Soll ich Ochsenfleisch essen oder Bocksblut trinken? 14 Opfere Gott Dank und bezahle dem Höchsten deine Gelübde; 15 und rufe mich an am Tage der Not, so will ich dich erretten, und du sollst mich ehren! 16  Aber zum Gottlosen spricht Gott: Was zählst du meine Satzungen her und nimmst meinen Bund in deinen Mund, 17 so du doch Zucht hassest und wirfst meine Worte hinter dich?” (Psalmen 50:7-17 SCHLACH)

“11 Und Er hat gegeben etliche zu Aposteln, etliche zu Propheten, etliche zu Evangelisten, etliche zu Hirten und Lehrern, 12 um die Heiligen zuzurüsten für das Werk des Dienstes, zur Erbauung des Leibes Christi, 13 bis daß wir alle zur Einheit des Glaubens und der Erkenntnis des Sohnes Gottes gelangen und zum vollkommenen Manne [werden], zum Maße der vollen Größe Christi; 14 damit wir nicht mehr Unmündige seien, umhergeworfen und herumgetrieben von jedem Wind der Lehre, durch die Spielerei der Menschen, durch die Schlauheit, mit der sie zum Irrtum verführen,” (Epheser 4:11-14 SCHLACH)

“So bin auch ich, meine Brüder, als ich zu euch kam, nicht gekommen, um euch in hervorragender Rede oder Weisheit das Zeugnis Gottes zu verkündigen.” (1 Korinther 2:1 SCHLACH)

“9 Sondern, wie geschrieben steht: « Was kein Auge gesehen und kein Ohr gehört und keinem Menschen in den Sinn gekommen ist, was Gott denen bereitet hat, die ihn lieben », 10 hat Gott uns aber geoffenbart durch seinen Geist; denn der Geist erforscht alles, auch die Tiefen der Gottheit.” (1 Korinther 2:9-10 SCHLACH)

“14 Der seelische Mensch aber nimmt nicht an, was vom Geiste Gottes ist; denn es ist ihm eine Torheit, und er kann es nicht verstehen, weil es geistlich beurteilt werden muß. 15 Der geistliche [Mensch] aber erforscht alles, er selbst jedoch wird von niemand erforscht; 16 denn wer hat des Herrn Sinn erkannt, daß er ihn belehre? Wir aber haben Christi Sinn.” (1 Korinther 2:14-16 SCHLACH)

“Wer unterrichtete den Geist des HERRN, und welcher Ratgeber hat ihn unterwiesen?” (Jesaja 40:13 SCHLACH)

“5 welches in frühern Geschlechtern den Menschenkindern nicht kundgetan wurde, wie es jetzt seinen heiligen Aposteln und Propheten im Geiste geoffenbart worden ist, 6 daß nämlich die Heiden Miterben seien und Miteinverleibte und Mitgenossen seiner Verheißung in Christus Jesus durch das Evangelium,” (Epheser 3:5-6 SCHLACH)

“damit ihre Herzen ermahnt, in Liebe zusammengeschlossen und mit völliger Gewißheit bereichert werden, zur Erkenntnis des Geheimnisses Gottes, [welches ist] Christus,” (Kolosser 2:2 SCHLACH)

“Sprich keinem Toren zu; denn er wird deine weisen Reden nur verachten!” (Sprüche 23:9 SCHLACH)

“1  Dies sind die letzten Worte Davids: Es sprach David, der Sohn Isais, es sprach der Mann, der hocherhaben ist, der Gesalbte des Gottes Jakobs, der liebliche Psalmdichter in Israel: 2 Der Geist des HERRN hat durch mich geredet, und seine Rede war auf meiner Zunge.” (2 Samuel 23:1-2 SCHLACH)

“Ihr Männer und Brüder, es mußte das Wort der Schrift erfüllt werden, das der heilige Geist durch den Mund Davids vorausgesagt hat über Judas, welcher denen, die Jesus gefangennahmen, zum Wegweiser wurde.” (Apostelgescht 1:16 SCHLACH)

“Und da sie sich nicht einigen konnten, trennten sie sich, nachdem Paulus den Ausspruch getan hatte: Wie trefflich hat der heilige Geist durch den Propheten Jesaja zu unsern Vätern geredet,” (Apostelgescht 28:25 SCHLACH)

“Sie forschten, auf welche und welcherlei Zeit der Geist Christi in ihnen hindeute, der die für Christus bestimmten Leiden und die darauf folgende Herrlichkeit zuvor bezeugte.” (1 Petrus 1:11 SCHLACH)

“20 wobei ihr das zuerst wissen müßt, daß keine Weissagung der Schrift ein Werk eigener Deutung ist. 21 Denn niemals wurde durch menschlichen Willen eine Weissagung hervorgebracht, sondern vom heiligen Geist getrieben redeten heilige Menschen, von Gott [gesandt].” (2 Petrus 1:20-21 SCHLACH)

“der Beistand aber, der heilige Geist, welchen mein Vater in meinem Namen senden wird, der wird euch alles lehren und euch an alles erinnern, was ich euch gesagt habe.” (Johannes 14:26 SCHLACH)

“16 Jede Schrift ist von Gottes Geist eingegeben und nützlich zur Belehrung, zur Überführung, zur Zurechtweisung, zur Erziehung in der Gerechtigkeit, 17 damit der Mensch Gottes vollkommen sei, zu jedem guten Werke ausgerüstet.” (2 Timotheus 3:16-17 SCHLACH)

“Darum danken wir auch Gott unablässig, daß ihr das von uns empfangene Wort der Predigt Gottes aufnahmet, nicht als Menschenwort, sondern als das, was es in Wahrheit ist, als Gottes Wort, welches auch in euch, den Gläubigen, wirkt.” (1 Thessalonich 2:13 SCHLACH)

