Fundamenten van het Geloof: 7. Zonde. Overtreding van Gods wil

Gelooft u het getuigenis van God, zijn Zoon en zijn dienaren? #2 Zonde. Overtreding van Gods wil

Omdat God de mens maakte met een vrije wil, en daarmee vrijheid om te kiezen, kunnen wij zowel doen wat Hem behaagt als mishaagt. Dit laatste noemt God zonde.

Maar wat is zonde precies en hoe komt deze tot stand?

De Bijbel leert dat wie weet wat God vraagt maar het niet doet, zondigt tegenover God. Hij overtreedt Zijn wil. Zoals er in de wereld, bij overtreding van de wet, een onderzoek volgt, waarop een straf wordt bepaald, moet er ook in dit geval een toets zijn waarop God Zijn oordeel baseert. Voor Israël was die toets de wet, die ieder lid van het volk geacht werd te kennen:

“… zonde wordt niet toegerekend, als er geen wet is.” (Romeinen 5:13; 3:20)“

… doet u zonde en wordt u door de wet overtuigd van overtreding.” (Jac. 2:9)

“Ja, ik zou de zonde niet hebben leren kennen, tenzij door de wet; immers ook van de begeerlijkheid zou ik niet geweten hebben, indien de wet niet zei: u zult niet begeren.” (Romeinen 7:7)

Geboden en verboden prikkelen ons, onverschillig voor de gevolgen, de wetgever uit te dagen door, in het toegeven aan onze begeerten en hartstochten, de ons gestelde grenzen te overschrijden:

“Maar uitgaande van het gebod, wekte de zonde in mij allerlei begeerlijkheid op; want zonder de wet is de zonde dood.” (Romeinen 7:8)

“Want toen wij in het vlees waren, werkten de zondige hartstochten, die door de wet geprikkeld worden, in onze leden.” (Romeinen 7:5)

De eerste mens overtrad ook een gebod. God had gezegd dat hij van alle bomen mocht eten, maar van één boom af moest blijven. Dit was de toets van zijn gehoorzaamheid. Dit gebod prikkelde de mens echter, en in plaats van zijn begeerte te overwinnen gaf hij er aan toe:

“En de vrouw zag dat de boom goed was om van te eten, en dat hij een lust was voor de ogen, ja, dat de boom begeerlijk was om daardoor verstandig te worden, en zij nam van zijn vrucht en at, en zij gaf ook aan haar man, die bij haar was, en hij at.” (Genesis 3:6)

Hier wordt het proces voorgesteld dat plaats vindt in de menselijke gedachten, waardoor wij proberen onze zonden als niet erg voor te stellen:

“Hoelang zullen in uw binnenste uw zondige overleggingen verwijlen?”

“Arglistig is het hart boven alles, ja verderfelijk is het; wie kan het kennen?”(Jeremia 4:14 en 17:9)

“Want uit het hart komen boze overleggingen …” (Mattheüs 15:19)
“Maar zo vaak iemand verzocht wordt, komt dit voort uit de zuiging en verlokking van zijn eigen begeerte. Daarna, als die begeerte bevrucht is, baart zij zonde …” (Jacobus 1:14)

De mens is in principe vrij, maar wij zijn van nature zo gericht op het bevredigen van onze begeerten, dat wij daarvan, zonder het in te zien, slaven zijn; gevangen in de strik van onze zelfzuchtigheid. God wil ons tegen onszelf beschermen en vraagt ons dat wij ons beheersen om echt vrij te zijn:

“Doch indien u niet goed handelt, ligt de zonde als een belager aan de deur,wiens begeerte naar u uitgaat, doch over wie u moet heersen.” (Genesis 4:7)

“Laat de zonde niet langer als koning heersen in uw sterfelijk lichaam, zodat uaan zijn begeerten zou gehoorzamen … Immers, de zonde zal over u geen heerschappij voeren …” (Romeinen 6:12-14)

“Weet u niet, dat u hem, in wiens dienst u zich stelt als slaven ter gehoorzaamheid, ook moet gehoorzamen als slaven, hetzij dan van de zonde tot de dood, hetzij van de gehoorzaamheid tot gerechtigheid?” (Romeinen 6:16; vergelijk Johannes 8:34)

