Fundamenten van het Geloof 4: Engelen. Gods volmaakte dienaren

Gelooft u het getuigenis van God, zijn Zoon en zijn dienaren?

Engelen. Gods volmaakte dienaren

Wie het antwoord zoekt op de vraag

‘wie of wat zijn engelen?’

merkt al snel dat de Bijbel weinig tot niets vertelt over hun natuur en bestaanswijze. De reden is dat het in de Bijbel gaat om de verhouding tussen God en mensen. En juist in verband daarmee vinden we een belangrijke uitspraak, die ons helpt bij het begrijpen van de rol die zij spelen in Gods werk:

“Zijn zij niet allen dienende geesten, die uitgezonden worden ten dienste van hen, die het heil zullen beërven?”. (Hebr. 1: 14; vergelijk 1:7 en Psalm 103:20)

Ondanks dat deze woorden niet bedoeld waren om de natuur van engelen te beschrijven, leren we dat zij ‘geesten’ zijn. Paulus schreef dat er ‘natuurlijke lichamen’ zijn (van vlees en bloed, zoals wij nu zijn) en ‘geestelijke lichamen’. Mensen die overgaan van natuurlijk naar geestelijk leven worden ‘uit de hemel’ of ‘hemelsen’ genoemd, in tegenstelling tot wie ‘uit de aarde’, ‘stoffelijk’, zijn. Dat ‘natuurlijke lichaam’ kan het eeuwige leven niet binnengaan, omdat het aardsgezind, ongeestelijk is. Alleen het volmaakte en onvergankelijke (zoals engelen) kan in Gods nabijheid verblijven (1 Kor. 15:35-50).

“35  Maar, zal iemand vragen, hoe verrijzen de doden? Met wat voor lichaam?
36 Een dwaze vraag!
Ook wat gij zelf zaait moet eerst sterven voor het tot leven komt, 37 en wat gij zaait is slechts een graankorrel of iets dergelijks, en heeft nog niet de vorm die het zal krijgen. 38 God geeft er een lichaam aan zoals Hij dat gewild heeft, en wel aan elk zaad zijn eigen lichaam. 39 Ook is niet alle vlees hetzelfde, er is verschil tussen het vlees van mensen en dat van dieren en dat van vogels en van vissen.

40 En er zijn hemelse lichamen en aardse lichamen, maar de glans der hemelse is anders dan die van de aardse.
41 De luister van de zon is anders dan die van de maan, en die van de sterren is weer anders; zelfs de ene ster verschilt van de andere in schittering. 42 Zo is het ook met de opstanding van de doden; wat gezaaid wordt in vergankelijkheid, verrijst in onvergankelijkheid; 43 wat gezaaid wordt in geringheid en zwakte, verrijst in heerlijkheid en kracht. 44 Een natuurlijk lichaam wordt gezaaid, een geestelijk lichaam verrijst. Zoals er een natuurlijk lichaam bestaat, bestaat er ook een geestelijk lichaam. 45 In deze zin staat er geschreven: De eerste mens, Adam, werd een levens wezen. De laatste Adam werd een levendmakende Geest. 46 Maar het geestelijke komt niet het eerst; het natuurlijke gaat vooraf, daarna komt het geestelijke. 47 De eerste mens, uit de aarde genomen, is aards; de tweede is uit de hemel. 48 Zoals die eerste mens van aarde zijn alle aardse mensen, zoals de hemelse mens zullen alle hemelsen zijn. 49 En gelijk wij het beeld van de aardse hebben gedragen, zo zullen wij ook het beeld dragen van de hemelse mens. 50 Ik bedoel dit, broeders: vlees en bloed kunnen niet delen in het koninkrijk van God en het vergankelijke heeft geen aandeel in de onvergankelijkheid.” (1Co 15:35-50 WV78)

Dit komt overeen met wat Jezus zei:

“Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, tenzij iemand geboren wordt uit water en Geest, kan hij het Koninkrijk van God niet binnen gaan. Wat uit het vlees geboren is, is vlees, en wat uit de Geest geboren is, is geest”. (Johannes 3:5-6)

“Maar wie waardig gekeurd zijn deel te verkrijgen aan die eeuw en aan de opstanding uit de doden, huwen niet en worden niet ten huwelijk genomen. Want zij kunnen niet meer sterven; immers, zij zijn aan de engelen gelijk en zij zijn kinderen van God, omdat zij kinderen van de opstanding zijn”. (Luc. 20:35-36)

Hieruit leiden wij af dat zij volmaakt en onsterfelijk zijn en dat wij, als wij eeuwig leven ontvangen, een volmaakt ‘hemels lichaam’ zullen hebben,en in die zin aan hen gelijk zullen zijn. De schrijver van de brief aan de Hebreeën herinnert, door Psalm 8 te citeren, aan het hoge doel van God met de schepping van de mens en de vervulling daarvan in Christus Jezus:

“Want niet aan engelen heeft Hij de toekomende wereld, waarvan wij spreken, onderworpen. Maar iemand heeft ergens betuigd, zeggende: Wat is de mens, dat U hem gedenkt, of de mensenzoon, dat U naar hem omziet? U hebt hem voor een korte tijd beneden de engelen gesteld, met heerlijkheid en eer hebt u hem gekroond … wij zien Jezus, die voor een korte tijd beneden de engelen gesteld was vanwege het lijden van de dood … met heerlijkheid gekroond” (Hebreeën 2:5-9).