“Was aber zuvor geschrieben worden ist, das wurde zu unserer Belehrung geschrieben, damit wir durch die Geduld und durch den Trost der Schrift Hoffnung fassen.” (Römer 15:4 SCHLACH)

“Das alles, was jenen widerfuhr, ist ein Vorbild und wurde zur Warnung geschrieben für uns, auf welche das Ende der Zeitalter gekommen ist.” (1 Korinther 10:11 SCHLACH)

“49  Gedenke des Wortes an deinen Knecht, auf welches du mich hoffen ließest! 50 Das ist mein Trost in meinem Elend, daß dein Wort mich erquickt.” (Psalmen 119:49-50 SCHLACH)

“7 Der Weisheit Anfang ist: Erwirb Weisheit und um allen deinen Erwerb erwirb Verstand! 8 Halte sie hoch, so wird sie dich erhöhen; sie wird dich ehren, wenn du sie liebst. 9 Sie wird deinem Haupt einen lieblichen Kranz verleihen, eine prächtige Krone wird sie dir reichen.” (Sprüche 4:7-9 SCHLACH)

“Das Herz der Verständigen trachtet nach Erkenntnis; aber der Mund der Narren weidet sich an der Dummheit.” (Sprüche 15:14 SCHLACH)

“Auf das gute Erdreich gesät aber ist es bei dem, welcher das Wort hört und versteht; der bringt dann auch Frucht, einer hundertfältig, ein anderer sechzigfältig, ein dritter dreißigfältig.” (Matthäus 13:23 SCHLACH)

“Und ich will dich zu einer Wüstenei und zur Schmach machen unter den Heiden um dich her, vor den Augen aller, die vorübergehen;” (Hesekiel 5:14 SCHLACH)

“Und Gott gab diesen vier Jünglingen Kenntnis und Verständnis für allerlei Schriften und Weisheit; vorzüglich aber machte er Daniel verständig in allen Gesichten und Träumen.” (Daniel 1:17 SCHLACH)

“Es hilft keine Weisheit, kein Verstand und kein Rat wider den HERRN.” (Sprüche 21:30 SCHLACH)

“Gehorche dem Rat und nimm die Züchtigung an, damit du endlich weise wirst!” (Sprüche 19:20 SCHLACH)

“7 Bedenke, was ich dir sage! Denn der Herr wird dir Einsicht in alles geben. 8  Halt im Gedächtnis Jesus Christus, der von den Toten auferstanden ist, aus Davids Samen, nach meinem Evangelium, 9 in dessen Dienst ich Ungemach leide, sogar Ketten wie ein Übeltäter; aber das Wort Gottes ist nicht gekettet. 10 Darum erdulde ich alles um der Auserwählten willen, damit auch sie das Heil erlangen, das in Christus Jesus ist, mit ewiger Herrlichkeit.” (2 Timotheus 2:7-10 SCHLACH)

“gleichwie du ihm Vollmacht gegeben hast über alles Fleisch, auf daß er ewiges Leben gebe allen, die du ihm gegeben hast.” (Johannes 17:2 SCHLACH)

“wir wissen aber, daß der Sohn Gottes gekommen ist und uns einen Sinn gegeben hat, daß wir den Wahrhaftigen erkennen. Und wir sind in dem Wahrhaftigen, in seinem Sohne Jesus Christus. Dieser ist der wahrhaftige Gott und das ewige Leben.” (1 Johannes 5:20 SCHLACH)

“2 für Könige und alle, die in hervorragender Stellung sind, damit wir ein ruhiges und stilles Leben führen können in aller Gottseligkeit und Ehrbarkeit; 3 denn solches ist gut und angenehm vor Gott unsrem Retter, 4 welcher will, daß alle Menschen gerettet werden und zur Erkenntnis der Wahrheit kommen.” (1 Timotheus 2:2-4 SCHLACH)

*

 

die Gute Nachricht Deutsche Bibelgeselschaft 1982

die Gute Nachricht Deutsche Bibelgeselschaft 1982

 

+

Coming to understanding from sayings written long ago

Bible, épée de l’Esprit à venir dans l’unité de la foi et de la connaissance du Fils de Dieu

Bijbel, zwaard van de Geest in de eenheid van het geloof en van de kennis van de Zoon van God om tot een volkomen mens te komen

Bible, sword of the Spirit to come into the unity of the faith and of the knowledge of the Son of God, unto a perfect man

Wetenschappers, filosofen hun zeggen, geloven en waarheden

Zoektocht naar zingeving

Door de eeuwen heen hebben heel wat mensen naar antwoorden gezocht op de verschillende vragen die meerdere mensen bezig hielden, zoals waar komen wij vandaan, hoe is de wereld ontstaan, wat is er in het heelal, hoe kunnen wij ons leven beïnvloeden en verbeteren, waar gaan wij naar toe wat gebeurt er na de dood, enz.

Mensen hebben hun toevlucht gezocht bij allerlei theorieën en godsdiensten. Langs één kant waren er die geloofden dat de natuurkrachten godheden waren die het leven beheersten. Anderen geloofden dat er eerder één bepaald iets of iemand was dat zorgde dat dingen in ontstaan kwamen. Een hele groep mensen nam hun toevlucht in godsdienst terwijl anderen dan weer juist vonden dat zo iets totaal overbodig was. Zodra mensen rationele verklaringen hadden voor angstaanjagende verschijnselen als donder en bliksem, bleken er voor hen dan ook geen geheimen meer te zijn en leek het allemaal zo simpel dat er niemand of niets boven moest staan.