“… gebruikt echter die vrijheid niet als een aanleiding voor het vlees…” (Galaten 5:13)

God laat ons zien dat er een weg is die naar vrijheid leidt: de weg die Zijn zoon Christus Jezus ging. Zijn voorbeeld is daarom de toets voor ons leven. Hij deed alleen het goede en zondigde niet tegen God. En God vraagt ons Jezus daarin te volgen. Door zijn ‘kruisdood’ toonde hij hoe radicaal hij met de zonde wilde afrekenen, zodat deze geen kans zou krijgen hem in bezit te nemen en te beheersen:

“… daar ook Christus … u een voorbeeld heeft nagelaten, opdat u in zijn voetsporen zou treden; die geen zonde gedaan heeft …” (1 Petrus 2:21-22; vergelijk Hebreeën 4:15).

“… laat u met God verzoenen. Hem (Christus), die geen zonde gekend heeft,heeft Hij (God) voor ons tot zonde gemaakt …” (2 Korintiërs 5:20-21)

“Want wat zijn dood betreft, is Hij voor de zonde eens voor altijd gestorven.” (Romeinen 6:10)

Geen mens kan zeggen dat hij niet op enig moment gezondigd heeft, want allen zijn Adam gevolgd:

“… gelijk door één mens de zonde de wereld is binnengekomen … omdat allen gezondigd hebben … Want allen hebben gezondigd …” (Rom. 5:12; 3:23).

“Indien wij zeggen, dat wij geen zonde hebben, misleiden wij onszelf en de waarheid is in ons niet… Indien wij zeggen, dat wij niet gezondigd hebben, maken wij Hem tot een leugenaar en zijn woord is in ons niet” (1 Johannes 1:8-10; vergelijk Johannes 8:7).

Door de doop geven wij te kennen dat wij voortaan niet meer Adam willen navolgen, maar Christus:

“Want wie Christus Jezus toebehoren, hebben het vlees met zijn hartstochten en begeerten gekruisigd” (Galaten 5:24; vergelijk Mattheüs 5:43-48).

Wie op deze wijze het vlees doodt, is voortaan niet meer bezig met het bevredigen daarvan, maar heeft de gezindheid van Christus. Hij is gericht op het blijvende, in plaats van op het tijdelijke:

“Een ieder, die in Hem (Christus) blijft, zondigt niet; een ieder, die zondigt,heeft Hem niet gezien en heeft Hem niet gekend … Een ieder, die uit God geboren is, doet geen zonde; want het zaad (van God) blijft in hem en hij kan niet zondigen, want hij is uit God geboren.” (1 Johannes 3:6 en 9; 5:18)

“Want al wat in de wereld is: de begeerten van het vlees, de begeerte van de ogen en een hovaardig leven, is niet uit de Vader, maar uit de wereld. En de wereld gaat voorbij en haar begeren, maar wie de wil van God doet, blijft tot in eeuwigheid.” (1 Johannes 2:16-17)

Dit wil niet zeggen dat wij dan niet meer kunnen zondigen, maar dat wij dat niet bewust, opzettelijk meer doen. Wij moeten altijd waakzaam blijven, omdat wij nog in een wereld vol verleidingen leven:

“Als iemand dan weet goed te doen en het niet doet, is het hem tot zonde.” (Jacobus 4:17)

“Want indien wij opzettelijk zondigen, nadat wij tot erkentenis van de waarheid gekomen zijn, blijft er geen offer voor de zonde meer over, maar een vreselijk uitzicht op het oordeel…” (Hebr. 10:26-27).

Vergeving van zonde

Omdat God geen behoefte heeft aan de dood van zondaars, maar wil dat zij leven (Ez.18:23), stelt Hij zich voor als vergevend God (Ex. 34:7), Die voorbijziet aan de zonden van wie in geloof, berouw en bekering tot Hem gaan (Luc. 24:47; Hand. 2:38; 3:19;13:38-39; Rom. 4:7-8; Hebr. 8:12; 1 Joh. 1:7 en 9; Matth. 18:21-35)

J.D.