Gelooft u het getuigenis van God, zijn Zoon en zijn dienaren?

Christus Jezus is de eerste van allen die behoren tot de geestelijke schepping, meer geworden dan de engelen:

“Tot wie van de engelen heeft Hij ooit gezegd: Mijn Zoon bent U … Zet U aan mijn rechterhand…”. (Hebreeën 1:5 en 13)

“Jezus Christus, die aan de rechterhand van God is, naar de hemel gegaan,terwijl engelen en machten en krachten Hem onderworpen zijn”. (1 Petrus3:21-22)

“En Hem moeten alle engelen van God huldigen”. (Hebreeën 1:6)

De Nazareense leermeester Jezus zei dat de engelen voortdurend het aangezicht zien van God (Mattheüs 18:10). In Openbaring 5:11-13 zien we hen dan ook rondde troon van God in de hemel, in lofprijzing tot Hem en zijn Zoon.

“11 En terwijl ik keek, hoorde ik de stem van talloze engelen rondom de troon en de dieren en de oudsten; en hun getal was tienduizenden tienduizenden en duizenden duizendtallen; 12 en zij riepen luid:

‘Waardig is het Lam dat geslacht werd, te ontvangen de macht en de rijkdom, de wijsheid en de kracht, en eer en heerlijkheid en lof.’

13 En elk schepsel in de hemel en op de aarde en onder de aarde en in de zee, het ganse heelal hoorde ik roepen:

‘Aan Hem die gezeten is op de troon en aan het Lam zij de lof en de eer en de roem en de kracht in de eeuwen der eeuwen!’” (Opb 5:11-13 WV78)

Wij mensen kunnen Gods aangezicht niet zien vanwege onze onreinheid door de zonde (Exodus 33:20). Dat engelen dat wel kunnen, houdt in dat zij zonder zonde zijn en dus volmaakt (vergelijk dit met Christus Jezus in Hebreeën 7:26).

“ Zulk een hogepriester hadden wij ook nodig: een die heilig is, schuldeloos, onbesmet, afgescheiden van de zondaars, hoog verheven boven de hemelen;” (Heb 7:26 WV78)

Vervulling van Gods belofte

God zendt engelen uit als zijn betrouwbare dienaren ten behoeve van mensen. Zij doen voor Hem vele taken in verband met de voltooiing van zijn scheppingswerk en zijn heilswerk ten behoeve van mensen. Het uitzenden van zijn Geest kan daarom ook betrekking hebben op het zenden van een engel, in wie God zijn macht en kracht legde:

“Toen riepen wij tot de Here, en Hij hoorde onze stem, zond een engel en leidde ons uit Egypte”. (Numeri 20:16)

“In al hun benauwdheid was ook Hij (God) benauwd, en de Engel van zijn aangezicht heeft hen gered”. (Jesaja 63:9)

“… u, die de wet ontvangen hebt op beschikking van engelen”. (Hand. 7:53)

“Ik ben Gabriël, die voor Gods aangezicht sta, en ik ben gekomen om tot u (Maria) te spreken en deze blijmare te verkondigen”. (Lucas 1:18-29)

Een voorbeeld van het uitzenden van engelen ten dienste van hen die het heil zullen beërven, vinden we in het leven van de Heer Jezus. Na de verzoeking in de woestijn dienden engelen hem (Mattheüs 4:11). Maar al eerder in zijn leven waren zij werkzaam om te zorgen dat hem niets overkwam, voordat de bestemde tijd was gekomen (Mattheüs 2:13). Dit zijn vervullingen van Gods beloften in Psalm 91:

“Aan zijn engelen zal Hij opdracht geven aangaande U, en op handen zullen zij u dragen, opdat U uw voet niet aan een steen stoot”. (Mattheüs 4:6; Lucas 4:10; Psalm 91:11-12)

Maar ook anderen hebben de vervulling van Gods belofte van bijstand ervaren, door de nabijheid van engelen, op momenten dat er menselijkerwijs gesproken geen redding meer mogelijk was:

“De engel van de Here legert Zich rondom wie Hem vrezen, en redt hen”. (Psalm 34:8)

“… zij die bij ons zijn, zijn talrijker dan zij, die bij hen zijn … en zie, de berg was vol vurige paarden en wagens rondom Elisa”. (2 Kon. 6:15-17)

“Maar een engel van de Here opende ’s nachts de deuren van de gevangenis en leidde hen naar buiten…”. (Hand. 5:19; vergelijk 12:7 en Daniël 6:23)

Soms moeten zij destructief werk doen, om de vervulling van Gods plan voortgang te kunnen laten vinden. Want wanneer God dit niet zou doen, zouden zijn kinderen ten onder gaan door het geweld van hun vijanden. De tijd van Noach laat dit duidelijk zien. Zij redden gelovigen uit de macht van de ongelovigen of straffen ongehoorzamen.

“Hij zond tegen hen zijn brandende toorn, verbolgenheid en angstwekkende gramschap, een schare van verderfengelen” (Psalm 78:49; vergelijk 1 Kron. 21:12 en 15; 2 Sam. 24:16-17).