Afwijking van vroeger geloof

Nederlands: De dichtheid is te berekenen door ...

Ideeën zoals over de dichtheid die is te berekenen door massa delen door volume. Maar met deze driehoek kun je ook de andere eenheden berekenen. je legt de vinger op de eenheid die je wilt weten, en dan blijven er twee eenheden over. de streep staat voor delen door. en de punt staat voor “keer”. voorbeeld: leg de vinger op de m van massa. dan staat er dus: ρ × V = m (Foto credit: Wikipedia)

Naast hen die de Schepper God via hun ouders en voorouders kenden en bleven eren waren er die mensen die afgeweken waren van dat geloof in die Ene Ware God en hun toevlucht zochten in het animisme, vervolgens in voorouders die in de hemel hun eigen leven blijven leiden, en later goden. Men zocht naar verklaringen voor aanvankelijk onverklaarbare verschijnselen.

geeft toe dat ook wetenschap een religieus kantje begint te hebben, waarmee hij niet bedoelt dat ‘geloven’ in Charles Darwin iets van dezelfde strekking is als geloven in een god.

Er zijn genoeg wetenschappelijk solide bewijzen voor het bestaan van natuurlijke en seksuele selectie om het geëmmer van creationisten te kunnen ontkrachten. Voor de vele zelfingenomen individuen die vinden dat zij zo waardevol zijn dat ze wel door een almachtige god geschapen móéten zijn, is de evolutietheorie een nachtmerrie. Die impliceert immers dat wij het resultaat zijn van een lang proces via allerhande tussenstadia met monsterachtige vissen, spitsmuisachtige mormels en – godbetert – voorouderlijke apen.

Natuurlijk ziet hij het gevaar uit Amerika komen, dat ook Nederland al begint in te palmen en waar creationisten een zeer enge geloofsopvatting willen doordrukken en negeren wat God hier op aarde tijdens de vele miljarden jaren heeft laten ontwikkelen of ‘evolueren’.

Het al of niet geloven of overtuiging hebben

De eerste betekenis van geloven is de veronderstelling dat iets waar of niet waar is. Het ‘Geloven‘ is iets aannemen als een zekerheid of een overtuiging in iets waar men zich volledig wil op toe leggen en niet wil ontkennen. Algemeen betreft het niet iets dat voor altijd vast moet staan, want daar heeft de geschiedenis meermaals bewezen dat de meeste mensen in datgene wat zij geloofden veranderingen hebben aangebracht. Van een kinderlijk geloof ging het naar een volwassen gedragen geloof waar men fundamenten heeft opgebouwd op stelling die men wenste voor waar te nemen.

Leerkrachten en doorgeven van kennis

English: Caricature of Charles Darwin from Van...

Karikatuur van Charles Darwin uit Vanity Fair magazine met de hoofding “Natuurlijke Selectie”. (Foto credit: Wikipedia)

Doorheen de geschiedenis kon men zo opgroeiende kinderen vinden die dingen aannamen van hun ouderen, ouders en onderwijzers, maar met de tijd meer gingen ingaan tegen hun eigen  leerkrachten. Dit maakte zelfs dat sommigen niet in hun proeven slaagden omdat die heren die hen les gaven overtuigd waren van hun gelijk. Maar met de tijd konden die onderzoekers verder dingen ontdekken en bewijzen zodat de goegemeente toch moest over gaan tot het gelijk geven van die mensen, wetenschappers, waar het zich eerst tegen verzette.
Steeds betrof het leerstellingen, gedachten waar men aan wenste te houden omdat zij een zekere vorm van zekerheid gaven.  Het ging om inschattingen die men maakte dat een bewering met een zekere waarschijnlijkheid waar of onwaar zou kunnen zijn. Deze waarschijnlijkheid is in het geval van ‘geloven’ groter dan wanneer men ‘geen idee’ heeft, en kleiner dan wanneer men iets ‘zeker weet’. Deze waarschijnlijkheden worden door individuen persoonlijk toegekend. In deze betekenis van geloven geldt dus dat er geen zekerheid is over de kwestie. Maar daarnaast is er dat stellige vertrouwen in de zekerheid die men denkt te vinden. Er is het hebben van vertrouwen of de overtuiging in een verwachting in iets of iemand, wat bijvoorbeeld tot uiting komt in de uitspraak “ze gelooft in mij”. In deze betekenis gaat het dus om de persoonlijke overtuiging dat iets zo is, gaat gebeuren of vaststaat. Geloven is dan vertrouwen en vervolgens stellen dat iets zo is.

Het waarin geloven

Nu heeft de mens zich al vele ‘kopbrekens’ bezorgd over de vraag van dat geloven en waarin te geloven. Weten en geloven (in de betekenis van overtuiging en vertrouwen) gaan vaak samen, en staan niet in tegenstelling tot elkaar. Geloven en weten of kennis hebben in de betekenis van een wetenschappelijk bewezen waarheid of onwaarheid staan echter vaker tegenover elkaar. Als een feit bewezen is (‘de aarde is rond’), is het moeilijk te geloven in het tegendeel ervan (zou men zeggen)

Bij gebrek aan feitelijke kennis is het menselijk individu echter beperkt tot het geloven van een veronderstelling of het tegendeel daarvan. Dit heeft dan ook tot gevolg gehad dat de mensheid haar geloof in bepaalde dingen regelmatig heeft moeten bijstellen. De logica was dikwijls ver zoek en vele mensen dachten meer zekerheden te vinden in traditionele waarden en overtuigingen die van generatie tot generatie werden overgeleverd. Naast vaste waarden die men wenste aan te nemen of te geloven waren er ook de gedachten naar het onbekende waar men een vermoeden wilde uiten dat men liefst als waar of als dusdanig wenste aan te nemen. Dit was dan een geloven in logische zin, dat kan geïnterpreteerd worden als het toekennen van een waarschijnlijkheid aan de veronderstelling dat deze waar is (bijvoorbeeld: “Ik geloof dat het morgen zal ophouden met regenen.”). De traditionele psychologie heeft vanouds geloven behandeld als was het de eenvoudigste vorm van geestelijke weergave en daardoor een van de bouwstenen van de bewuste gedachte.