+

Voorgaande

Fundamenten van het Geloof: De lankmoedigheid van God

Fundamenten van het Geloof 2: De levende en waarachtige God

Fundamenten van geloof 3: De Persoonlijkheid van God

Fundamenten van het Geloof 4: Engelen. Gods volmaakte dienaren

Fundamenten van het Geloof 5: De mens, geschapen naar Gods beeld en als Zijn gelijkenis

Fundamenten van het Geloof 6: Beproeving van het geloof

Wettisch tegenover wet

++

Aanvullende artikelen om te lezen

  1. Betreft de Mens
  2. Een Boom van kennis wordt een Boom van moraal
  3. Bron(nen) van kwaad
  4. Wie brengt het Kwaad over ons
  5. Begrippen satan en duivel in de Bijbel
  6. Duivel, Satan, Lucifer, Demon, Goed en Kwaad en God
  7. Satan het kwaad in ons
  8. Gevallen engelen en hun verblijf
  9. Bestaat er iets als engelen en kunnen die zondigen
  10. Hoe de Satan vandaag rond toert
  11. Zondigen omdat men zondaar is
  12. De Voltooiing van de schepping 4 Buitenbijbelse leer
  13. Bereshith 3:20-24 Moeder van al wat leeft en gevolgen van haar keuze
  14. Bereshith 4:1-24 Kaïn en de Kaïnieten #1 Bereshith 4:1-6 Twee broers en hun offers
  15. Bereshith 4:1-24 Kaïn en de Kaïnieten #3 Bereshith 4:8 De Broedermoord
  16. Kuddedier doet liever wat het niet mag
  17. Fragiliteit en actie #2 Onderwerpen en werken
  18. Fragiliteit en actie #3 Verleden en Vervolg
  19. Fragiliteit en actie #8 Eerste Wetsvoorziening
  20. Fragiliteit en actie #9 Herval zondigheid
  21. Zuiverheid en verantwoordelijkheid van leden en leiders in een gemeenschap
  22. Moreel relativisme
  23. Kleurblindheid en verkeerscode
  24. Leugen, handvat dat alle instrumenten past
  25. Zonde cultiveert negatieve energie
  26. Verscheidene Verbondakkoorden 4 Behouden van de Wet maar Zwak door het vlees
  27. Zondigen verlaat God niet
  28. Kerk hospitaal voor zondaars
  29. Grootste oorzaak van atheïsme in de wereld zijn de Christenen
  30. Onvergeeflijke zonde en berouw
  31. Neem afstand van het kwade
  32. God wil u gunst betonen
  33. Fundamenten van het Geloof: De goedertierenheid van God
  34. Bedekking der zonden
  35. Aanwijzingen voor redding te vinden
  36. Eerste stappen die leidden naar een loskoopoffer 1 Mens geplaatst in wereld van groen en andere levende wezens
  37. Het loon der zonde is de dood; maar de genadegave van God is het eeuwige leven in Christus Jesus
  38. Offers van mensen onvolkomen tegenover het volmaakte slachtoffer door God te leveren 1
  39. Offers van mensen onvolkomen tegenover het volmaakte slachtoffer door God te leveren 4 Verzet tegen God en Overeenkomstige prijs
  40. Vraag: Als men uit God geboren zou zijn waarom zouden wij dan nog vergiffenis moeten vragen?
  41. Antwoord op Vragen van lezers: Gelijk Mozes de slang in de woestijn verhoogd heeft, zo moet ook de Zoon des mensen verhoogd worden
  42. Gelukkig de mens die niet de raad volgt van wie zonder God leven
  43. Vreemdelingschap
  44. Geen race voor de snelste, noch een strijd der helden
  45. Een race niet voor de snelste, noch een strijd om de sterkste
  46. Zij die in de renbaan lopen en geroepen zijn voor rechtvaardiging door geloof
  47. De aanduiding door Paulus en Jacobus van de werken die wij horen te doen
  48. De Bekeerling, bekeringsactie en bekering
  49. Joodse Wetten en Wetten voor Christenen
  50. Doemdenkers en ons lijden
  51. Waarom laat God het kwade toe
  52. Eerlijkheid begin van heiliging
  53. Christadelphians kinderen van God

+++

Gerelateerd

  1. Ontdek jou passie
  2. Nederigheid bring Wysheid
  3. Sat en moeg hiervoor?  Gaan doen wat God doen: Maak ʼn einde daaraan.
  4. Gedrag beide: Vreemd en Lelik!
  5. Metaalskuim.  
  6. Vanself goed genoeg?
  7. Oeps! Foutjie. . .
  8. Onthou wat Hy vir ons gedoen het

De zeven Feesten van God

De zeven Feesten van God zijn de belangrijkste feesten van de hele
Bijbel (Va’Yikra 23, Leviticus 23).