Het werk van de engelen zal in ieder geval doorgaan tot de wederkomst van Christus Jezus uit de hemel. Hij heeft hen van God tot zijn beschikking gekregen om hem te helpen Gods wil uit te voeren, zoals mensen wakker roepen uit hun doodsslaap:

“…bij de openbaring van de Here Jezus van de hemel met de engelen van zijn kracht”. (2 Thessalonicenzen 1:7)

“En Hij zal zijn engelen uitzenden met luid bazuingeschal en zij zullen zijn uitverkorenen verzamelen uit de vier windstreken, van het ene uiterste van de hemelen tot het andere”. (Mattheüs 24:31)

“De Zoon des mensen zal zijn engelen uitzenden en zij zullen uit zijn Koninkrijk verzamelen al wat tot zonde verleidt”. (Mattheüs 13:41)

Hun werk ten behoeve van het heil van mensen zal waarschijnlijk in grote lijnen ten einde zijn gekomen, wanneer het Koninkrijk van God op aarde is gekomen. Want dan zullen er mensen zijn die volmaakt en onsterfelijk zijn geworden als de engelen, en dus op dezelfde wijze werk voor Christus kunnen doen als de engelen voor God.


Vraag ter overdenking:

Denkt u dat het mogelijk is dat engelen hebben gezondigd?


+

Voorgaande

Fundamenten van het Geloof: De lankmoedigheid van God

Fundamenten van het Geloof 2: De levende en waarachtige God

Fundamenten van geloof 3: De Persoonlijkheid van God

Al-Fatiha [De Opening] Surah 1: 1-7 Hulp van God onze Schepper

Voor wij een kijkje gingen nemen in de Koran voor de inhoud van de soeras of surahs te ontdekken, hebben wij gezegd dat het best is de verscheidene geschriften tegen over elkaar te stellen.

English: Sura Al-Fātiha from a Qur'an manuscri...

Surah Al-Fatiha uit een koran manuscript door Hattat Aziz Efendi. (Foto credit: Wikipedia)

Vele mensen zijn tegenwoordig bang voor de Moslims die beweren dat hun zegeningen van Allah komen en dat zij steeds zeggen “Insjallah“, h.i.t.z. “zo God het wil” of “als God het wil,” In šāʾ Allāh (Arabic: إن شاء الله. Ook vinden velen het vervelend dat de Islamieten steeds hun uitleg beginnen met “Bismi’llah ir-Rahman ir-Rahiem” (Basmala) of “In de naam van Allah” of “In de naam van God, de Erbarmer, de Meest Barmhartige” en “In naam van God, de Barmhartige, de Genadevolle”, dat volgens sommigen slechts een idioom, een uitdrukking zou zijn,die eigenlijk niet veel zin maakt op een letterlijke woord-voor-woord basis. Maar dit is niet echt zo. Voor velen is die toezegging naar Gods Naam werkelijk een verheven iets. Vreemd echter dat men weinig, om niet te zeggen “geen” Moslims die Naam van God hoort gebruiken.

In tegenstelling tot andere gelovigen in de Allerhoogste, Schepper van hemel en aarde, moet het wel gezegd dat het meestal Moslims zijn die uiting geven van hun erkentelijkheid naar de Schepper toe. Zij erkennen dat al hun zegeningen van Allah afkomstig zijn, en worden eraan herinnerd Allah te danken alle dagen en nachten van hun leven.

De Koran benadrukt herhaaldelijk het belang van ware dankbaarheid en shukr van Allah. Zij geven te kennen wie hun Grootste Leermeester of Rabb is die vele zegeningen over hen geeft, maar beseffen ook dat de aard van de mens zodanig is dat deze nooit tevreden is met wat hij heeft en dat zij bijna altijd heel ondankbaar zijn.

Surah Al-Fatiha dat wordt beschouwd als een goddelijke schat, kan bekend staan onder verschillende namen, maar volgens de traditie van de profeet Mohammed/Muhammad mag die soera als ‘De Moeder van het Boek’ (Ummu’l-Kitab) doorgaan, want het is de essentie van de Koran. Op een bepaalde manier is datgene wat er in gezegd wordt in deze soera ook de essentie van de Hebreeuwse en de Christelijke Bijbel. In die geschriften stelt het Woord van God dat het nodig is om te komen tot het erkennen van de Enige Ware God, om Hem, de Goddelijke Schepper van hemel en aarde, te loven en te bedanken voor  datgene wat wij allemaal tot onzer beschikking hebben.

Thank You Allah

Dan U Allah (Foto credit: Wikipedia)

“Geprezen zij Allah. O Allah, wij loven u, smeken u om hulp en vergeving” zeggen vele Moslims voor aleer zij verscheidene activiteiten aanvangen, zoals voor het eten of een belangrijke taak. Zij aanroepen God in de overtuiging dat Allah, God, bereid is te aanhoren. Wie Allah leidt, kan niemand  misleiden. Ook Christenen zouden diezelfde getuigenis moeten afleggen, dat zij slechts geloven dat er één God (Allah) is, namelijk de Allerhoogste Schepper van hemel en aarde die de Naam Jehova/Jehovah (Jahweh) draagt. Terwijl Moslims mogen getuigen dat hun meester Mohammed/Muhammad, de dienaar en boodschapper van Allah, is, zouden christenen moeten getuigen dat zij niemand anders dan de Allerhoogste Elohim Hashem Jehovah als hun Heer en Meester willen aanschouwen.