Onweerlegbare of herkenbare

Wij moeten er echter  van bewust zijn dat het geloven meer vergt dan een gewoon aanvaarden dat iets zus of zo zou zijn. Velen vergissen zich dat het geloof steeds moet kunnen gehandhaafd worden door een onbepaalbaar iets of veel heeft te maken met het onweerlegbare. De Kerk heeft hiervoor vele dogma’s geschapen, waarbij zij mensen er toe brengt om onverklaarbare dingen zo maar als waar aan te nemen omdat zij het menselijke verstand te boven zouden gaan.

Zoals meerdere filosofen neem ook ik aan (= geloof ik) dat geloven normaal gesproken een persoonlijke keuze moet zijn om tot zekere hoogte spontaan en willekeurig over te gaan tot het aannemen van zaken of gedachten als ‘waarheden’ of ‘onmiskenbaarheden’. Sommigen menen dat men kan kiezen om een zaak te onderzoeken maar dat men niet kan kiezen het te geloven. Hier gaan vele geloofsgemeenschappen verkeerd door onweerlegbaar zaken op te leggen die iedereen maar moet aan nemen ook al kan men ze niet verklaren of verder uitdiepen.

Gevoelen, geloof en filosofie

Willard Van Orman Quine

Eveneens moeten wij toegeven dat er mensen zijn die soms dingen niet geloven omdat zij het niet willen geloven, in het bijzonder in zaken waarin men emotioneel betrokken is. Het gevoelsleven is namelijk een zwakke schakel in de geloofsvorming, die ook mede bepaald wordt door de invloeden die van uit de omgeving ‘gebombardeerd’ worden op de zoekende of afvragende persoon. Door dat de wereld regelmatig geconfronteerd werd door die zoektocht naar waarheden en naar het ‘wat geloven’ zijn er ook meerdere filosofen die belangrijke bijdragen hebben geleverd aan de ideeën over kennis en geloven zoals onder andere René Descartes, Benedictus de Spinoza, David Hume, Immanuel Kant en de logicus in de analytische traditie uit de 20e eeuw Willard Van Orman Quine, volgens wie filosofie meer dan slechts een conceptuele analyse kan zijn.

De wereld kon meerdere denkers vinden die ook zochten de wetenschap te verstaan vanuit de middelen of bronnen van de wetenschap zelf. Daarbij kan men de vraag stellen of zij openheid in hun gedachten hadden om bij meerdere bronnen te rade te gaan of voorkeuren hadden om zich op een welbepaalde groep denkers te richten. Hierdoor kreeg men een afwijking van het objectief denken en belanden veel wetenschappers in het subjectief denken. Geloof en rationalisme en logica werden soms aangetroffen als stoorzenders in het zelfde vaarwater. In de religieuze context werden zij zo soms ten onrechte tegenover elkaar geplaatst, als zouden geloof en rede of verstand elkaar uitsluiten. Er wordt wel beweerd dat waar de wetenschap ophoudt, het geloven begint maar dit is een discutabele opvatting. Er zijn immers ook stromingen die een synthese tot stand proberen te brengen tussen religie en wetenschap: zie bijvoorbeeld Theosofie, Ken Wilber of Intelligent design.

Zin om te bepalen

Hier in het Westen willen wij alles zo graag definiëren. Alles moet in vakjes kunnen opgedeeld worden en moet een etiketje of label krijgen. Alles wat niet in het kader past willen wij ook dikwijls van de hand doen als onwaarheden of ‘rommel’ (‘paardenstront’ of ‘bullshit’) In veel culturen, zoals bij de traditionele Aboriginals in Australië, zijn er geen woorden om geloof en weten te differentiëren. Geloven en weten zijn daar één.

Hier in het Westen moet dat ook verenigbaar kunnen zijn, ook al ‘geloven’ daar veel mensen niet in. Maar alles is voor handen om dat weten en leven samen te laten gaan in een leven met kennis en inzicht voldoende om ons door het leven te krijgen. Het is niet omdat wij iets niet kunnen verklaren dat wij het niet zouden kunnen aannemen als iets dat door de eeuwen heen een vast staand feit is.  Als geschapen elementen, wezens die zijn of bestaan, moeten wij onder ogen zien dat wij eerst en vooral ‘wezens’ zijn. Maar als wezen moeten wij ook durven ‘wezen’ of ‘zijn’. Zonder het ‘zijn’ zijn wij niets. Hiertoe hebben wij eigenschappen in ons zelf die wij moeten ontginnen en leren gebruiken. Ieder van ons heeft de mogelijkheid om toegang te krijgen tot wijsheid, inzet, concentratie (of Samadhi  in het boeddhisme) en gewaarzijn. Volgens de Bijbel, dat wij als Woord van God beschouwen, moeten wij deze krachten als mens trachten te leren beheersen. Volgens dat Woord van God moeten wij aan ons zelf sleutelen om alle innerlijke elementen op elkaar af te stellen. Om een optimaal resultaat te bekomen moeten deze krachten in ons innerlijke in evenwicht komen of in balans zijn, vooraleer wij als mens kunnen slagen ten volle te zijn wie wij horen te zijn.