In de Bijbel lezen we niet over kerst, sinterklaas, halloween en zelfs niet over pasen.

English: Shabbat Candles Deutsch: Schabbatkerzen

English: Shabbat Candles Deutsch: Schabbatkerzen (Photo credit: Wikipedia)

We lezen wel over het Pascha (niet te verwarren met het christelijke pasen), het Feest van Ongezuurde Broden, Sjawoeot (Pinksteren, de 50ste dag), Bazuinendag, Jom Kippoer (Grote Verzoendag), Sukkot (Loofhuttenfeest) en de Achtste Dag (het Millennium).

Velen geloven dat de geboden en voorschriften en leringen der mensen (Kol. 2:20-23)  op de Tora betrekking hebben. Dat is een klassieke fout van christenen die menen dat de Wet is afgeschaft/verouderd/geannuleerd

Het eerste feest is de 14de nisan. Lukas noemt het het feest der Ongezuurde Broden, dat Pascha genoemd wordt (Lukas 22:15). Dit feest is niet slechts een feest der herinnering of gedachtenis, maar heeft ook een vooruitwijzende betekenis (Lukas 22:16, 29-30) en heeft betrekking op het Koninkrijk. Het Feest van Pascha is dus niet verouderd. Het is Gods Feest!!!

Dit geldt voor alle zeven Feesten van JHWH.

De spil van Gods Feesten is de Shabbat.

 

Het christendom loochent Gods Woord (Psalm 119:66,115).

 

Kom tot inzicht en bekering.
– Martin Rozestraten

De Tora is niet medegekruisigd, maar mijn strafblad

De Tora is niet medegekruisigd, maar mijn strafblad

 

Lees uw persoonlijke strafblad eens. Het feiten dat het niet meer

op uw naam staat, betekent niet dat u er geen kennis van mag nemen. Het is misschien langer dan u denkt. Steek niet uw kop in het zand, maar lees verder, regel voor regel, tot u op het punt komt dat u met de psalmist en de profeet kunt zeggen:

Want ik ken mijn  overtredingen, mijn zonde staat mij voortdurend voor ogen (Ps. 51:5)
HEERE, wij kennen onze goddeloosheid, de ongerechtigheid van onze vaderen, want wij hebben gezondigd tegen U (Jer. 14:20)
Hoe goed is het om u bewust te zijn van uw strafblad. Het maakt duidelijk wie wij zijn en het maakt duidelijk hoe heilig God is. Het zet ons in de goede positie.Ons hart komt op de goede plaats. Het opent namelijk de weg voor berouw, want ons strafblad confronteert ons met onszelf. Zonder overtuiging van zonde komen wij namelijk niet tot berouw en dat is de plek waar wij moeten komen.
De Wet is niet fout, wij zijn fout!

Daarom hebben wij een strafblad. Op een strafblad staan de gepleegde delicten met de daarbij behorende strafverordeningen. Hierop staat alles geschreven wat er verkeerd hebben gedaan, maar ook al het goede dat we hebben nagelaten te doen. Al onze verkeerde daden, ons foute spreken, zondige gevoelens en onrein denken. Maar ook alle goede daden die we hebben nagelaten, alle positieve woorden die we hebben verzwegen en reine gedachten die we niet hebben toegestaan. Deze hele waslijst is het bewijs van al onze zonden en de straf die wij verdienen. Ieder van ons heeft een persoonlijk strafblad  en het ziet er voor ieder weer anders uit. U begrijpt dat door de jaren heen deze lijst steeds langer wordt. Dit strafblad heeft als functie dat onze ogen geopend worden voor de heiligheid van de wet èn voor wie wij zijn. Als ik tegen de Nederlandse wetgeving heb gehandeld en ik word veroordeeld, dan heb ik een strafblad. Stel dat iemand mijn strafblad op diens naam zet, dan is niet de Nederlandse wetgeving passé, maar voor mij is het strafblad weg. Het staat op een andermans naam. Zo zette Jezus ons strafblad op Zijn naam en de Tora is gewoon blijven staan.