Volgens het Noord Oost Islamitisch Gemeenschapscentrum {North East Islamic Community Center } is er een nauwe relatie tussen Bismillahir Rahmanir Rahimen al-Fatiha. Bismillah” is in zekere zin een vers van al-Fatiha. Dit is de reden waarom veel van de islamitische geleerden Bismillah” classificeren als een van de zeven verzen van Surah al-Fatiha. “Er is een soort poëtische harmonie tussenBismillah en al-Fatiha. Bismillah” begint in de naam van Allah, op dezelfde manier dat de Moslims beginnen met het reciteren van de Koran in de naam van Allah, en zo ook beginnen zij met het reciteren van al-Fatiha door Bismillah” te verkondigen.  Inderdaad, alle akten of taken die beginnen zonder dat reciteren van “in de naam van Allah” zijn volgens hen incompleet

Bismillah in Persian calligraphy

Bismillahir Rahmanir Rahim of Basmala ook bekend door zijn openings uiting Bismillah (Arabisch: بسم الله, In de naam van God“) is de islamitische aanhef bismillāhi r-raḥmāni r-Rahimi“, vaak vertaald als in de naam van God, de Barmhartige [Rahman (de Mededogende of de Barmhartige)], de Genadevolle [Rahim] . De Allersterkste God en de meest Almachtige  van de machtigen (goden) moeten we leren kennen als de Medelevende of mededogende God. Hij is namelijk steeds bereid om altijd met Zijn creatie begaan te zijn. Hij is De Barmhartige Die er is voor ons te helpen. Verschillende moslims kunnen moeite hebben met Arabisch sprekende Trintiarische christenen die ook de uitroep Basmala” gebruiken, maar dan om te verwijzen naar de vaak christelijke liturgische trintiarische formule In de naam van de Vader , de Zoon en de Heilige Geest (باسم الآب والابن والروح القدس Bismil‘ābi walIbni war-Rühl lqudusi) uit Mattheüs 28:19, die echter ook door niet trinitariërs gebruikt wordt, maar nooit met die co-notatie van bijvoorbeeld Rooms Katholieken. In verschillende islamitische landen is de meerderheid van de christenen die ze tegenkomen rooms-katholieken, die maakt dat die moslims kwamen om te geloven dat alle christenen geloven zoals die katholieken. Kunnen we alleen maar hopen dat zij (moslims en trintiarische christenen ) wel komen in te zien dat er veel christenen zijn die zich niet houden aan trinitarische en andere dogma‘s daar deze onbijbels zijn .

Volgens een rapport van Abu Hurayra, spreekt Allah de Almachtige met Zijn dienaar in Surah Al-Fatiha:

Allah de Almachtige heeft gezegd: Ik heb Surah al-Fatiha verdeeld tussen Mijzelf en Mijn dienaar in twee helften, en Mijn dienaar zal krijgen wat hij gevraagd heeft. Wanneer de dienaar zegt:

Alle lof en dank zijn voor Allah, de Heer der werelden

Wat veel mensen lijken te vergeten is dat alleen bij Allah, de God der goden, is onze redding. Zoals de Allerhoogste Schepper van alles wat Hij is Degene Die kan ons het meest kostbare hoop en de beste hulp die we kunnen krijgen geven. Geen mens kan meer zuiver en behulpzaam dan dit Goddelijke Schepper. Hij is de enige die kan elke ziel (wezen) op deze aarde te benaderen op elk gewenst moment, door Zijn Stem, met Zijn Woord, maar ook met zijn zwaard. Die Maker van hemel en aarde kan ons maken of ons breken. Degenen die de Maker van alle dingen niet erkennen, moeten worden beschouwd als de armen van dit universum. Wij allemaal moeten komen er toe komen om de Maker en Meester van alle dingen te leren kennen, erkennen , te loven en te prijzen, want Hem alleen komt de hoogste eer toe.

Calligraphy of the "Basmala" phrase ...

Kalligrafie van de “Basmala” zin “Bismi-llāhi ar-Rahmani ar-Rahimi” بسم الله الرحمن الرحيم in de vorm van een peer. Op het Rechter blad: “Qāla allāh ta’ālā”” of “Allah de Verhevene” (“De sublieme God zei”). Op het Linker blad: “Wa innahu min Sulaymān” (“En het is van Salomo”, daar de Basmala voor het eerst verscheen in de Koran in een brief van Salomo). (Foto credit: Wikipedia)

بِسْمِ اللَّهِ الرَّحْمَٰنِ الرَّحِيمِ

In the name of Allah, the Compassionate, the Merciful.(1:1)
In naam van den lankmoedigen en albarmhartigen God.(1:1)

الْحَمْدُ لِلَّهِ رَبِّ الْعَالَمِينَ

All praise unto Allah, the Lord of all the worlds.(1:2)
All praise is due to Allah, the Lord of the Worlds.(1:2)
All the praises and thanks be to Allāh, the Lord of the ‘Alamīn (mankind, jinns and all that exists). (Al-Fatihah 1:2)
Lof aan God, meester des heelals.(1:2)
Alle prijs behoort Allah toe, de Heer van de werelden

الرَّحْمَٰنِ الرَّحِيمِ

The Compassionate, the Merciful.(1:3)
Den lankmoedige, den albarmhartige.(1:3)

مَالِكِ يَوْمِ الدِّينِ

Sovereign of the Day of Requital.(1:4)
Rechter op den dag des gerichts.(1:4)