Vormen van aan te nemen houding

Volgens de Heilige Schrift (de Bijbel) is de correcte attitude essentieel en kan er zonder het werken aan zichzelf geen geloof zijn. Zonder werken is het geloof namelijk dood.

“ja, zoals het lichaam zonder geest dood is, zo is ook het geloof zonder werken dood.” (Jakobus 2:26 NB)

“Zo ook het geloof: als het geen werken inhoudt, is het dood, op zichzelf genomen.” (Jakobus 2:17 NB)

“Wil je erkennen, o lege mens, dat zo’n geloof zonder werken onwerkelijk is?(-)” (Jakobus 2:20 NB)

De Bijbel verzekerd ons dat wij moeten leren inzien dat ‘geloven’ geen zin heeft als wij niet tegelijk ook dóen wat God van ons vraagt. Geloof dat niet met daden  samengaat, is geen echt geloof volgens de Heilige Schrift en getuigd ook niet van dat geloven. Men kan wel zo veel zeggen maar als men er zich zelf er niet aan houdt zal dat ook anderen niet kunnen overtuigen van het gelijk.

Vast te stellen toestanden, verbanden en kwaliteiten

In de wereld zien wij dat de mens hoofdzakelijk naar de wetenschap streeft die zich berust op menselijk verklaarbare en in statistieken weer te geven vaststellingen. Men wil begrippen zien die men als een cognitieve eenheid, als mentale voorstelling van een of meer ideeën kan samenvatten in een hogere klasse van gelijkaardige of verwante verschijnselen of abstracte relaties. Zo heeft de mensheid ‘concepten‘ geschapen die op die manier de denkbeeldige objecten zijn waarmee filosofie wordt bedreven. Het gaat bij iedere filosofische benadering telkens om abstracte voorstellingen van toestanden, verbanden of kwaliteiten, die in de werkelijkheid worden onderscheiden en in een gezamenlijke denkvorm gebracht.

Nieuwe religie

Door de eeuwen heen zag men vele wetenschappers en filosofen hun ideeën verkondigen en wilden zij mensen doen geloven dat natuurkunde en de wetenschap het geloof hebben achterhaald. Vandaag krijgen wij ook soms de indruk dat wetenschappers een allesomvattende claim leggen op wat mensen nog mogen denken en geloven. Die wetenschap lijkt wel een soort nieuwe religie te zijn geworden. Men vindt ook daar meerdere kampen in (gelijk denominaties in de verscheidene kerken), die zich met momenten ook fel gaan bestrijden zoals wij in de kerkgemeenschappen ook zien waarbij de ene geloofsgroep fel afzet tegen de andere.

“Veel wetenschappers gaan zich aan forse uitspraken te buiten”

zegt hoogleraar fysica bij materiaalkunde Arie van den Beukel. Hij vervolgt:

‘Het leven heeft geen zin, het is het resultaat van toevalsprocessen’. ‘De mens is een schitterend ongeluk’; of een uitspraak van de fysicus Weinberg: ‘Hoe meer we het heelal leren kennen, des te zinlozer komt het ons voor’.

Hij onderzocht op welke wetenschappelijke basis dergelijke uitspraken berusten en kwam tot de onthutsende conclusie dat het gebakken lucht is. Geen wonder, voor ons, als wij zien hoe door de jaren heen de wetenschappelijke bevindingen moesten bijgeschroefd worden. Regelmatig moesten de schoolboeken gewijzigd worden met nieuwe wetenschappelijke inzichten, die telkens als dé waarheid werden verkocht, maar enkele jaren toch niet zo volledig de waarheid bleken te zijn.

Zoeken naar inzicht en kennis

Tower Hill Maar Deposits

Opmetingen en optekeningen. – Tower Hill Maar Deposits (Foto credit: only_point_five)

Veel wetenschappers doen echt bewust hun best om tot betere inzichten te komen. Met ernst trachten zij achter de waarheid te komen, maar vergeten daarbij wel eens hun nietigheid als mens. Allen zijn wij namelijk zeer beperkt en moeten wij inzien dat wij die beperktheden hebben. (Een moeilijk te verdragen iets.) Ook moeten wij beseffen dat elk van ons een product van zijn omgeving is, gevormd door onze ouders en onderwijzers in een cultuur die mee bepalend zal zijn voor de keuzes die wij zullen gaan maken. Hierbij kunnen wij ons niet van ontdoen dat die keuzebepaling ook mee gevormd zal worden door al die invloeden rondom ons. Dit zal tot gevolg hebben dat er een vorm van een soort vooringenomenheid zal zijn.

“Wanneer je een wetenschappelijke bril opzet, ontgaan de zinvragen je.”

Bekend de hoogleraar fysica van den Beukel.

Met de wetenschap zijn er verscheidenen die zich die wetenschappelijke boeken als geloofsboeken zijn gaan aan nemen. Sommigen zijn gaan denken dat wetenschap alles is. Het wetenschappelijk denken heeft het rationalisme van Descartes en het irrationalisme gebracht en verscheiden geloofsovertuigingen zoals het darwinisme en andere.

Wittgenstein staat in het centrum van van den Beukel zijn boek ‘Met andere ogen, over wetenschap en het zoeken naar zin’. Hij zegt over de OostenrijksBritse filosoof:

‘Waarover men niet spreken kan, daarover moet men zwijgen’, schreef Wittgenstein in zijn beroemde Tractatus. Wat Wittgenstein hiermee bedoelde, is dat het wetenschappelijk spreken zijn grenzen niet moet overschrijden. Wittgenstein is door de logisch-positivisten altijd misbruikt. Wat hun ontging was de mystieke levenshouding van Wittgenstein die, weliswaar verhuld, in zijn werk naar voren komt. Als wetenschappers bescheidenheid willen leren, moeten ze veel Wittgenstein lezen, zou ik zeggen. Èn begrijpen wat hij bedoeld heeft natuurlijk.”