– Martin Rozestraten

Wettisch tegenover wet

Is de Wet verboden terrein? Is de Wet prikkeldraad? Zijn wij ongehoorzaam om de Wet te gehoorzamen? Is de Wet afgedaan, afgeschaft? Is de Wet op slot voor gelovigen? Gaan wij verloren door Gods Sabbat te gehoorzamen?

Paulus zegt iets heel anders.

Zo is dan de Wet heilig, en het gebod is heilig en rechtvaardig en goed (Romeinen 7:12).

Dat zijn woorden van de apostel Paulus.

Hij zegt ook:dat de Wet geestelijk is (Romeinen 7:14).

Het is precies het omgekeerde van wat christenen denken!

In dit licht moeten wij de woorden van Paulus zien:

“wij zijn van de Wet ontslagen (Romeinen 7:6).

De waarheid is dat wij niet vrijgemaakt zijn van de tien geboden, maar

“wij zijn vrijgemaakt van de wet der zonde en des doods” (Romeinen 8:2).

Christenen zijn ongehoorzaam door God niet te gehoorzamen.

De Thora is niet fout, WIJ zijn fout!!!

 

Wettisch

Paulus keerde zich tegen wetticisme. Dus niet tegen de wet. Waar in het  Nieuwe Verbond het woordje wet
staat vermeld, zul je in veel gevallen het woordje wettisch moeten lezen. In het boek Galaten lees je:

“Maar wanneer u door de Geest geleid wordt, bent u niet onderworpen aan de wet (Galaten 5:18).

Wij Joden… weten dat niemand als rechtvaardige wordt aangenomen door de wet na te leven, maar door het geloof in Jeshua de Gezalfde. Ook wij zijn tot geloof in Messias Jeshua gekomen om daardoor. en niet door de wet, rechtvaardig te worden, want niemand wordt rechtvaardig door de wet na te leven (Galaten 2:16).

Het feit dat de wet ons niet rechtvaardigt, betekent niet dat we de Torah naast ons neer kunnen leggen. Er zou een lichtje moeten gaan branden als je deze teksten legt naast de uitspraak van Jeshua, waar Hij zegt dat Hij niet is gekomen om de wet af te schaffen:

Denk niet dat Ik gekomen ben om de Wet of de Profeten af te schaffen. Ik ben niet gekomen om ze af te schaffen, maar om ze tot vervulling te brengen… …. (Matteus 5:17-19)

Stellen wij door het geloof de wet buiten werking? Integendeel, wij bevestigen de wet juist (Romeinen 3:31)

Uit dit tekstgedeelte blijkt dat Jeshua de Torah niet afschaft. Integendeel. Het staat immers zwart op wit: Hij kwam niet om af te schaffen, maar om te vervullen.

Niet de wet wordt weggenomen, maar de sluier! (2 Kor. 3:14,16)

Als je teksten in de Bijbel tegenkomt, die inhoudelijk haaks staan op de woorden van Jeshua, dan mag je ervan uitgaan dat waarschijnlijk iets niet helemaal goed is gegaan bij het vertalen. Het Woord spreekt zichzelf niet tegen.

Paulus wees de toehoorders erop dat ze van de Torah (Psalm 119:105) geen lijst van wettische regeltjes moeten maken. Het in Galaten gebruikte Griekse erga nomou voor wet kan omschreven worden met werken der wet. Wij mensen hebben dikwijls een sterke neiging om Gods onderwijzingen vast te leggen als wet. Zodoende ontwikkelen we religie, traditie en liturgie. De weg naar wetticisme ligt dan wijd open.

Niet leven vanuit vrijheid, maar vanuit slavernij. We willen het heil liever verdienen. We willen ervoor zwoegen. Grote offers brengen. Het zit ons, calvinisten, in het bloed.

God dwingt ons niet in een beklemmende dwangbuis van een serie strenge regeltjes en wetten. Gods Torah is geschreven op de tafels van je hart. Dat zou tot gevolg moeten hebben, dat je ernaar verlangt om je te onderwerpen aan Gods onderwijzing. Je wordt daartoe gedrongen door de Geest van God.
– Martin Rozestraten
+++