إِيَّاكَ نَعْبُدُ وَإِيَّاكَ نَسْتَعِينُ

Thee alone do we worship and of Thee alone do we seek help,(1:5)
Thee do we serve and Thee do we beseech for help.(1:5)
You (Alone) we worship, and You (Alone) we ask for help (for each and everything). (Al-Fatihah 1:5)
U (alleen) aanbidden (of vereren) wij en U (Alleen) vragen wij voor help (voor elkeen en voor alles)
U bidden wij aan, Uwe hulp roepen wij in.(1:5)

*

أَمْ حَسِبْتُمْ أَنْ تَدْخُلُوا الْجَنَّةَ وَلَمَّا يَأْتِكُمْ مَثَلُ الَّذِينَ خَلَوْا مِنْ قَبْلِكُمْ ۖ مَسَّتْهُمُ الْبَأْسَاءُ وَالضَّرَّاءُ وَزُلْزِلُوا حَتَّىٰ يَقُولَ الرَّسُولُ وَالَّذِينَ آمَنُوا مَعَهُ مَتَىٰ نَصْرُ اللَّهِ ۗ أَلَا إِنَّ نَصْرَ اللَّهِ قَرِيبٌ

Gelooft gij in het paradijs te komen, zonder dat gij ondergaan hebt wat anderen voor u hebben geleden? Zij ondergingen ongeluk, tegenspoed en droefheid, zoodat de apostel en zij die met hem geloofden, uitriepen: Wanneer komt Gods hulp? Waarlijk Gods hulp is nabij.(2:214)

بَلِ اللَّهُ مَوْلَاكُمْ ۖ وَهُوَ خَيْرُ النَّاصِرِينَ

God is uw beschermer en hij is de beste helper.(3:150)

لَيْسَ بِأَمَانِيِّكُمْ وَلَا أَمَانِيِّ أَهْلِ الْكِتَابِ ۗ مَنْ يَعْمَلْ سُوءًا يُجْزَ بِهِ وَلَا يَجِدْ لَهُ مِنْ دُونِ اللَّهِ وَلِيًّا وَلَا نَصِيرًا

Het zal niet overeenkomstig uwe begeerten zijn, en niet overeenkomstig de begeerten van hen, die de schriften hebben ontvangen. Hij, die kwaad bedrijft, zal daarvoor in gelijke mate worden beloond, en zal geenerlei beschermer of helper naast God vinden.(4:123)

فَأَمَّا الَّذِينَ آمَنُوا وَعَمِلُوا الصَّالِحَاتِ فَيُوَفِّيهِمْ أُجُورَهُمْ وَيَزِيدُهُمْ مِنْ فَضْلِهِ ۖ وَأَمَّا الَّذِينَ اسْتَنْكَفُوا وَاسْتَكْبَرُوا فَيُعَذِّبُهُمْ عَذَابًا أَلِيمًا وَلَا يَجِدُونَ لَهُمْ مِنْ دُونِ اللَّهِ وَلِيًّا وَلَا نَصِيرًا

Hen, die gelooven en doen wat goed is, zal hij hunne belooning geven, en zal die met zijne mildheid vermeerderen, maar hen, die versmaden en trotsch zijn, zal hij gestreng straffen. Zij zullen niemand naast God vinden, die hen kan helpen of ondersteunen.(4:173)

قَالَ مُوسَىٰ لِقَوْمِهِ اسْتَعِينُوا بِاللَّهِ وَاصْبِرُوا ۖ إِنَّ الْأَرْضَ لِلَّهِ يُورِثُهَا مَنْ يَشَاءُ مِنْ عِبَادِهِ ۖ وَالْعَاقِبَةُ لِلْمُتَّقِينَ

Mozes zeide tot zijn volk: Vraag God om ondersteuning en lijdt geduldig; want de aarde behoort Gode en hij geeft haar tot erfenis, aan diegene zijner dienaren, welke hem behagen, en het einde van hen die hem vreezen, zal voorspoedig zijn.(7:128)

وَالَّذِينَ تَدْعُونَ مِنْ دُونِهِ لَا يَسْتَطِيعُونَ نَصْرَكُمْ وَلَا أَنْفُسَهُمْ يَنْصُرُونَ

Maar zij die gij naast God aanroept, kunnen noch u bijstaan, noch zich zelven helpen.(7:197)

وَإِنْ جَنَحُوا لِلسَّلْمِ فَاجْنَحْ لَهَا وَتَوَكَّلْ عَلَى اللَّهِ ۚ إِنَّهُ هُوَ السَّمِيعُ الْعَلِيمُ

Indien zij tot vrede overhellen, zult gij mede daartoe neigen, en stel uw vertrouwen in God; want hij hoort en weet alles.(8:61)

وَإِنْ يُرِيدُوا أَنْ يَخْدَعُوكَ فَإِنَّ حَسْبَكَ اللَّهُ ۚ هُوَ الَّذِي أَيَّدَكَ بِنَصْرِهِ وَبِالْمُؤْمِنِينَ

Maar indien zij trachten u te verraden, dan zal God uw helper zijn. Hij is het, die u door zijne ondersteuning heeft geholpen en door die der geloovigen,(8:62)

وَيَا قَوْمِ مَنْ يَنْصُرُنِي مِنَ اللَّهِ إِنْ طَرَدْتُهُمْ ۚ أَفَلَا تَذَكَّرُونَ

O mijn volk! wie zal mij tegen God bijstaan, indien ik hen verdrijf? Wilt gij dus niet overwegen?(11:30)