Geen stilzwijgen

Dat men met taal alleen zinvol kan omgegaan als daarmee “standen van zaken” worden beschreven mag een mogelijkheid van denken zijn dat echter de mens niet tot zwijgen kan brengen. De mens moet namelijk stappen durven ondernemen op onbewandelde paden en zich durven in het ongewisse of de onbekende donkere ruimte durven begeven. Wij kunnen de wereld ervaren zoals hij is, maar moeten er ook durven over nadenken. Zelfs dingen die wij niet weten of nu nog niet kennen moeten wij durven bespreekbaar maken. Dit kan enkel door er over na te denken maar ook door er zelf over te durven praten. Later zag Wittgenstein ook in dat de taal te complex is om de wereld in een één-op-één verhouding te beschrijven. Zo is het onmogelijk om bijvoorbeeld een minachtend zuchten binnen het taalsysteem een duidelijke plaats te geven. In plaats daarvan spreekt hij van taalspelen. De verschillende taalspelen zijn toepasbaar op verschillende situaties, waarbij telkens een “familiegelijkenis” optreedt. Hoewel er voor elke situatie specifieke kenmerken zijn vast te stellen, zijn niet alle kenmerken toepasbaar op alle situaties, zoals leden van eenzelfde familie op elkaar lijken, zonder dat ze precies dezelfde gezichtstrekken hebben. Het is met deze nieuwe visie van taal dat hij veel invloed uitoefende op andere filosofen, voornamelijk in de Ordinary language philosophy. Een bekend criticus van deze latere Wittgensteiniaanse filosofie was de filosoof en antropoloog Ernest Gellner, voornamelijk in zijn boek Words and Things (1959).

Waarnemen en verwoorden

Flickr - NewsPhoto! - 350 climate change in Am...

Over heel wat zaken is er heel wat gedebatteerd en van mening verschild door erkende wetenschappers. – Flickr – NewsPhoto! – 350 climate change in Amsterdam (3) (Foto credit: Wikipedia)

Wij als mens kunnen waarnemen wat er gebeurd en dit trachten te verwoorden. Zin en onzin kunnen wij ook trachten te achterhalen. Ook kunnen wij proberen inzichtelijke argumenten naar voor te schuiven.

Rogeer Hoedemaekers in het boek ‘Iets of niets’ schrijft:

“Toen de natuurwetenschappen steeds meer structuur, orde en wetmatigheid vonden in de kosmos zagen de theologen daarin juist de scheppende kracht van God”

“En toen in de tweede helft van de achttiende en begin negentiende eeuw steeds meer orde, structuur en complexiteit in biologische organismen werd ontdekt, werden ook deze geïnterpreteerd als bewijs van Gods grootheid en almacht.”

Verenigbare analyse

Het is verkeerd te denken dat natuurwetenschap en religie binnen een gemeenschappelijk stelsel van analyse of verklaring niet verenigd of zelfs tot één geheel gemaakt zouden kunnen worden, maar evenmin waarom die twee ondernemingen een onderling conflict zouden moeten voelen.

De agnost Jay Gould, auteur van het boek ‘God en Darwin’, zegt:

“De natuurwetenschappen streven ernaar de werkelijkheid van de natuur in kaart te brengen en theorieën op te stellen die de aangetroffen feiten met elkaar in verband brengen en verklaren. De religie beweegt zich daarentegen op het even belangrijke, maar geheel verschillende terrein van de menselijke strevingen, zingeving en waarden. Onderwerpen die binnen het feitelijk domein van de natuurwetenschappen wel verhelderd, maar nooit opgelost worden.”

Wetenschapper en bewijs van al of niet een God

Geen enkele wetenschapper heeft al kunnen bewijzen dat God niet bestaat, omdat daar ook geen bewijs van is, dat Hij niet zou bestaan. De Schepper God heeft bij Zijn Schepping ons het universum gegeven dat zo oneindig groot is dat wij het gewoon weg niet kunnen vatten, doordat er zelfs zo veel sterren en planeten zijn als zandkorrels op een strand die niet te tellen zijn (Boek Job). God heeft Zijn Schepsels voorzien van Zijn Woord dat een beeld schept van hoe de dingen zijn ontstaan en waar God met de mens naar toe wil. Hij is niet in details getreden om dat dat er eigenlijk niet toe doet. Wij hoeven al die fijnste dingetjes niet echt te weten om ons mens-zijn verder uit te bouwen tot een goed geluk of gelukzalig leven. Wel heeft de Schepper ons verstand gegeven om te gebruiken. Hiermee kunnen wij wetenschap uit voeren, zonder daarmee ons tegen God te hoeven keren. Integendeel, heeft God ons de hersenen gegeven om te gebruiken en verder kennis uit te bouwen. Die hersenen niet gebruiken zou verzuimen aan een van de vele opdrachten die God de mensheid heeft opgedragen.

Gelukkig kunnen wij genoeg wetenschappers aantreffen die dankbaar zijn dat zij de gave van het denken en onderzoeken hebben gekregen.  Deze wetenschappers achten het zeer onwaarschijnlijk dat het heelal bij toeval is ontstaan en voor hen zou het ook gerust kunnen dat er een Bijzonder Hoogwaardig Wezen dat ons begrip te boven gaat, achter zit. De Amerikaans biochemicus en aanhanger van intelligent design Michael Behe geeft een simpel voorbeeld:

“Een muizenval bestaat uit een plankje, een metalen beugel, een veer, een grendel en een scharnierend stukje hout. Alle onderdelen zijn nodig voor het functioneren van de muizenval. Verwijder één onderdeel en het geheel werkt niet meer.”