وَلَا تَرْكَنُوا إِلَى الَّذِينَ ظَلَمُوا فَتَمَسَّكُمُ النَّارُ وَمَا لَكُمْ مِنْ دُونِ اللَّهِ مِنْ أَوْلِيَاءَ ثُمَّ لَا تُنْصَرُونَ

En neig niet tot hen die onrechtvaardig handelen, opdat het hellevuur u niet bereike; want gij hebt geene beschermers behalve God; tegen hem zult gij niet geholpen worden.(11:113)

وَجَاءُوا عَلَىٰ قَمِيصِهِ بِدَمٍ كَذِبٍ ۚ قَالَ بَلْ سَوَّلَتْ لَكُمْ أَنْفُسُكُمْ أَمْرًا ۖ فَصَبْرٌ جَمِيلٌ ۖ وَاللَّهُ الْمُسْتَعَانُ عَلَىٰ مَا تَصِفُونَ

En zij vertoonden zijn onderste kleedingstuk, met ander bloed geverfd. Jacob antwoordde: gij zelf hebt dat in uw eigen belang bedreven; maar geduld is het beste, en Gods hulp roep ik in, om mij in staat te stellen, het ongeluk te dragen, dat gij mij verhaalt.(12:18)

 “فالآن اذهب وانا اكون مع فمك وأعلمك ما تتكلم به.” (خروج 4:12 Arabic)

“فقال لا يخلصك الرب.من اين اخلّصك.أمن البيدر او من المعصرة.” (2 ملوك 6:27 Arabic)

“فحلّ الروح على عماساي راس الثوالث فقال لك نحن يا داود ومعك نحن يا ابن يسّى.سلام سلام لك وسلام لمساعديك.لان الهك معينك.فقبلهم داود وجعلهم رؤوس الجيوش.” (1 اخبار 12:18 Arabic)

“وان ذهبت انت فاعمل وتشدد للقتال لان الله يسقطك امام العدو لان عند الله قوة للمساعدة وللاسقاط.” (2 اخبار 25:8 Arabic)

“معه ذراع بشر ومعنا الرب الهنا ليساعدنا ويحارب حروبنا.فاستند الشعب على كلام حزقيا ملك يهوذا” (2 اخبار 32:8 Arabic)

“(33:21) ‎لانه به تفرح قلوبنا لاننا على اسمه القدوس اتكلنا‎ .” (مزامير 33:20 Arabic)

“(41:1) لامام المغنين.مزمور لداود‎ .‎طوبى للذي ينظر الى المسكين.في يوم الشر ينجيه الرب‎ .” (مزامير 40:17 Arabic)

“9 ¶ (115:10) ‎يا بيت هرون اتكلوا على الرب.هو معينهم ومجنهم‎ . 10 (115:11) ‎يا متقي الرب اتكلوا على الرب.هو معينهم ومجنهم‎ . 11 (115:12) ‎الرب قد ذكرنا فيبارك.يبارك بيت اسرائيل يبارك بيت هرون‎ .” (مزامير 115:9-11 Arabic)

“1 ¶ (121:2) ‎معونتي من عند الرب صانع السموات والارض‎ . 2 (121:3) ‎لا يدع رجلك تزل.لا ينعس حافظك‎ .” (مزامير 121:1-2 Arabic)

“ولكن التي هي بالحقيقة ارملة ووحيدة فقد ألقت رجاءها على الله وهي تواظب الطلبات والصلوات ليلا ونهارا.” (1 تيموثاوس 5:5 Arabic)

“Ga nu maar, Ik zal u bijstaan als ge spreekt en u ingeven wat ge moet zeggen.’” (Exodus 4:12 WV78)

“Hij antwoordde: ‘Als Jahwe geen uitkomst brengt, vanwaar moet ik dan uitkomst voor u halen? Soms van de dorsvloer of van de perskuip?’” (2 Koningen 6:27 WV78)

“Toen vervulde de geest Amasai, de aanvoerder van de dertig, en hij zei: ‘Heil u, David, heil uw volk, zoon van Isai! Heil u, heil degenen die u helpen, want uw God is uw helper.’ Toen nam David hen in zijn troep op en stelde hen als aanvoerders aan.” (1 Kronieken 12:18 WV78)

“Maar rust u uit voor de strijd en trek er alleen op uit, anders zal Jahwe u voor de vijand laten bezwijken.’” (2 Kronieken 25:8 WV78)

“hij steunt op mensenkracht, maar wij steunen op Jahwe, onze God, die ons helpt en voor ons de oorlog voert.’ En heel het volk voelde zich gesterkt door de woorden van Hizkia, de koning van Juda.” (2 Kronieken 32:8 WV78)

“Ons hart wacht de komst van de Heer: ‘onze hulp en ons schild dat is Hij!’” (Psalmen 33:20 WV78)

“(40:18) Ik ben zo ellendig, zo arm – Heer, wil aan mij denken. Mijn hulp zijt Gij, mijn bevrijder: mijn God, laat U niet wachten.” (Psalmen 40:17 WV78)

“9  Israel, bouw op de Heer, – hun hulp en hun schild dat is Hij! – 10 Huis van Aaron, bouw op de Heer, – hun hulp en hun schild dat is Hij! – 11 Gij die de Heer vreest, bouwt op de Heer, – hun hulp en hun schild dat is Hij!” (Psalmen 115:9-11 WV78)