Dit is een soort onherleidbaar complex systeem. Andere concrete voorbeelden zijn het mechanisme van bloedstolling, trilharen, de werking van het oog, het immuunsysteem en de zweepstaart van de bacterie E. coli.

Bepaalde structuren op biochemisch niveau zijn gewoonweg nu nog te complex om verklaard te kunnen worden met behulp van evolutionaire mechanismen.

Voor hem is het duidelijk dat:

“intelligent design geen wetenschappelijke grondslag heeft, niet door middel van experimenten is getest en niet als wetenschappelijk behoort te worden beschouwd.”

Behe’s hypothese van onherleidbare complexiteit zou volgens door andere wetenschappers voldoende wetenschappelijk weerlegd kunnen worden en bovendien zou een eventueel argument tégen de evolutieleer niet automatisch een argument vóór intelligent design kunnen zijn.

Nog veel onverklaarbaar

Vele wetenschappers zijn nog niet echt tot in de diepste grond van de natuur kunnen geraken en moeten toegeven dat nog vele zaken onverklaarbaar zijn op dit ogenblik. Niets staat in de weg dat wij later meerdere dingen toch nog zullen kunnen verklaren of weer eens anders zullen gaan bekijken, door dat dit of gene weer wordt uitgevonden of verder opzoekingswerk het vroegere weer teniet doet.

Wij zullen daarbij moeten beseffen dat wij als onderdeel in het geheel mogen leven dat wij zullen moeten aan nemen voor wat het ook al kan er per definitie geen antwoord gegeven worden op religieuze vragen over God, zin en ethische waarden.
Daarin zullen wij ons nederig moeten betonen dat de mens niet alles zal te weten kunnen komen en dat wij slechts een klein onderdeel zijn van een geheel dat door God voorzien is en waarmee Hij een Plan heeft. Hij heeft er voor gezorgd dat de mens voldoende inzicht zou kunnen krijgen en heeft als het ware een ‘Blog‘ geschreven voor de mensheid. Wij zouden er ons best op toe leggen om dat Blog van God regelmatig te raadplegen en uit Zijn wijze woorden te leren. Dat Blog is een bundel verzamelde boeken die in meerdere talen in de wereld verspreid zijn en ter beschikking van iedereen liggen. De mens moet dat Boek der boeken, de Bijbel slechts op nemen en lezen en bestuderen, naar eigen goed vermogen.

De woorden van de wetenschappers zijn al dikwijls gewijzigd. al veelvuldig heeft men stellingen van beroemde wetenschappers zien ontkracht worden door andere wetenschappers. Veel woorden van filosofen en wetenschappers zijn al als niet valabel beschouwt. Velen hun woorden zijn al vergaan, maar God Zijn woord is nog steeds blijven bestaan en nog steeds volledig juist en betrouwbaar. Daarom kunnen wij ook best naar dat Woord van God grijpen om ons te laten vormen.

“Het is niet geschreven om hem alleen dat het hem toegerekend werd,” (Romeinen 4:23 NB)

“Want al wat tevoren werd geschreven, werd geschreven om ons te onderrichten, opdat wij door de volharding en door de vertroosting van de Schriften de hoop vasthouden.” (Romeinen 15:4 NB)

“en weet dit allereerst dat alle profetie in de Schrift niet van een eigen uitleg afhangt.” (2 Petrus 1:20 NB)

“Alle schriftwoord is van God doorademd en nuttig tot onderrichting, tot weerlegging, tot verbetering, tot de opvoeding in gerechtigheid,” (2 Timotheüs 3:16 NB)

Wij moeten in deze wereld dus hard opletten ons ook niet te veel gericht te houden op wereldse zaken en op wereldse bevindingen, maar moeten ons meer toeleggen op het doornemen van de Heilige Schrift die ons al het nodige te kennen geeft om iets degelijks van ons leven op te bouwen. wij zouden veel meer vertrouwen in die Oude Boeken moeten stellen dan de vele nieuwe populaire wereldse boeken.

+

Voorgaande artikel:

Stemt de Bijbel overeen met de wetenschap

++

Aanvullende lectuur:

  1. Wetenschap als surrogaat voor religie
  2. Echte wetenschap en geloof bijten elkaar niet
  3. Geloof en wetenschap: een worsteling om gelijkheid
  4. Zijn religie en wetenschap verzoenbaar?
  5. Geloof en wetenschap
  6. Geloof en wetenschap: een strijd zonder bestaansrecht
  7. Geloof in wetenschap biedt mogelijk steun aan atheïst
  8. God én Darwin: Geloof kan niet om evolutie heen
  9. Paus: “Wetenschap kan zin van het leven niet vatten”
  10. Atheïsme: een heelal zonder God
  11. Geleerd en Gelovig
  12. Geloven om te begrijpen
  13. Fundamenten van het geloof
  14. Woord van God
  15. Boek der boeken de Bijbel
  16. Blog van God opgetekend in een Boek
  17. Schepper en Blogger God 1 Leegte en Beweging
  18. Schepper en Blogger God 2 Beeld en gelijkenis
  19. Schepper en Blogger God 3 Les en oplossing
  20. Schepper en Blogger God 4 Verklarende Stem
  21. Schepper en Blogger God 5 Te Vertellen zaken
  22. Schepper en Blogger God 6 Voor Zijn volk
  23. Schepper en Blogger God 7 Een Blog van een Boek 1 De Blogger geloven
  24. Schepper en Blogger God 8 Een Blog van een Boek 2 Heilig Maker van de Geschriften
  25. Schepper en Blogger God 9 Een Blog van een Boek 3 Over Profetie
  26. Schepper en Blogger God 10 Een Blog van een Boek 4 Luisteren naar Blogger
  27. Schepper en Blogger God 11 Het Oude en Nieuwe Blog 1 Gericht op één mens
  28. Schepper en Blogger God 12 Het Oude en Nieuwe Blog 2 Blog voor elke dag
  29. Belangrijkheid van de Heilige Schrift
  30. Het belang van het lezen van de Schrift
  31. Nut van het lezen van de Bijbel
  32. Plan van God
  33. Plan van God en wereldvrede
  34. Wat is Gods doel met de aarde?
  35. We kunnen Gods doel niet zien
  36. De naakte waarheid is altijd beter dan de best geklede leugen
  37. Een vrije keuze voor iedereen
  38. Voor hen die andere keuzes maken
  39. Weten waarheen te gaan
  40. Elk schepsel is een goddelijk woord omdat het God verkondigd
  41. Tot bewust zijn komen voor huidig leven
  42. Dorst naar geluk en zingeving
  43. Hersenen beheersen geloof in religie

+++

  • M is for Massive M staat voor massief (connectiv.wordpress.com)
    M is for massive and for MOOC. M is a very misunderstood word in the MOOC acronym.
    In some courses M is just for bulk, or just means very much students are involved. But massive has another connotation, that is of a solid construction or solid big thing.
    This second meaning of massive (geologists use massif for this connotation of massive) is what M of MOOC stands for.De M van Massief en van MOOC. Deze M staat voor een slecht begrepen woord in het acronym MOOC.
    In sommige cursussen betekent de M niet meer dan massaal, maar massief heeft, ook in het engels, nog een andere betekenis. Het betekent vast aaneengesloten, ondeelbaar. Geologen noemen een gebergteketen een massief . Deze tweede betekenis van massief is kenmerkend voor de echte MOOC.
  • Is Christianity Natural? (tasmedes.nl)
    The goal I had in mind was to develop a top-notch project proposal that would bridge the gap between the cognitive science of religion on the one hand and the philosophy of religion and systematic theology on the other.
    +
    For me, the end result was a couple of articles, and a top-notch project proposal that I submitted to the Netherlands Foundation for Scientific Research (NWO) in the end of 2011. The external referees gave the project A+, A+, A+, and A/A+. Yet, the committee that was hired to judge the papers decided in their immeasurable wisdom to overrule the external referees and decided not to fund the project. This was around May 2012.
  • “God bewijzen” door Stefan Paas en Rik Peels (boekbespreking, extern)
    Valt God te bewijzen? Nee, natuurlijk niet, en dat weten Stefan Paas (hoogleraar theologie aan de Vrije Universiteit in Amsterdam) en Rik Peels (filosoof aan diezelfde universiteit) ook best. Daar gaat het ook helemaal niet om in hun boek. De titel is dan ook misleidend. Dit is helemaal geen boek dat probeert God te bewijzen. Het gaat ook niet om de vraag of God wel of niet bestaat. Wél gaat het om argumenten voor en tegen geloven. Het boek draait dus niet om God, maar om geloof, of beter gezegd over de vraag of geloven redelijk is. En dat is het, zo stellen Paas en Peels, in tegenstelling tot het atheïsme.
    +
    Jan Riemersma schreef in zijn recensie dat de bewijslast bij de gelovige lag, want zo werkt het in een rechtszaak. Dat vond ik meteen al vreemd, want als burger bevindt de gelovige zich bepaald niet in een rechtszaak.
    Zie ook http://www.strangenotions.com/who-has-the-burden-of-proof-when-discussing-god/ waarvan ik niet alle 527 commentaren heb doorgelezen.
    Paas & Peels leggen op blz. 78 ook duidelijk uit dat het niet om een rechtszaak gaat, en ik kan geen flaw in hun redenering vinden, dus ik begrijp niet helemaal hoe de heer Riemersma dan toch kan zeggen dat de bewijslast ligt zoals die in een rechtszaak ligt.
  • Sociale wetenschappen: tussen retoriek en werkelijkheid?
    In een populair-wetenschappelijk discours worden retorische instrumenten gebruikt om de werkelijkheid die uit de wetenschappelijke data “opdoemt” meer contouren te geven, om die duidelijker te laten uitkomen.
    +
    Schaf retoriek in de sociale wetenschappen af, zo stelt Pels, en de wijze waarop sociale wetenschap verhalen vertelt verdwijnt. Verdwijnt daarmee ook de sociale wetenschap zelf? Hoe wetenschappelijk is daarmee de sociale wetenschap? Is sociale wetenschap louter retoriek en heeft het maar rakelings te maken met de werkelijkheid? Dat laatste zegt Pels niet, dat besef ik ook, maar toch lijkt die conclusie tamelijk aantrekkelijk wanneer je die alinea leest.
  • Is Dawkins debet aan het succes van creationisten in de VS?
    Binnenkort krijgen Amerikaanse scholieren wellicht een creationistisch leerboek aangeboden. Creationisme lijkt in de VS, maar het is tegelijkertijd een globaal fenomeen, te groeien als kool. Hoe kan dat? Zou het kunnen dat het militante atheïsme van Richard Dawkins, met de centrale boodschap dat geloof en wetenschap water en vuur zijn, hier wellicht iets mee te maken heeft?