“1  Een bedevaartslied. Ik hef op naar de bergen mijn ogen: vanwaar zal mij komen de hulp? 2 De hulp komt mij van de Heer, die gemaakt heeft hemel en aarde.” (Psalmen 121:1-2 WV78)

“De echte weduwe, die geheel alleen staat, heeft haar hoop op God gevestigd, en volhardt in smekingen en gebeden, dag en nacht;” (1 Timotheüs 5:5 WV78)

“أالانسان ابرّ من الله ام الرجل اطهر من خالقه.” (ايوب 4:17 Arabic)

“أحمل معرفتي من بعيد وأنسب برا لصانعي.” (ايوب 36:3 Arabic)

“(95:7) ‎لانه هو الهنا ونحن شعب مرعاه وغنم يده.اليوم ان سمعتم صوته” (مزامير 95:6 Arabic)

“(115:16) ‎السموات سموات للرب.اما الارض فاعطاها لبني آدم‎ .” (مزامير 115:15 Arabic)

“(121:3) ‎لا يدع رجلك تزل.لا ينعس حافظك‎ .” (مزامير 121:2 Arabic)

“(125:1) ترنيمة المصاعد‎ .‎المتوكلون على الرب مثل جبل صهيون الذي لا يتزعزع بل يسكن الى الدهر.” (مزامير 124:8 Arabic)

“(135:1) هللويا.سبحوا اسم الرب.سبحوا يا عبيد الرب” (مزامير 134:3 Arabic)

“(146:7) ‎المجري حكما للمظلومين المعطي خبزا للجياع.الرب يطلق الاسرى.” (مزامير 146:6 Arabic)

“ظالم الفقير يعير خالقه ويمجده راحم المسكين.” (امثال 14:31 Arabic)

“المستهزئ بالفقير يعيّر خالقه.الفرحان ببلية لا يتبرأ.” (امثال 17:5 Arabic)

“الغني والفقير يتلاقيان.صانعهما كليهما الرب.” (امثال 22:2 Arabic)

“كما انك لست تعلم ما هي طريق الريح ولا كيف العظام في بطن الحبلى كذلك لا تعلم اعمال الله الذي يصنع الجميع.” (جامعة 11:5 Arabic)

“في ذلك اليوم يلتفت الانسان الى صانعه وتنظر عيناه الى قدوس اسرائيل.” (اشعياء 17:7 Arabic)

“ليس كهذه نصيب يعقوب.لانه مصور الجميع واسرائيل قضيب ميراثه.رب الجنود اسمه” (ارميا 10:16 Arabic)

“ليس كهذه نصيب يعقوب لانه مصوّر الجميع وقضيب ميراثه رب الجنود اسمه.” (ارميا 51:19 Arabic)

“’Kan een sterveling rechtvaardig zijn voor God, een mens onbesmet voor zijn Maker?” (Job 4:17 WV78)

“Ik haal mijn wijsheid van ver, namens mijn Maker verkondig ik u de waarheid.” (Job 36:3 WV78)

“Nadert, buigen deemoedig wij neer, knielen wij voor de Heer die ons maakte:” (Psalmen 95:6 WV78)

“Gezegend dan gij door de Heer, die gemaakt heeft hemel en aarde:” (Psalmen 115:15 WV78)

“De hulp komt mij van de Heer, die gemaakt heeft hemel en aarde.” (Psalmen 121:2 WV78)

“Onze hulp is in de naam van de Heer, die gemaakt heeft hemel en aarde.” (Psalmen 124:8 WV78)

“’En Hij zegene u uit Sion, de Heer, die gemaakt heeft hemel en aarde.’” (Psalmen 134:3 WV78)

“die geschapen heeft hemel en aarde, de zee en al wat daarin is, die tot in eeuwigheid trouw houdt.” (Psalmen 146:6 WV78)

“Wie een arme onderdrukt, beledigt diens Maker: wie zich over een noodlijdende ontfermt, brengt Hem eer.” (Spreuken 14:31 WV78)

“Wie een arme bespot, beledigt diens Maker; wie zich over een anders ongeluk verheugt, blijft niet ongestraft.” (Spreuken 17:5 WV78)

“Rijken en armen ontmoeten elkaar: Jahwe heeft hen allen gemaakt.” (Spreuken 22:2 WV78)

“Evenmin als je weet hoe in de moederschoot het leven ontstaat, evenmin weet je iets van het werken van God, de maker van alles.” (Prediker 11:5 WV78)

“Op die dag zullen de mensen opzien naar hun maker, hun ogen richten naar Israels Heilige.” (Jesaja 17:7 WV78)

“De God van Jakob is niet zoals zij; Hij is de schepper van het heelal en Israel is zijn eigen bezit. Zijn naam is: Jahwe van de legerscharen.” (Jeremia 10:16 WV78)

“De God van Jakob is niet zoals zij: Hij is schepper van het heelal en Israel is zijn eigen bezit. Zijn naam is: Jahwe van de legerscharen.” (Jeremia 51:19 WV78)

+

Voorgaande afleveringen:

  1. Koran tegenover veel oudere Heilige Geschriften
  2. Al-Fatiha [De Opening] Surah 1:1-3 In de naam van Allah de Barmhartige Heer van de Schepping
  3. Al-Fatiha [De Opening] Surah 1: 4-7 Barmhartige Heer van de Schepping om ons de juiste weg te tonen

++

Vindt ook om te lezen / Find also to read:

  1. Rond God de Allerhoogste
  2. De Allerhoogste is het Opperwezen
  3. Eigenheden aan God toegeschreven
  4. Geloof in slechts één God
  5. God versus goden
  6. Heilige drievuldigheid of drie-eenheid
  7. Geloof voor God aanvaardbaar
  8. Belangrijkheid van Gods Naam
  9. Jehovah wiens Naam heilig is
  10. Gebruik van Jehovahs naam
  11. Vertrouwen, Geloof, Roepen en Toeschrijving aan Jehovah #3 Stem van God #1 Schepper en Zijn profeten
  12. God Helper en Bevrijder
  13. God komt ons ten goede
  14. Getuig van een levende God en zijn zegeningen voor jou
  15. Aanbid enkel de Schepper van alles
  16. Woord van God
  17. Boek der boeken de Bijbel
  18. Bestaat er een God die zich om ons bekommert?
  19. Bekommerende God
  20. Christen genoemd
  21. God, Jezus Christus en de Heilige Geest

+

In het Engels / In English

  1. What’s an Anti-Trinitarian?
  2. The poetic phrase Bismillah al rahman al rahim
  3. On the Form of the Divine Name Jehovah
  4. The Divine Name—Its Use and Its Meaning
  5. What Has God Been Doing to Help Us?
  6. The Lie That Made God a Mystery
  7. The Lie That Made God Nameless
  8. Creation Reveals the Living God
  9. Jehovah’s Message
  10. Jesus, The Literal Only-Begotten Son Of God!

+++

  • The Blessings And Sunnahs Of Eid Ul Adha BY Imam Murtada Gusau (abusidiqu.com)
    Praised be to Allah. O Allah, we praise you, beseech you for help and forgiveness. Whomever Allah guides, no one can misguide. I bear witness that there is no god but Allah, I also bear witness that our Master Muhammad is the servant and messenger of Allah. May the peace and blessings of Allah be upon our Master Muhammad, his honourable family, his righteous companions and those who follow them in righteousness until the Day of Judgment.
  • Our Compassionate, Merciful God (girlfriendscoffeehour.com)
    No doubt God had already proven Himself VERY compassionate, merciful, and gracious towards the children of Israel!  Remember this is the account where He allows Moses to redo the two tablets on which had been the commandments which God had written and given to Moses.  (Here’s a link to go read this passage.)
  • Do you Know God? (achristianmeditation.wordpress.com)
    Who hasn’t heard that the Lord God of the Universe is the everlasting God, creator of the ends of the earth? If you were going to believe in a God, wouldn’t you want one that was all-powerful? No doubt you would want God to be the everlasting creator, who never tires and has understanding that is beyond our comprehension. But to be complete in your comprehension of God you would need to know that our God is also compassionate to those in need, giving strength to the weary and helping those that are weak. It is this almighty compassionate God that Isaiah is asking about. He asks, “Do you not know? Have you not heard?”
    +
    God Of Wonders
    There are so many “glorious deeds” we could witness about. But we don’t. The problem is we don’t pay attention. We take all that God does for granted. We are like spoiled children failing to see all that God is doing in our life. We have lost the wonderment of being a Christian so we neglect to share of His power and relevance in our life, robbing others of the chance at God’s grace and mercy.
  • Praise Be To Allah (quranalhakeem.com)
    May Allah (SWT) grant us all the ability to recognize His bounties and thank Him more often for things which are indeed great favors, but many unfortunate rarely thank Him as acknowledgement of those blessings.
  • The Prayer on the Messenger of Allah (neicc.net)
    ’When one of you prays, he should begin by glorifying his Lord and praising Him, and then pray for blessing on the Prophet. Then he should ask for anything else he wants afterwards.’” (Sunan Abu Dawud, Witr, 23).
  • how to love allah ? (religiousforums.com)
    =Understanding and having knowledge of Benevolence (His grants, helps) and Beauty (His Noble Attributes) of Allah,
    =pay rights of His obedience through Holy Quran and Holy Prophet (peace and blessings of Allah) and obey what they have asked to obey,
    =paying rights of Allah and Creature, being peaceful,
    =pray,
    =doing good, avoiding bad,
    =conveying His Message,
    =always remembering Him standing sitting reclining,
    =trying to copy His noble attributes at humble human level,
    =thanking Him, glorifying Him and praising Him,
    =and more…
    When one try to do these things, one is said to loving Allah.
  • Spread of Fitnah Part 2: Muslims we are not Apologists, by Student of Knowledge Abdurrahmann Murad (islamsfiniest.wordpress.com)
    brothers and sisters there is one last thing that I must mention here…there is a narration that states that the Prophet, may Allah praise him, sanctioned that non-Muslim combatants be put to the sword as sheep are slaughtered…but this is false…it has not been recorded authentically that the Prophet, may Allah praise him, sanctioned this! Sh. At-Turaifi, may Allah preserve him, said: “As for the story that the Prophet enjoined decapitation and that Ibn Masood, may Allah be pleased with him, brought the decapitated head of one of the Mushriks to him, this is not authentic.”
  • The best Quotes (179) what hardens the heart (safaafromcaeg.wordpress.com)
    “Do not indulge in excessive talk except when remembering Allah.
    Excessive talking without the Remembrance of Allah hardens the heart; and
    Those who are the farthest from Allah are those whose hearts are hard.”
    ——
    The Author: Prophet Muhammad